Apotheker Harkes-Idzinga: ‘We krijgen veel vragen over medicatie bij morbide obesitas’

mm
Marc de Leeuw
Redactioneel,
4 februari 2020

Als apotheker bij het Geneesmiddel Informatie Centrum van de KNMP is Froukje Harkes-Idzinga een directe schakel tussen wetenschap en praktijk. Zo stelt ze medicatiebewakingsadviezen op die apothekers en voorschrijvers kunnen gebruiken bij patiënten met morbide obesitas en bariatrische chirurgie. 

Apotheker Froukje Harkes-Idzinga is in 2009 bij het Geneesmiddel Informatie Centrum (GIC) van de KNMP terechtgekomen, na eerst een tijd in de openbare farmacie te hebben gewerkt. Bij het GIC stelt ze onder andere medicatiebewakingsadviezen op voor de G-Standaard – een databank die het voorschrijven, afleveren, bestellen, declareren en vergoeden van zorgproducten ondersteunt -, bestemd voor bijvoorbeeld openbaar apothekers, ziekenhuisapothekers, huisartsen en medisch specialisten. 

Apotheker Froukje Harkes-Idzinga

Wetenschap en praktijk

Verder staat ze bij de helpdesk van het GIC apothekers te woord die de KNMP bellen met farmacotherapeutische vragen. De directe verbinding tussen wetenschappelijke informatie en de praktijk spreekt Harkes-Idzinga sterk aan in haar huidige werk. “Bij het opstellen van medicatiebewakingsadviezen selecteer ik relevante wetenschappelijke literatuur. Aan de hand hiervan schrijf ik samen met mijn collega’s medicatiebewakingsadviezen. Deze zijn – na beoordeling door een multidisciplinair expertpanel – direct toepasbaar in de praktijk. Na goedkeuring worden ze opgenomen in de G-Standaard.” 

“Soms kan een medicatiebewakingsadvies in theorie wel kloppen, maar blijkt het in de praktijk lastig uitvoerbaar”

Dosering geneesmiddelen

Eén van de onderdelen in de G-Standaard waaraan Harkes-Idzinga werkt, zijn doserings- en medicatiebewakingsadviezen voor patiënten met morbide obesitas en patiënten die bariatrische chirurgie hebben ondergaan. Deze adviezen voorzien in een behoefte, want apothekers krijgen in toenemende mate te maken met morbide obese patiënten en patiënten die een bariatrische operatie, zoals een gastric sleeve of een gastric bypass, hebben ondergaan. Op dit moment vinden er in Nederland jaarlijks zo’n 12.000 bariatrische operaties plaats, meer bij mannen dan bij vrouwen. De gastric bypass is daarbij het populairst, gevolgd door de gastric sleeve. 

Aangezien de farmacokinetiek bij morbide obesitas en bariatrische chirurgie sterk gewijzigd kan zijn, leven er bij apothekers veel vragen over hoe geneesmiddelen bij deze specifieke patiënten moeten worden gedoseerd. “Op de helpdesk krijgen we hierover regelmatig vragen”, zegt Harkes-Idzinga. “Momenteel zijn er in Nederland nog geen richtlijnen die vertellen hoe je medicatie moet doseren bij deze patiënten.”

Expertpanel

De KNMP heeft daarom enkele jaren geleden besloten te investeren in de ontwikkeling van medicatiebewakingsadviezen voor deze patiënten. Harkes-Idzinga legt uit hoe de KNMP-adviezen tot stand komen. “Wij stellen de adviezen op en een multidisciplinair expertpanel beoordeelt deze. In dit expertpanel zitten openbaar apothekers, ziekenhuisapothekers, poliklinisch apothekers, internist-endocrinologen, huisartsen en bariatrisch chirurgen. Dit project loopt sinds het voorjaar 2017 en het aantal nieuwe adviezen groeit gestaag”, vertelt ze. 

“Een geneesmiddel innemen op een lege maag is niet handig voor patiënten met een maagverkleining”

“Als we op basis van wetenschappelijke informatie een reeks doserings- en medicatiebewakingsadviezen hebben opgesteld, bespreken we die eerst intern”, vertelt ze. “Vervolgens leggen we de adviezen als voorstel voor aan het expertpanel. Soms keurt het panel de adviezen in één keer goed, maar het gebeurt ook wel dat een advies moet worden bijgesteld. De deskundigen in het expertpanel zijn vooral praktisch ingesteld en hebben klinische expertise, en dat heeft een meerwaarde. Soms kan een medicatiebewakingsadvies in theorie wel kloppen, maar blijkt het in de praktijk lastig uitvoerbaar. Daarom is praktische input zo fijn”, legt ze uit.

Naast de doserings- en medicatiebewakingsadviezen werkt Harkes-Idzinga ook aan praktische adviezen die apothekers kunnen gebruiken voor medicatiebegeleiding bij deze patiënten. “Een geneesmiddel innemen op een lege maag is niet handig voor patiënten die een maagverkleining hebben ondergaan. Een mogelijk advies is dan om een alternatief te zoeken dat niet op een lege maag hoeft te worden ingenomen.” 

“Apothekers weten lang niet altijd dat hun patiënten bariatrische chirurgie hebben ondergaan”

Implementatie

Nu de lijst met adviezen voor patiënten met morbide obesitas en bariatrische chirurgie gestaag langer wordt, is het belangrijk dat deze adviezen ook goed ‘landen’ in de praktijk van alledag. “We hebben daarom vanuit de KNMP geïnventariseerd waar mogelijke knelpunten zitten voor implementatie. Eén van de al bekende knelpunten is dat apothekers lang niet altijd weten dat hun patiënten bariatrische chirurgie hebben ondergaan. De communicatie tussen de tweede en de eerste lijn kan op dit punt zeker nog beter. Bij de KNMP werken we aan ondersteuning op dit vlak.”

Farmacokinetiek

Daarbij is nog meer onderzoek nodig om onderbouwing te verzamelen voor medicatiebewaking bij morbide obesitas en bariatrische chirurgie. “Momenteel moeten we het doen met de – soms erg beperkte – gegevens uit de literatuur en de expert opinion van leden van het multidisciplinaire expertpanel”, zegt ze. “Vooral over het effect van bariatrische chirurgie op de farmacokinetiek zijn nog heel weinig gegevens beschikbaar. Zelf heb ik de wens om hier ook onderzoek naar te gaan doen. Ik denk nog na over een concreet plan hiervoor, in overleg met onder andere leden van het expertpanel.”  

, , , , ,
Deel dit artikel