DOQ

Avelumab effectief bij zwangerschap-gerelateerde chemo-resistente trofoblasttumoren

Bij patiënten met een zwangerschap-gerelateerde trofoblasttumor (GTT) die resistent is voor chemotherapie met een enkel medicijn, had avelumab een gunstig bijwerkingenprofiel. Ongeveer de helft van de patiënten genas in de TROPHIMMUN-trial, voor zover bekend de eerste prospectieve studie naar een immunotherapeuticum bij patiënten met GTT. De onderzoekers vinden dan ook dat avelumab een nieuwe behandeloptie zou kunnen zijn, vooral voor patiënten die anders combinatiechemotherapie zouden krijgen.

Voor de behandeling van GTT is chemotherapie momenteel de steunpilaar. Vrouwen met een GTT die resistent is voor chemotherapie met een enkel medicijn, krijgen andere chemotherapeutische medicijnen. Hoewel die behandelingen effectief zijn, veroorzaken ze aanzienlijke toxiciteit. 

Alle subtypen van GTT brengen programmed death-ligand 1 (PD-L1) tot expressie. Bij de trofoblast-immunosurveillance zijn natural killer (NK)-cellen betrokken. Avelumab (anti-PD-L1) induceert door NK-cellen gemedieerde cytotoxiciteit. 

(bron foto pixabay)

TROPHIMMUN-trial

In de fase II TROPHIMMUN-trial kregen 15 vrouwen met GTT die ziekteprogressie vertoonden na chemotherapie met een enkel medicijn, iedere twee weken avelumab 10 mg/kg intraveneus, totdat de humaan choriongonadotrofine (hCG)-spiegel was genormaliseerd. Vervolgen kregen ze drie consolidatiecycli. 

De mediane leeftijd was 34 jaar. Stadium I was aanwezig bij 53,3% en stadium III bij 46,7% van de vrouwen. De score van de International Federation of Gynecology and Obstetrics (FIGO) was 0-4 bij 33,3%, 5-6 bij 46,7% en ≥ 7 bij 20% van de patiënten. In het verleden hadden alle deelnemende vrouwen methotrexaat en 7% had actinomycine D gekregen. 

Adverse events en hCG-normalisatie 

Gedurende een mediane follow-up van 25 maanden kregen de vrouwen mediaan acht avelumab-kuren per persoon. Graad 1-2 behandeling-gerelateerde adverse events traden op bij 93% van de patiënten, meestal vermoeidheid (33,3%), misselijkheid en vomitus (33,3%) en infusiegerelateerde reacties (26,7%). Eén patiënt had een uteriene bloeding graad 3, maar die was niet gerelateerd aan de behandeling. 

Bij acht patiënten (53,3%) normaliseerde de hCG-spiegel na gemiddeld negen avelumab-cycli. Bij geen enkele patiënt ontstond op een later moment een recidief. De kans op hCG-normalisatie was niet geassocieerd met ziektestadium, FIGO-score of hCG-spiegel op baseline. 

Eén patiënt had vervolgens een gezonde zwangerschap. Bij avelumab-resistente patiënten (46,7%) normaliseerde de hCG-spiegel bij behandeling met actinomycine D (42,3%) of combinatiechemotherapie en chirurgie (57,1%).

Opmerkelijke aspecten

De bevindingen zijn volgens de onderzoekers om verschillende redenen opmerkelijk. Ten eerste is deze studie opgestart en uitgevoerd in een kort tijdsbestek voor een dergelijke zeldzame kanker, die ontstaat bij ongeveer één op de 10.000 zwangerschappen. Dit is mogelijk gemaakt door het netwerk van gespecialiseerde centra voor zwangerschap-gerelateerde trofoblastische aandoeningen. 

Daarnaast toonde de studie een hoge werkzaamheid aan voor avelumab, een niet-chemotherapeutische behandeloptie bij patiënten met een GTT die resistent was tegen chemotherapie met een enkel medicijn. Bij 53% van de patiënten normaliseerde de hCG-spiegel tijdens of na behandeling met avelumab. Na een mediane follow-up van 29 maanden had geen van deze patiënten een recidief ontwikkeld, wat neerkomt op genezing. In eerdere studies naar chemotherapie bij patiënten met GTT trad een recidief op bij 85% binnen 24 maanden en bij alle patiënten binnen 37 maanden. 


You B, Bolze P-A, Lotz J-P, et al. Avelumab in Patients With Gestational Trophoblastic Tumors With Resistance to Single-Agent Chemotherapy: Cohort A of the TROPHIMMUN Phase II Trial. J Clin Oncol. 2020;JCO2000803. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/32716740/

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”