DOQ

Behandel Hindoestanen met diabetes eerder om MACE te voorkomen

Cardiovasculaire complicaties (MACE) doen zich vanaf het startpunt diagnose diabetes bij Hindoestanen gemiddeld vier jaar eerder voor dan bij Europeanen. Dit verschil is zelfs zeven jaar bij Hindoestanen met diabetische retinopathie (DR). Dat is de uitkomst van het cohortonderzoek van Judith van Niel, verpleegkundig specialist bij het HaaglandenMC, en Nel Geelhoed-Duijvestijn, gepensioneerd internist van het Haaglanden MC. Zij voerden het onderzoek uit in samenwerking met de afdeling Public Health van het LUMC.
 

Van Niel en Geelhoed voerden hun cohortstudie, onderdeel van een breder promotieonderzoek van Van Niel, uit bij 3831 volwassenen met diabetes type 2. Daaronder vielen 1358 Hindoestanen en 2473 Kaukasische Nederlanders, allen behandeld in de Diabetespolikliniek van het Haaglanden MC in de periode 2006 – 2017. In maart 2021 is hun onderzoek gepubliceerd in Endocrinology, Diabetes & Metabolism.

Gepensioneerd internist Nel Geelhoed-Duijvestijn

Hoger risico

De geïncludeerde patiënten werden verdeeld in drie cohortgroepen, patiënten zonder DR, patiënten met milde DR, en patiënten met ernstige DR. Geelhoed: “We wisten al dat Hindoestanen vanaf jongere leeftijd een hoger risico lopen op diabetes en cardiovasculaire aandoeningen dan Kaukasische Nederlanders. Het was alleen niet bekend hoe groot dit verschil is. Daarnaast is er de laatste jaren veel wetenschappelijke discussie over DR als extra risicofactor voor MACE. In onze studie laten we zien dat het percentage mensen met MACE in de groep zonder DR weliswaar vergelijkbaar is met Europeanen, maar dat MACE wel al vier jaar vroeger optreedt bij Hindoestanen. Dat verschil in aantal jaren neemt vervolgens significant toe bij de groep Hindoestanen met DR.”

“Als we bij Kaukasische Nederlanders tevreden zijn met een cholesterolgehalte van 2,5, dan is het verstandig om bij Hindoestanen 1,5 te nemen als streefnorm”

Eerder en agressiever

‘Eerder en agressiever’ preventief behandelen van alle cardiovasculaire risicofactoren bij Hindoestanen met diabetes; dat is de voornaamste aanbeveling van Geelhoed om MACE bij deze patiëntengroep te helpen voorkomen. “Laten we beginnen het cholesterol zo laag mogelijk te krijgen. Als we bij Kaukasische Nederlanders tevreden zijn met een cholesterolgehalte van 2,5, dan is het verstandig om bij Hindoestanen 1,5 te nemen als streefnorm.”
Geelhoed wijst er daarbij op dat er een nieuwe generatie cholesterolverlager op de markt is, een PCSK-9-remmer die ook een gunstige invloed lijkt te hebben op de lipidenhuishouding, een belangrijke risicofactor voor MACE. “Hindoestanen hebben vaker een verhoogd apoB, een eiwit dat een rol speelt bij de lipidenhuishouding. Mogelijk zijn genetische factoren daarbij van invloed. Statines verlagen het apoB niet, PCSK-9 remmers wel. De PCSK-9-remmers zijn echter dure geneesmiddelen, die de huisarts nog niet kan voorschrijven. Bovendien kennen we de langetermijneffecten ervan nog niet. Maar op termijn zouden ze Hindoestanen met diabetes bij de preventie van MACE veel gezondheidswinst kunnen opleveren.”

“Het taboe op diabetes is groot onder Hindoestanen. Het is iets dat ze liever ontkennen”

Taboe

Naast vroegtijdige inzet van statines blijft een goede behandeling van de diabetes bij Hindoestanen van belang. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, weet Geelhoed, die als internist in het Haaglanden MC jarenlang Hindoestanen in haar spreekkamer zag. “Het taboe op diabetes is groot onder Hindoestanen. Het is iets dat ze liever ontkennen. Het is belangrijk dat je je daar als behandelaar bewust van bent.”

“We hopen met dit onderzoek het risico op MACE bij Hindoestanen te verkleinen en te werken aan meer gezondheidswinst voor deze kwetsbare doelgroep”

Lagere sociaaleconomische status

De cohortstudie vormt één van de deelstudies van het promotieonderzoek van Van Niel, met Geelhoed als co-promotor. “We willen met deze studie nog een aantal andere vragen onderzoeken. Zoals de invloed van de veelal lagere sociaaleconomische status van Hindoestanen op de complicaties van en mortaliteit door diabetes. En het veelvuldig gebruik van alternatieve geneesmiddelen en hun ideeën over de mogelijkheden van zelfzorg. De diabetes-specifieke database (DiabetesNed) die we in het Haaglanden MC hebben opgebouwd, vormt daarbij een goudmijn voor ons. We hopen met dit onderzoek ons uiteindelijke doel te bereiken: het risico op MACE bij Hindoestanen verkleinen en werken aan meer gezondheidswinst voor deze kwetsbare doelgroep.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij geneesmiddel­keuze

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.