DOQ

Bij patiënten met CKD en T2DM minder achteruitgang nierfunctie en CV-events met finerenone

Bij patiënten met een chronische nierziekte (CKD) en type 2-diabetes mellitus (T2DM) ging bij behandeling met de niet-steroïde, selectieve mineralocorticoïd-receptorantagonist finerenone de nierfunctie minder snel achteruit en traden minder cardiovasculaire (CV)-events op dan in de placebogroep. Deze resultaten van de FIDELIO-DKD-studie verschenen onlangs in NEJM.

T2DM is de belangrijkste oorzaak van CKD wereldwijd. De internationale richtlijnen voor de behandeling van CKD bij T2DM-patiënten adviseren om bij de bloeddruk- en glucoseregulatie gebruik te maken van een renine-angiotensine-systeem (RAS)-blokker (ACE-remmer of angiotensine-receptorblokker) en meer recentelijk van een natriumglucose cotransporter 2 (SGLT2)-remmer. Ondanks de aanbevolen behandeling kan de nierziekte achteruitgaan. Daarom zijn nieuwere therapieën nodig.

(bron foto iStock)

Mineralocorticoïd-receptorantagonisten

Overactiviteit van de mineralocorticoïd-receptor blijkt betrokken te zijn bij de pathogenese van cardiorenale ziekten, waaronder CKD en diabetes. Een meta-analyse toonde aan dat de eiwit- of albumine-excretie in de urine met 31% afnam bij behandeling van CKD-patiënten met een steroïde mineralocorticoïd-receptorantagonist. Er ontbraken echter gegevens over harde klinische uitkomsten.
In preklinische modellen had finerenone krachtiger anti-inflammatoire en antifibrotische effecten dan steroïde mineralocorticoïd-receptorantagonisten. Finerenone vermindert de albumine-creatinine-ratio in de urine bij CKD-patiënten die worden behandeld met een
RAS-blokker, terwijl het minder effect heeft op serumkaliumspiegel dan spironolacton.

FIDELIO-DKD-studie

In deze dubbelblinde studie kregen 5734 patiënten met CKD en T2DM willekeurig finerenon of placebo. Patiënten die in aanmerking kwamen, hadden een albumine-creatinine-ratio in de urine van 30-300, een geschatte glomerulaire filtratiesnelheid (eGFR) van 25-60 ml/min/1,73 m2 lichaamsoppervlak en diabetische retinopathie, of ze hadden een albumine-creatinine-ratio in de urine van 300-5000 en een eGFR van 25-75 ml/min/1,73 m2.
Alle patiënten werden behandeld met een renine-angiotensine-systeem (RAS)-blokkade die voorafgaande aan de randomisatie was aangepast tot de maximaal geregistreerde dosis waarbij geen onaanvaardbare bijwerkingen optraden.

Betere uitkomsten

Het primaire samengestelde eindpunt, beoordeeld in een time-to-event-analyse, was het optreden van nierfalen, een aanhoudende afname van ≥ 40% in de eGFR ten opzichte van baseline of overlijden door een renale oorzaak. Tijdens een mediane follow-up van 2,6 jaar trad een event van het primair eindpunt op bij 17,8% van de patiënten in de finerenone-groep en bij 21,1% in de placebogroep (hazard ratio 0,82; p = 0,001).
Het belangrijkste secundaire samengestelde eindpunt, dat eveneens werd beoordeeld in een time-to-event-analyse, was overlijden door cardiovasculaire oorzaken, niet-fataal hartinfarct, niet-fatale beroerte of ziekenhuisopname vanwege hartfalen. Een secundair eindpunt trad op bij 13,0% van de patiënten in de finerenone-groep en bij 14,8% in de placebogroep (HR 0,86; p = 0,03).
Over het algemeen was de frequentie van adverse events vergelijkbaar in de twee groepen. De behandeling met finerenone werd vaker gestopt vanwege hyperkaliëmie in vergelijking met placebo (respectievelijk 2,3% en 0,9%).

Minder nierfunctie-achteruitgang

De FIDELIO-DKD-studie toonde aan dat bij patiënten met CKD en T2DM bij behandeling met finerenone minder achteruitgang van de CKD en CV-events optraden dan in de placebogroep.


Referentie: Bakris GL, Agarwal R, Anker SD, et al. Effect of Finerenone on Chronic Kidney Disease Outcomes in Type 2 Diabetes. New Engl J Med. 2020, Oct 23. DOI: 10.1056/NEJMoa2025845. https://www.nejm.org/doi/full/10.1056/NEJMoa2025845?query=featured_home

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Morfine als post­opera­tief alter­natief voor oxycodon: helpt dat eigenlijk?

Apotheker Eward Melis onderzocht of morfine na een operatie veiliger is dan oxycodon als het gaat om langdurig opioïdgebruik, zoals de laatste jaren steeds vaker wordt gesuggereerd. “Ik had dit niet verwacht.”

Carrièresabotage: ‘Het is niet eerlijk en het kan ook jou overkomen’

Jamiu Busari onderzocht het fenomeen carrièresabotage in de medische en academische wereld. Veel respondenten herkenden het direct. Waarom blijft dit soort onrecht vaak onbesproken? “Dit fenomeen raakt ons allemaal.”

Casus: vrouw met steeds meer episodes van draaiduizeligheid

Een 52-jarige vrouw, die als tiener menstruele migraine heeft gehad, komt op uw spreekuur vanwege episodes van draaiduizeligheid. Een episodes duurt meestal 30-60 minuten. Er zijn geen duidelijke triggers, zoals hoofdbewegingen. Wat is uw diagnose?

Bewegingsgerichte zorg stimuleert zelfredzaamheid van patiënten

Bewegingsgerichte zorg kan helpen functieverlies tijdens ziekenhuisopname te beperken, vertellen Selma Kok en Fabienne van der Meulen. Dit leidt tot onder andere kortere opnames. Samen vertellen ze over het belang van bewegingsgerichte zorg.

Zorgverleners slaan handen ineen tegen handel in recept­medicatie

Een nieuw protocol helpt voorschrijvers om handel van receptmedicatie bij kwetsbare groepen tegen te gaan. Marleen Horsting en Lennart Wasmoeth lichten de achtergrond hiervan toe. “Op straat wordt pregabaline ook wel ‘madame courage’ genoemd.”

‘Er is zoveel ervarings­kennis onder genees­kunde­student­en, zonde om die niet te gebruiken’

Geneeskundestudenten met een chronische ziekte hebben ervaring als patiënt en weten hoe het is om met een aandoening te leven. Het programma ‘Medische dubbeltalenten’ zet die ervaringskennis in het onderwijs in. Dubbeltalent Soete Meertens vertelt.

Chronische pijn anders bekeken

Oud-huisarts Henk van der Veen stelt dat chronische pijn niet onverklaarbaar is, maar verkeerd wordt beoordeeld. “Patiënten kunnen hun pijn meestal heel precies aanwijzen. Maar artsen doen daar te weinig mee.”

Casus: aanhoudende benauwd­heid ondanks inhalatie­medicatie

Een 32-jarige vrouw met astma vanaf de kinderleeftijd wordt verwezen naar de longarts vanwege persisterende benauwdheid en een drukkend gevoel op de borst, ondanks stapsgewijze ophoging van de inhalatiemedicatie. Wat is uw diagnose?

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?