Casus: een patiënt met moeilijk behandelbaar hartfalen met behoud van ejectiefractie (HFpEF)

mm
Pfizer
Kennispartner,
8 november 2021

Een 65-jarige Kaukasische hoogopgeleide man bezoekt uw cardiologisch spreekuur. Op verzoek van patiënt verwees zijn cardioloog in een regionaal ziekenhuis hem naar u voor een second opinion. Patiënt heeft ondanks uitgebreide medicamenteuze behandeling progressieve dyspnoe en vermoeidheidsklachten, eerder geduid als passend bij diastolisch hartfalen met een linker ventrikel ejectiefractie >50% (HFpEF) met als waarschijnlijke oorzaak een langer bestaande onbehandelde hypertensie. Patiënt is bezorgd dat er misschien sprake is van een ander onderliggend lijden. U verricht een uitgebreide anamnese en aanvullend onderzoek.

Bevindingen bij anamnese en lichamelijk onderzoek:

  • 65-jarige man, uiterlijk congruent met de kalenderleeftijd
  • BMI 25kg/m2, ex-roker met 5 pakjaren in adolescentie, alcohol 3 EH/dag
  • Cardiale voorgeschiedenis: afgelopen jaar tweemaal presentatie op de eerste harthulp wegens decompensatio cordis waarvoor diuretica
  • Overige medische voorgeschiedenis: allergische rhinosinusitis vanaf adolescentie, appendectomie op 23-jarige leeftijd, en bilateraal carpaal tunnel syndroom op 58-jarige leeftijd waarvoor chirurgie.
  • Medicatie: furosemide 40mg 1dd3 (opgehoogd in 3 maanden tijd wegens progressie symptomen), spironolacton sinds kort in dosis 50mg 1dd1, losartan 25mg 1dd. Recent gestaakt: perindopril (bijwerkingen), metoprolol 50mg 1dd (toename klachten).
  • RR 145/90, p 68/min r.a., ademhalingsfrequentie in rust 16/min, sO2 (vingermeting) 98%
  • Geen auscultatoire souffles over hart en vaten waarneembaar
  • Tachypnoe bij milde inspanning, zoals loopje van wachtkamer naar spreekkamer

Aanvullend onderzoek:

  • ECG: deze laat in alle voorwandafleidingen lage voltages zien van het QRS complex, en er zijn aanwijzingen voor biatriale dilatatie met in afleiding V1 een groot eerste deel van de bifasische P-top en een diep en breed tweede deel van de bifasische P-top. Dit ECG is niet correct, er is atriumfibrilleren en dat betekent dat er geen P-toppen op te zien zijn.
  • Echocardiogram: normale kamerfunctie beiderzijds (LVEF 57%), concentrische linker ventrikelhypertrofie met ook verdikt rechter ventrikel, dilatatie beide atria, en geringe mitralis- en tricuspidalisinsufficiëntie. Longitudinaal strain patroon met apicale sparing
  • MRI: Linker en rechter ventrikelhypertrofie, aanwijzingen voor pericardvocht, dilatatie van beide atria, en diffuus fibrose zichtbaar in het hart, en een verhoogde natieve myocardiale T1 waarde.
  • Laboratiumonderzoek: normaal bloedbeeld + leukocytendifferentiatie, lever- en nierfunctietest ongestoord, troponine-T 0,81 (ref <0,01 mg/l), CK 153 (ref<200U/L), CK-MB 23 (ref <30 U/L), NT-proBNP 415 (ref <125 pg/ml) lichte ketens: ratio kappa/lambda 1,01 (ref 0,26-1,65 mg/l), M-proteïne IgG 5 (ref <15 g/l).
  • Urine: geen afwijkingen, Bence-Jones negatief

Geef uw diagnose:

Auteur: Dr. A.S. Amin, cardioloog – Amsterdam UMC
PP-TAF-NLD-0580