DOQ

De patiënt doet lastig, en dan?

Ze bellen vaak, komen te laat of juist te vaak, zijn veeleisend of ontwijkend, snel gekrenkt of ongrijpbaar. Patiënten met een persoonlijkheidsstoornis kunnen soms veel losmaken, niet alleen in het behandeltraject, maar ook in het hoofd van de arts. “Voor je het weet ga je overcompenseren, vermijden of je ergeren”, zegt GZ-psycholoog en psychotherapeut Thom van den Heuvel (Radboudumc). “Zeker jonge artsen, die sterk gericht zijn op contact en erkenning, lopen het risico zichzelf daarin kwijt te raken.”

Persoonlijkheidsstoornissen zijn allesbehalve zeldzaam. Volgens Van den Heuvel wordt bij ongeveer één op de tien patiënten de behandelrelatie bemoeilijkt door onderliggende problematiek, zoals borderline, narcisme of paranoïde, afhankelijke of dwangmatige trekken. “Deze relatief kleine groep is verantwoordelijk voor zo’n 40% van het zorggebruik”, zegt hij. “Niet alleen omdat ze vaker lichamelijke klachten hebben, maar ook omdat de communicatie moeizaam verloopt, therapietrouw hapert en inschatting van zorgbehoefte ingewikkeld is. Het contact met deze patiënten vraagt meer tijd en legt tegelijk emotionele druk op de arts, juist doordat hun gedrag moeilijk te duiden is.”

“Wat je ook doet, het lijkt nooit genoeg of komt verkeerd over”

GZ-psycholoog en psychotherapeut Thom van den Heuvel

Wat maakt de omgang met deze patiënten zo lastig?
“Het gedrag van patiënten met een persoonlijkheidsstoornis is vaak tegenstrijdig. Zij proberen zich staande te houden in stressvolle situaties, maar doen dat op manieren die averechts werken. Iemand wil bijvoorbeeld serieus genomen worden, maar stelt zich zo dwingend op dat je juist afstand voelt. Of iemand klampt zich vast, terwijl jij ruimte nodig hebt om helder te blijven denken. En wat je ook doet, het lijkt nooit genoeg of komt verkeerd over.”

Waar moet je als arts op letten?
“Let vooral op jezelf, op je reactiepatronen. Ga je anders reageren dan je normaal zou doen? Twijfel je aan je oordeel? Zucht het hele team als deze patiënt weer langskomt? Dat zijn signalen. Vaak voel je het eerder dan je het rationeel kunt uitleggen.”

Wat helpt in de omgang?
“Denk niet dat de omgang helemaal zonder stress kan, maar leer ermee omgaan. Bespreek het in het team. Niet alleen om te ventileren, maar ook om scherp te krijgen wat er bij jou gebeurt en hoe je kunt reageren. Oefen voor jezelf of samen ook lastige gesprekken en voorkom dat je frustratie zich alleen uit in het dossier of in onderling geklaag.”

“Zet de olifant in de kamer”

Hoe kun je het best met deze patiënten omgaan?
“Eén van de krachtigste technieken in de omgang met deze groep: valideren én begrenzen. Erken de worsteling achter het gedrag. Benoem het onbedoelde effect van het gedrag. Leg het op tafel. Niet om het goed te praten, maar om het contact werkbaar te maken. Ik noem dat: ‘de olifant in de kamer zetten’. Zeg bijvoorbeeld: ‘We hebben het er eerder over gehad dat u zich in het verleden vaak niet serieus genomen hebt gevoeld. Maar als u voor elke klacht belt, kunnen wij de ernst ook niet meer goed inschatten. En dat wil ik niet, want ik wil u juist goed helpen.’”

Waarom is deze groep medisch extra relevant?
“Omdat ze aantoonbaar meer gezondheidsrisico’s lopen. Vooral bij borderlinepatiënten zien we een verhoogde prevalentie van vrijwel alle somatische aandoeningen, van diabetes en obesitas tot hart- en darmziekten. Vaak is ook het stresssysteem al vroeg ontregeld, soms al in de baarmoeder. Dat maakt deze patiënten lichamelijk kwetsbaarder en psychisch minder toegerust om goed met klachten om te gaan.”

“Voel wat het gedrag met jou doet, herken het patroon en blijf professioneel”

Wat zijn typische valkuilen?
“Elke stoornis roept iets anders op bij jou als zorgverlener. Paranoïde patiënten wantrouwen je zodra je te aardig doet. Dwangmatige types zuigen je leeg in details. Afhankelijke patiënten leggen hun besluitvorming bij jou. En narcistische patiënten voelen zich snel gekleineerd en gaan in reactie daarop jou naar beneden duwen. De kunst is: voel wat het gedrag met jou doet, herken het patroon en blijf professioneel, zonder koud te worden.”

Wat hoopt u dat artsen meenemen uit uw nascholing?
“Dat lastig gedrag zelden voortkomt uit onwil. Deze mensen missen geen geweten maar vaardigheden. En dat betekent niet dat je alles moet slikken, maar wel dat je anders kunt kijken. Valideer het onvermogen, stel grenzen waar nodig, en hou vast aan de kern: ik wil je helpen, maar ik kan dat alleen als je mij helpt om jou te helpen.”

Eerder sprak Van den Heuvel in DOQ over de omgang met narcistische patiënten.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: oudere dame met opvallende moedervlek

Een 75-jarige dame komt op uw spreekuur om een nieuw ontstane, opvallende moedervlek op het bovenbeen te laten onderzoeken. Ze heeft er geen last van, maar vraagt zich af of het kwaad kan. Wat is uw diagnose?

Morele stress te lijf gaan door in actie te komen

In haar boek De dappere dokter behandelt huisarts, coach en auteur Marga Gooren morele en emotionele stress in het dokterschap. Ze biedt ook handvatten en oefeningen om daar iets aan te doen. “Mijn boodschap is dat je wél in actie kunt komen.”

Veilige zorg begint met begrijpelijke communicatie

Voor passende zorg is het overbruggen van taalbarrières essentieel. Hoe je dat doet, is te vinden in de nieuwe richtlijn ‘Omgaan met taalbarrières in de zorg en het sociaal domein’. Jako Burgers: “Als communicatie hapert, kan de zorg onveilig worden.”

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij geneesmiddel­keuze

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.


Lees ook: De narcistische patiënt: grenzen stellen met passende vleierij

Naar dit artikel »