DOQ

De toekomst van robots in de chirurgie

Chirurgische robots gaan de gezondheidszorg waarschijnlijk ingrijpend veranderen. Hoe zorg je ervoor dat die ontwikkeling echt meerwaarde heeft voor patiënten, zorgverleners en de maatschappij? Dat is het onderzoeksgebied van Maroeska Rovers (Radboudumc en Universiteit Twente). Zij schreef mee aan een recente publicatie hierover in Nature en ontwikkelde samen met haar collega’s van het Radboudumc een cursus voor bedrijven en innovatoren in de zorg.

Toepassing van robots, ook wel robotica genoemd, is allang geen science fiction meer in de zorg. Een bekend voorbeeld is het Da Vinci-systeem waarbij een chirurg gebruik maakt van robotarmen voor onder andere de behandeling van long- of prostaatkanker of vervanging van een ernstig lekkende mitralisklep. Daarmee is het mogelijk om operaties heel precies uit te voeren. De robot werkt bij zulke behandelingen niet zelfstandig. “Er zit altijd nog iemand achter de controller om de robot te bedienen”, zegt Rovers. “In de chirurgie ondersteunt de robot dus de chirurg. Er komen steeds meer toepassingen, zoals specifieke robotica voor de ogen, ruggenmergchirurgie of voor knieoperaties.”

(Foto: Fokke Eenhoorn)

“Een robot zou de zorg niet duurder moeten maken, en het liefst zelfs goedkoper”

Prof. of Medical Technology & Innovation Maroeska Rovers

Vanaf begin evalueren

Op het eerste gezicht is dit een mooie ontwikkeling, maar Rovers benadrukt dat toepassing van robotica al in een vroeg stadium moet worden geëvalueerd. Dat is ook de boodschap in de publicatie in Nature. “Zorgvuldige ontwikkeling en implementatie is essentieel, met aandacht voor de wensen en behoeften van patiënten en samenwerking tussen alle belanghebbenden. Nu worden veel robotica eerst op de markt gebracht en pas daarna geëvalueerd. Wij zeggen: begin al vanaf de eerste ontwikkelstap met evalueren, om na te gaan of een toepassing daadwerkelijk een verbetering is. Ook de prijs is daarbij een belangrijk aspect: een robot zou de zorg niet duurder moeten maken, en het liefst zelfs goedkoper.”

“Een gerandomiseerde studie met robotica is veel ingewikkelder dan met een medicijn”

Ingewikkelder

De ontwikkeling van nieuwe medicijnen gebeurt met continue evaluatie van de veiligheid en meerwaarde, via fase 1-, 2- en 3-studies. Maar voor robotica gebeurt dat veel minder, weet Rovers. “Een gerandomiseerde studie met robotica is veel ingewikkelder dan met een medicijn. De werking van een pil kun je in een studie vergelijken met een placebo zonder de werkzame stof. Maar bij opereren met of zonder een robot gaat het om veel meer factoren, zoals de samenwerking en deskundigheid van het operatieteam en de OK-omgeving. Het verschil is niet alleen de robot.”

Er is sinds 2022 Europese wetgeving voor medische apparatuur. Die was ook nodig want in het verleden konden apparaten in de zorg worden geïntroduceerd en gebruikt zonder uitgebreide testen vooraf. “We pleiten ervoor om vroeg te beginnen met onderzoek naar wenselijkheid, werking en veiligheid van robotica. Daarna kan een grote effectiviteitsstudie worden gedaan. Daar zijn verschillende designs voor, bijvoorbeeld door ziekenhuizen met en zonder een bepaalde robot met elkaar te vergelijken. De publicatie in Nature beschrijft wat je bij elke ontwikkelstap moet kunnen aantonen, van eerste idee tot implementatie, en welke partijen je bij de evaluaties moet betrekken.”

“Robots maken de zorg pas goedkoper als die iets anders vervangen”

Brede analyse nodig

Vanwege de Europese wetgeving passen sommige bedrijven die manier van werken al toe. Maar ze kijken volgens Rovers vooral naar effectiviteit en nog te weinig naar kosteneffectiviteit. “Dat is nog wel een knelpunt. Robotsystemen kunnen de zorg helpen tegen het personeelstekort, maar ze zijn duur. Daarom is een brede analyse nodig van de kosten en baten, inclusief de economische levensvatbaarheid, de duurzaamheid en de impact op het milieu. Feitelijk geldt dit voor alle medische technologie, ook kunstmatige intelligentie. Nu is veel technologie ‘iets extra’s’ in ziekenhuizen. Maar robots maken de zorg pas goedkoper als die iets anders vervangen, bijvoorbeeld OK-personeel. Zo’n beslissing moeten we op een gegeven moment wel durven nemen.”

Wereld te winnen

Rovers heeft veel onderzoek gedaan naar evaluatie van medische apparatuur: hoe doe je dat, wie betrek je erbij, hoe onderzoek je kosteneffectiviteit en hoe kun je de ontwikkeling van een toepassing bijsturen voordat die op de markt komt? Haar kennis en ervaring is verwerkt in een cursus om bedrijven en innovatoren te helpen bij deze processen. Uit haar onderzoek blijkt dat dat hard nodig is: “We hebben vijftien bedrijven voor medische OK-technologie gevraagd of zij patiënten betrekken bij de ontwikkeling. Geen van de vijftien deed dat. Terwijl hun toepassing wel het lichaam van de patiënt ingaat. Er valt dus nog een wereld te winnen. Robotica is de toekomst, maar er zijn nog veel hordes om medische technologie goed naar de markt te brengen en te implementeren in de zorg.”

Referentie: Marcus HJ, Ramirez PT, Khan DZ, et al. The IDEAL framework for surgical robotics: development, comparative evaluation and long-term monitoring. Nature Medicine, 2024;30:61–75.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Apothekers krijgen vergoeding voor therapietrouw­gesprekken

Therapietrouwgesprekken door apothekers worden in Noord-Limburg bij wijze van proef vergoed. Apotheker Erna Mombarg legt uit wat deze gesprekken opleveren. “Ik krijg uit het hele land van collega’s reacties: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’”

Als oorlog de zorg op de proef stelt

Bij een grootschalig conflict zullen ook Nederlandse ziekenhuizen grote aantallen gewonde militairen moeten opvangen. Traumachirurg en militair Eelco Huizinga vertelt wat dat van de zorg kan vragen. “Als zorgprofessional moet je je afvragen: wat wordt er van mij verwacht?”

Wacht niet tot de patiënt zich uitspreekt

Patiënten lijken tegenwoordig mondiger dan ooit. Maar vijftig jaar onderzoek laat een ander beeld zien. Mondigheid blijkt bovendien niet alleen iets van de patiënt: ook de zorgverlener bepaalt hoeveel ruimte een patiënt krijgt, stelt Sandra van Dulmen.

Casus: vrouw met pijn op de borst na kankerdiagnose

Een 73-jarige vrouw bezoekt de Spoedeisende Hulp vanwege misselijkheid, kortademigheid en acute pijn op de borst. Een paar dagen ervoor kreeg zij te horen dat zij waarschijnlijk uitgezaaide alvleesklierkanker heeft. Wat is uw diagnose?

Gebrek aan samenwerking remt inzet van AI in de zorg

Veel AI-toepassingen voor de zorg bereiken de werkvloer niet. Sara Ben Hmido onderzocht welke barrières implementatie in de weg staan en legt uit waarom samenwerking vanaf het begin cruciaal is. “Als AI-ontwikkelaar moet je vanaf het begin optrekken met zorgverleners.”

Casus: vrouw met symptomatisch galsteenlijden zonder cholecystitis

Een 41-jarige vrouw bezoekt de SEH vanwege buikpijn. Echografie van het abdomen toont een dunwandige galblaas gevuld met concrementen en verwijde galwegen. De radioloog concludeert dat er sprake is van choledocholithiasis zonder cholecystitis. Wat is uw beleid?

Voorkom aangeleerde hulpe­­loosheid: laat zorgprofessionals zelf met oplos­­singen komen

Als zorgprofessionals herhaaldelijk ervaren dat hun inbreng niets verandert, kunnen ze stoppen met meedenken. Kjeld Aij legt uit hoe kleine verbeteringen en meer invloed op de werkvloer aangeleerde hulpeloosheid kunnen voorkomen. “Er is bijna altijd enige invloed, hoe klein ook.”

Op het spoor van een intoxicatie

Volgens SEH-arts en toxicoloog Femke Gresnigt ontbreekt een intoxicatie nog te vaak in de differentiaaldiagnose. “Soms denken we daar pas aan als andere oorzaken zijn uitgesloten. Dan kan er al kostbare tijd verloren zijn gegaan.”

Casus: progressieve kortademigheid na embolisatie van een varicocele

Een 36-jarige man presenteert zich op de SEH met toenemende kortademigheid, hoesten, algehele malaise en koorts. Negen dagen ervoor heeft hij een endovasculaire embolisatie met cyanoacrylaat ondergaan vanwege een symptomatische varicocele. Wat is uw diagnose?

Meer halen uit bestaande medicijnen

Een verminderde nierfunctie betekende lange tijd dat pemetrexed geen behandeloptie was. Rob ter Heine en Nikki Bleijs-de Rouw onderzochten hoe dit toch veilig kan worden ingezet en lieten zien hoeveel winst te behalen valt met onderzoek naar bestaande geneesmiddelen.