DOQ

Anesthesioloog dr. Ennema: ‘Dokters vragen niet snel om hulp, terwijl dat wel belangrijk is om een goede dokter te blijven’

‘Ik werkte in Utrecht als thoraxanesthesist’, begint Jacob Ennema. ‘Wij opereerden een baby van een paar maanden oud. Het lukte niet en het kind stierf. De chirurg zei vrijwel meteen “bestel kind twee maar”. Maar daar had niemand behoefte aan, merkte ik. De collega’s aan tafel wilden praatten over wat er was gebeurd. Wij hebben toen alles nog een keer doorgenomen en pas na een uur kwam het volgende kind.’

‘Het was begin jaren 90 en van peer support had nog niemand gehoord’, vertelt dr. Jacob Ennema, anesthesioloog-intensivist. ‘Maar toen dat kindje overleed merkte ik zo goed dat mensen daar over wilden praten. Stel het volgende kind was wel meteen naar de operatiekamer gebracht…Wij hadden hem dan niet de juiste zorg kunnen bieden.’

V.l.n.r.: dr. Jacob Ennema en drs. Rik Withaar Foto: Isala, Bianke Buursma

Dezelfde werksfeer

In 2006 zijn wij in Isala begonnen met Peer support, vertelt klinisch psycholoog drs. Rik Withaar. ‘Dus opvang voor artsen die iets ernstigs en/ of indrukwekkends hebben meegemaakt. Maar er kwam niemand. Wij stonden nog te veel in de “wij gaan je helpen stand”, nu helpen wij niet maar bieden wij een luisterend oor. Wij zeggen bijvoorbeeld dat je een goede dokter bent en dat de gevoelens van schuld weer verdwijnen. Sinds 2014 doen wij dat onder de naam CONEG, oftewel Collegiale Opvang na een Ernstige Gebeurtenis. Artsen die in gesprek gaan met collega artsen. Het werkt namelijk het beste om de opvang te laten doen door collega’s die in dezelfde werksfeer zitten.’

Schaamte om hulp

Maar storm loopt het nog steeds niet. Withaar: ‘Het is goed dat Ina (Kuper, Raad van Bestuur, red.) het stimuleert. Als er ernstige incidenten in het ziekenhuis zijn geweest, verzoekt Ina ons om contact met de betrokken dokter op te nemen. Uit zichzelf komen dokters eigenlijk nooit naar ons toe.’ ‘Stoerheid’, denkt Ennema. ‘Of schaamte. Schaamte dat een patiënt onder jouw handen is overleden of schaamte omdat je hulp nodig hebt. Jammer, want goede zorg voor jezelf is belangrijk om een goede dokter te kunnen zijn.’ Withaar: ‘Uit onderzoek blijkt dat dokters na een ernstige gebeurtenis zich defensief kunnen gaan gedragen. Bijvoorbeeld meer onderzoeken aanvragen om alles uit te sluiten. Of kort af worden. Wie toch met één van ons in gesprek gaat, is altijd tevreden en zegt er iets aan te hebben. Wij hebben een paar gesprekken. Of ik bel of mail nog een keer om te checken of iemand weer slaapt nachts en weer met plezier naar zijn werk gaat.’

Onbegrip

‘Het is het onverwachte wat indruk maakt’, vertelt Ennema. ‘Een kind dat sterft. Of een patiënt die sterft aan een longembolie tijdens een relatief eenvoudige heupoperatie. Wat ook indruk op mij heeft gemaakt, was een ernstig zieke vrouw. Zij lag bij ons op de IC en ze moest eigenlijk weer geopereerd worden. Ze wilde niet, ze wilde sterven. Haar lichaam was op. Wat mij raakte, waren haar kinderen. Die vielen mij bijna aan. Ze wilden dat ik iets deed voor hun moeder, koste wat het kost. Zij hadden totaal geen oog voor haar en hoe het echt met haar ging. Ik heb ze aan het bed van hun moeder gezet en gezegd dat ze met haar moesten praten. Uiteindelijk is deze mevrouw gestorven. Alleen. Haar kinderen waren er niet bij. Het gedrag van haar dochters en hun onbegrip maakte veel indruk op mij.’

Eigen netwerk

Toch zocht Ennema na deze gebeurtenis niet de hulp van CONEG Peer support. ‘Nee. Ik heb zelf een netwerk waar ik mijn verhaal kwijt kan. Mijn vrouw is bijvoorbeeld ook arts. En het is prima wanneer jij je eigen netwerk hebt. Zoek dat vooral op. Maar als je dat niet hebt, klop dan aan bij CONEG. Wanneer je als politieagent iets ergs meemaakt, dan is er meteen hulp en je kunt naar huis. In het ziekenhuis draait het programma gewoon door.’ Withaar: ‘Er zijn artsen die tekenen vertonen van PTSS. Een aandoening die vroeger in het leger ook niet erkend werd, maar nu wel. In de zorg gaat het eveneens veranderen. Er is gelukkig steeds meer aandacht voor peer support en de positieve effect daarvan.’

Auteur: Bianke Buursma

Bron: Isala
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”

‘Sta eens vaker stil en reflecteer’

Veel artsen lopen vast op vragen over werkdruk, keuzes en werk-privébalans. Shirin Bemelmans-Lalezari pleit daarom voor meer reflectie en open gesprekken over twijfels in de medische loopbaan. “Juist de eigenschappen die veel artsen delen, kunnen later in de weg gaan zitten.”