Dr. Hendriks: ‘Arts-onderzoeker moet ruimte maken voor eigen onderzoek, maar ook voor begeleiden jonge onderzoekers’

mm
Judith Cohen
Redactioneel,
17 februari 2021

Jonge artsen (i.o.) lopen er tegenaan dat onderzoek en klinische zorg zich moeilijk laten combineren. “We weten dat steeds meer jonge collega’s afhaken op het doen van onderzoek, en niet willen promoveren”, zegt onderzoeker en longarts dr. Lizza Hendriks. Komende vijf jaar zet Hendriks zich actief in voor vroeg loopbaanbeleid om jongeren geïnteresseerd te krijgen en gemotiveerd te houden voor onderzoek. Ook pleit ze voor een nieuwe manier van erkennen en waarderen van wetenschappelijke carrières. “Niet alleen één onderzoeker, maar het hele team eromheen verdient de erkenning en waardering.”

Dr. Lizza Hendriks, longarts en onderzoeker in het MUMC, is recent aangesteld als lid van de Jonge Akademie, een platform van de KNAW waarin jonge topwetenschappers samenwerken op het gebied van onderzoek en wetenschapsbeleid. Vanaf april gaat zij zich vijf jaar lang inzetten voor vroeg loopbaanbeleid onder co’s, aio(s) en artsen. Met een aanpassing in werkindeling én in de vorm van erkennen en waarderen streeft zij naar een drempelverlaging voor onderzoek uitvoeren door artsen.

Onderzoeker en longarts dr. Lizza Hendriks

Afknapper

Hendriks heeft zelf ervaren dat er wel wat meer ondersteuning mag komen voor jonge onderzoekers. Aangezien ze al vanaf jonge leeftijd interesse in de wetenschap had, werd zij al in het tweede studiejaar student-assistent. Helaas mondde dit uit in een onprettige ervaring, zegt ze. Mede door haar onervarenheid en verlegenheid, plus te weinig ruimte in de agenda van de begeleider om haar de supervisie en motivatie te geven die zij nodig had, knapte ze naar eigen zeggen vol

 

Login om verder te lezen

Nog geen account? Meld u hier gratis aan.

, , , , ,
Deel dit artikel