EULAR publiceert COVID-aanbevelingen voor reumapatiënten

mm
Koen Scheerders
Redactioneel,
8 juli 2020

De EULAR (EUropean League Against Rheumatism) heeft richtlijnen opgesteld voor reumapatiënten die te maken krijgen met het coronavirus en COVID-19. De richtlijnen zijn het resultaat van online overleg tussen 22 Europese experts in de reumatologie. De EULAR hoopt dat dit document specifiekere richtlijnen geeft die gelden voor reumapatiënten. Dat schrijven onderzoekers van het Amsterdam Rheumatology & Immunology Center (ARC).

Sinds de uitbraak van de coronapandemie hebben verschillende overheden en organisaties, zowel nationaal als internationaal, richtlijnen gepubliceerd die bijdragen aan de preventie, diagnose en behandeling van een infectie met het coronavirus en COVID-19. Die richtlijnen gelden echter voor iedereen, niet voor reumapatiënten in het bijzonder. Dat maakt ze vaak te beperkend, of juist te ruim voor specifieke patiëntengroepen. De EULAR besloot daarom een lijst met aanbevelingen samen te stellen die gelden voor Europese reumatologen en hun patiënten. 

(bron foto pixabay)

Taskforce

De EULAR besloot snel te schakelen met betrekking tot het publiceren van deze richtlijnen. Hoofdreden daarvoor was de overvloed aan fake news, terwijl reumapatiënten vragen hebben voor hun behandelend arts met betrekking tot COVID-19 en hun behandeltraject. De EULAR besloot daarom niet te wachten tot het verschijnen van robuuste wetenschappelijke kennis over dit onderwerp, maar een taskforce in te stellen die een consensusdocument kon opstellen, gebaseerd op de huidige kennis. Deze groep bestond uit 22 reumatologen en immunologen van statuur, die in april via videoconferencing vergaderden over de richtlijnen. De taskforce werd geleid door prof. dr. Robert Landewé van het Amsterdam Rheumatology & Immunology Center (ARC). Alle onderzoekers genoemd in het artikel maakten deel uit van de groep.

Principes en aanbevelingen

De taskforce kwam tot vijf overkoepelende principes:

  • Tot nu toe is er nog geen bewijs dat reumapatiënten meer risico hebben op infectie met het coronavirus dan anderen. Ook de prognose lijkt onveranderd bij deze patiënten. 
  • De diagnose COVID-19 bij reumapatiënten moet primair worden gesteld door een expert op dit vakgebied, zoals een longarts, internist of specialist op dit gebied.
  • Als veranderen of staken van de behandeling ter sprake komt, houdt de reumatoloog daarvoor de verantwoordelijkheid.
  • Het gebruik van immuunsuppressiva voor het behandelen van COVID-19 is een multidisciplinaire aangelegenheid. 
  • Off-labelgebruik van DMARDs voor de behandeling van COVID-19 buiten klinische trials moet worden vermeden. 

Daarnaast stelden de experts de volgende aanbevelingen op:

  • Reumapatiënten wordt aangeraden zich te houden aan de geldende preventie- en controlemaatregelen, zoals de gezondheidsautoriteiten die hebben opgesteld. 
  • Reumapatiënten wordt geadviseerd om zich te houden aan dezelfde preventie- en controlemaatregelen als niet-reumapatiënten.
  • Patiënten die geen COVID-19 hebben, kunnen hun behandeling ongewijzigd voortzetten.
  • Consulten kunnen tijdelijk worden stopgezet als de klachten stabiel zijn en geen toxiciteit voor geneesmiddelen aanwezig is. 
  • Bij actieve ziekte, onlangs gestarte therapie of als een verandering in therapie nodig is, kan de patiënt in samenspraak met de behandelend arts overleggen of de risico’s een ziekenhuisbezoek rechtvaardigen. Een afspraak kan ook plaatsvinden op afstand. 
  • In het geval van een polibezoek moet het behandelteam de patiënt inlichten over het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.
  • Reumapatiënten zonder COVID-19, maar die wel in contact zijn geweest met iemand met het coronavirus zouden zich zelf ook moeten laten testen op het virus.
  • Reumapatiënten met COVID-19 onder behandeling met glucocorticoïden hoeven deze behandeling niet te staken.
  • Bij reumapatiënten met milde COVID-19-klachten die worden behandeld met een DMARD kan aanpassing van de behandeling nodig zijn. Het behandelteam kan dit individueel bespreken.
  • Reumapatiënten met verergerende COVID-19-klachten moeten in contact worden gebracht met een specialist op het gebied van COVID-19. Mocht een reumapatiënt als gevolg van deze klachten worden opgenomen, dan kan deze daarvoor dezelfde behandeling ontvangen dan andere patiënten.
  • Reumapatiënten zonder symptomen van COVID-19 wordt aangeraden een nieuwe vaccinatie aan te vragen volgens de EULAR-aanbevelingen, met in het bijzonder aandacht voor pneumokokken en influenza.
  • Bij reumapatiënten die worden behandeld met cyclofosfamide of glucocorticoïden, wordt profylaxe aangeraden voor Pneumocystis Jiroveci.

Levend document

De EULAR ziet deze aanbevelingen als een ‘levend document’: het is bedoeld als een startpunt, dat kan worden aangepast als er nieuwe bevindingen bekend zijn die een mogelijke impact hebben op patiënten met reumatische aandoeningen. Daarbij heeft de commissie zoveel mogelijk in de pas willen lopen met de Amerikaanse, Duitse en Britse beroepsverenigingen. De taskforce hoopt dat deze aanbevelingen op termijn niet meer nodig zullen zijn, naarmate meer wetenschappelijk bewijs beschikbaar komt over de behandeling van COVID-19 bij reumapatiënten. Zij hoopt dat dit document een stimulans vormt voor verder onderzoek op dit gebied.


EULAR Provisional Recommendations for the Management of Rheumatic and Musculoskeletal Diseases in the Context of SARS-CoV-2. Landewe RB, Machado PM, Kroon F et al. Ann Rheum Dis. 2020 Jul;79(7):851-858. doi: 10.1136/annrheumdis-2020-217877.

, , ,
Deel dit artikel