DOQ

Fantastic Four blijken écht fantastisch

Patiënten met hartfalen met een verminderde ejectiefractie (HFrEF) krijgen in principe dezelfde standaardzorg, ongeacht de oorzaak van het hartfalen of comorbiditeit. De standaardbehandeling bestaat uit vier medicijnen die samen de Fantastic Four worden genoemd. Daan Ceelen is geneeskundestudent en promovendus in het UMC Groningen en werkte mee aan een systematische review en meta-analyse over de werkzaamheid van verschillende farmacologische interventies bij hartfalen. “Door de Fantastic Four leven mensen met hartfalen, afhankelijk van hun leeftijd bij diagnose, tussen de vijf en acht jaar langer dan bij placebo.”

Hartfalen komt veel voor in het Westen, zo ook in Nederland. “Zo’n 246.000 mensen in Nederland hebben hartfalen”, vertelt Daan Ceelen. “Ongeveer 40-50% van de patiënten met hartfalen heeft daarbij een verminderde ejectiefractie (HFrEF).” In Nederland wordt voor de behandeling van hartfalen grotendeels de Europese richtlijn van de European Society of Cardiology gevolgd. Ceelen: “Daarin worden vier medicijnen aanbevolen voor de behandeling van HFrEF: angiotensine receptor neprilysine-remmers (ARNI’s), bètablokkers, aldosteronreceptorantagonisten (MRA’s) en SGLT2-remmers.” Deze geneesmiddelcombinatie wordt ook wel de Fantastic Four genoemd. De verschillende geneesmiddelen dragen elk op hun eigen manier bij aan de behandeling van hartfalen.

“Voor een patiënt van 50 jaar leidt de behandeling tot een overleving van 7,8 jaar langer”

Promovendus Daan Ceelen

Systematische review en meta-analyse

Ceelen en collega’s hebben onlangs de resultaten gepubliceerd van een systematische review en meta-analyse naar de effecten van verschillende behandelregimes bij HFrEF. Hierin werden ten opzichte van de vorige analyse aanvullend een aantal nieuwe, grote RCT’s meegenomen. “In de meta-analyse hebben we alle 89 RCT’s die tot op heden zijn gedaan voor HFrEF samengevoegd, en hier vervolgens een netwerkanalyse op losgelaten. Vervolgens hebben we op basis van de cohorten waar wij beschikking over hebben, zoals het BIOSTAT CHF-cohort en de ASIAN-HF Registry, uitgerekend hoeveel gezondheidswinst de verschillende behandelingen opleverden ten opzichte van placebo.”

“Voor een patiënt van 50 jaar berekenden we dat behandeling met de Fantastic Four tot een overleving van 7,8 jaar langer leidt dan placebo. Voor een patiënten ouder dan 70 was dit verschil 5,3 jaar. Daarnaast zagen we dat toevoeging van een nieuw middel, vericiguat, aan de Fantastic Four nog meer overlevingsvoordeel biedt.” De hazardratio voor mortaliteit ten opzichte van placebo was 0,39 (95%-BI: 0,32-0,49) bij de Fantastic Four, en 0,35 (95%-BI: 0,27-0,45) bij Fantastic Four plus vericiguat. De resultaten met betrekking tot vericiguat moeten wel met een korreltje zout genomen worden, waarschuwt Ceelen. “Deze berekening is gebaseerd op één RCT: de VICTOR-trial. En in die studie werd de primaire uitkomstmaat (composiet van tijd tot overlijden met cardiovasculaire oorzaak of ziekenhuisopname vanwege hartfalen) niet behaald, alleen een secundaire uitkomstmaat (tijd tot overlijden met cardiovasculaire oorzaak) was positief.”

“Hopelijk kunnen we dit oude middel nieuw leven inblazen”

Andere geneesmiddelen

Hoewel de Fantastic Four volgens deze meta-analyse dus een effectieve behandeling is bij HFrEF, wordt er nog steeds gezocht naar manieren om de behandeling beter te maken. Ceelen: “Er zijn een hoop lopende RCT’s in het hartfalenveld. Bijvoorbeeld onderzoek naar geneesmiddelen uit het diabetesveld, waar de SGLT2-remmers oorspronkelijk ook vandaan zijn gekomen. Zo wordt onderzoek gedaan naar GLP-1a-agonisten, zoals semaglutide. Die studies richten zich nu met name op obesitas en diabetes, maar het lijkt erop dat patiënten minder snel hartfalen ontwikkelen als ze behandeld worden met een GLP-1a-agonist. Daarnaast lopen er trials naar medicijnen die inflammatie remmen, omdat we vermoeden dat inflammatie een grote rol speelt bij hartfalen.”

Ook oude geneesmiddelen worden opnieuw onder de loep genomen. “Digoxine was een van de eerste medicijnen die werd gebruikt bij hartfalen, voornamelijk bij patiënten met boezemfibrilleren en HFrEF. We onderzoeken of het middel een goede aanvulling is op de Fantastic Four bij hartfalen. Hopelijk kunnen we dit oude middel nieuw leven inblazen.”

Meer maatwerk

Naast onderzoek naar nieuwe, betere geneesmiddelcombinaties wordt ook veel aandacht besteed aan het kunnen gaan leveren van maatwerk. “Hartfalen is eigenlijk een syndroom van symptomen en klachten en niet één bepaalde ziekte”, legt Ceelen uit, “Toch delen we patiënten vooral in op basis van de ejectiefractie, en binnen zo’n ejectiefractie-subklasse krijgt vrijwel iedereen dezelfde behandeling. Dat is opvallend, want de oorzaken en comorbiditeit van hartfalen lopen sterk uiteen.”  Dat vraagt dus om meer maatwerk qua behandelingen. In het UMCG loopt bijvoorbeeld de PROFILE-studie, waarin we kijken naar overvullingsstatus. Patiënten met hartfalen houden veel vocht vast, wat in de longen of benen kan gaan zitten. Hiervoor worden patiënten in het ziekenhuis ontwaterd, maar deze behandeling werkt niet bij iedereen even goed. We hopen dat op basis van bepaalde fenotypes beter te voorspellen. Bijvoorbeeld door te kijken naar de plek waarop het vocht zich in het lichaam ophoopt.”

Referentie: Van Essen BJ, et al. Pharmacologic treatment of heart failure with reduced ejection fraction: an updated systematic review and network meta-analysis. J Am Coll Cardiol. 2025 Aug 30:S0735-1097(25)07572-2.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: man met hematurie, mictieklachten en afwijkingen in de blaas

Een 66-jarige man bezoekt de polikliniek Urologie vanwege macroscopische hematurie en mictieklachten. Hij heeft al jaren een slappe straal en moeite met helemaal leegplassen. Ook moet hij één tot twee keer per nacht plassen. Wat is uw diagnose?

‘Elk specialisme moet op zoek naar zijn eigen fietshelm-project’

Marcel Aries combineert zijn werk als intensivist met een nieuwe rol als preventie-intensivist. Hij pleit ervoor dat iedere medisch specialist zich inzet voor preventie van vermijdbare aandoeningen en letsels. “Ik zie zoveel ellende die te voorkomen is.”

‘De Nutritheker’: medicatie­gebruik terug­dringen door verbete­ring van leefstijl

Rinske Pauw verruilde de ziekenhuisapotheek voor een praktijk waarin medicatie, voeding en leefstijl samenkomen. “Het heeft me altijd geboeid hoe je door preventie mensen gezond kunt houden, met zo min mogelijk medicatie.”

‘Dokter, hoe is het met mijn frame?’

Meer dan veertig jaar stond wielerarts Jos Benders midden in het peloton om acute medische zorg te verlenen. Nu hij het stokje overdraagt, blikt hij terug op een tijd vol mooie herinneringen én uitdagingen. “Ik was als eerste arts bij geletruidrager Fabian Cancellara.”

‘Claimende en eisende patiënten maken de werk­druk onhoudbaar’

Dermatoloog Annemie Galimont stopte met haar specialisatie ‘eczeem’. Het grensoverschrijdende gedrag waar ze mee te maken kreeg, werd haar te veel. “Jij hebt een weekendje getiktokt en komt míj vertellen hoe ik mijn werk moet doen?”

Patiënten positief over doorgebruik van thuis­medicatie in het ziekenhuis

In Rijnstate mogen patiënten hun thuismedicatie doorgebruiken tijdens een opname. Claudia Heijens vertelt wat dit oplevert. “We moeten niet voor 100% het proces willen controleren, maar ook dingen los durven laten.”

Nederlandse gezondheidszorg schiet tekort voor kwetsbare ouderen

Emiel Hoogendijk onderzocht hoe sociale isolatie en kwetsbaarheid elkaar versterken bij ouderen en geeft aanbevelingen voor aanpassingen in de gezondheidszorg die bijdragen aan ‘healthy ageing’. “De medische zorg en sociale zorg zouden beter geïntegreerd moeten worden.”

Casus: vrouw met jeukende getatoeëerde wenkbrauwen

Een 69-jarige vrouw met allergisch contacteczeem en hooikoorts bezoekt uw spreekuur vanwege jeuk en zwelling van haar getatoeëerde wenkbrauwen sinds een jaar. Behalve de zwelling ziet u ook een scherp begrensde, erythemateuze plaque en schilfering. Wat is uw diagnose?

Duurzame leefstijl­verbete­ring: ‘Begin met kleine stappen’

Waarom lukt het ons vaak niet om gezonder te leven, zelfs als we weten wat goed voor ons is? En hoe voorkomen we dat goede voornemens voortijdig stranden? In zijn boek laat psychiater Rogier Hoenders zien hoe zorgverleners hun patiënten én zichzelf op het juiste spoor kunnen zetten.

Een tweede leven voor niet-gebruikte geneesmiddelen

Jaarlijks wordt voor zeker 100 miljoen euro aan ongebruikte medicatie vernietigd. Doodzonde, vindt apotheker Bart van den Bemt. Zijn studies droegen bij aan een wijziging van de Europese wetgeving, waardoor heruitgifte onder voorwaarden mogelijk wordt.