Log in om uw persoonlijke bookmarks op te kunnen slaan.
Het belang van goede ethiekondersteuning bij morele twijfels over euthanasieverzoeken
Vanwege de vergrijzende bevolking stijgt het aantal euthanasieverzoeken. Ook de maatschappelijke druk op artsen om de verzoeken in te willigen neemt toe. Dat kan leiden tot ‘morele stress’. Medisch ethici kunnen artsen helpen om deze stress te verlichten en hen ondersteunen bij een zorgvuldige afweging van complexe euthanasieverzoeken. Soms missen zij echter de competenties om die rol goed in te vullen, stelt medisch ethicus Suzanne Metselaar van Amsterdam UMC.
Metselaar heeft genoeg voorbeelden van complexe euthanasieverzoeken. Zoals een vrouw met ongeneeslijke kanker die aangeeft ondraaglijk te lijden en zo snel mogelijk euthanasie wenst. Maar iedere keer dat de huisarts haar thuis bezoekt, zit ze rechtop in bed, maakt ze grapjes met haar bezoek of voert ze een amicaal telefoongesprek met een vriendin. De huisarts twijfelt of er op dit moment echt sprake is van ondraaglijk lijden, een belangrijk zorgvuldigheidscriterium voor euthanasie.
Een ander voorbeeld. Ditmaal een oudere man met een opeenstapeling van ouderdomsklachten die het hem onmogelijk maken te doen wat hij vroeger altijd graag deed. De man ziet het leven niet meer zitten en dringt bij de huisarts aan op euthanasie. Deze ziet dat er inderdaad sprake is van een lage levenskwaliteit. Maar is dit een ‘voltooid leven’-wens of ondraaglijk lijden vanwege een medische oorzaak? En zijn er voor deze meneer geen alternatieven? Hulpmiddelen die zijn leven mogelijk draaglijker zouden kunnen maken wees hij eerder af. De huisarts voelt zich onder druk gezet.

“Bij twijfels over een euthanasieverzoek kan de morele belasting voor artsen groot zijn”
Medisch ethicus Suzanne Metselaar
Morele belasting
Artsen kunnen bij morele twijfel over een euthanasieverzoek ondersteuning inroepen van een medisch ethicus. Die kan samen met de arts reflecteren op de casus of een moreel beraad faciliteren: een gestructureerde dialoog over morele twijfel in de zorgpraktijk, doorgaans met andere zorgverleners. Op basis daarvan kan een arts tot een weloverwogen beslissing komen: wel of geen euthanasie verlenen.
Volgens Metselaar is het essentieel dat een medisch ethicus goed bekend is met de wetgeving rondom euthanasie. Daarnaast moet de ethicus aandacht hebben voor de morele stress die een arts kan ervaren. “Bij twijfels over een euthanasieverzoek kan de morele belasting voor artsen groot zijn. Zij voelen vaak een grote verantwoordelijkheid. Vergeet niet, het gaat om leven en dood. Een arts moet het voor zichzelf kunnen verantwoorden om daar zijn of haar medewerking aan te verlenen. En natuurlijk ook als er nadere vragen komen vanuit een toetsingscommissie. Artsen kunnen hier echt wakker van liggen.”
Juist daarom vindt Metselaar het belangrijk dat een ethicus ook oog heeft voor de impact die zo’n verzoek op een arts kan hebben. “Het gaat niet altijd om het vinden van het ‘juiste’ antwoord. Soms draait het vooral om de erkenning dat een arts voor een lastige keuze staat. En dat het nog niet zo vanzelfsprekend is wat het beste is om te doen.”
Het euthanasiedebat
Ook is het belangrijk dat medisch ethici op de hoogte zijn van het euthanasiedebat, en wat er speelt in de samenleving, vervolgt Metselaar. Het aantal euthanasieverzoeken in Nederland neemt jaarlijks toe. Mede door de vergrijzing zal die stijgende lijn de komende jaren doorzetten. Daarnaast neemt de bandbreedte van euthanasieverzoeken toe, bijvoorbeeld bij psychiatrisch lijden, vergevorderde dementie of een voltooid leven.
Veel artsen ervaren volgens Metselaar een toenemende maatschappelijke druk om verzoeken in te willigen. “Of ze krijgen juist veel publieke kritiek, omdat ze een euthanasieverzoek hebben ingewilligd dat controversieel is voor anderen. Ook vanwege deze toegenomen maatschappelijke druk moeten we ervoor zorgen dat ethiekondersteuning voor artsen goed is georganiseerd.”
“Niet iedere medisch ethicus kent de euthanasiewet goed”
Voldoende competent?
Zijn medisch ethici voldoende competent om dit naar behoren te doen? Vaak wel, maar niet altijd, stelt Metselaar. Samen met medisch ethicus Eva Asscher schreef zij daar een beschouwend artikel over. Ze zetten uiteen wat de rol en toegevoegde waarde is van medisch ethici bij de ondersteuning van artsen bij complexe euthanasieverzoeken. En ze gaan in op hoe het wel en niet moet. “We zien bijvoorbeeld dat niet iedere medisch ethicus de euthanasiewet goed kent, met name de toepassing en interpretatie van de zorgvuldigheidscriteria. Dit is echter wel een belangrijke voorwaarde voor goede ethiekondersteuning. Hier is ruimte voor verbetering.”
Consensus ontbreekt
Verschillen in scholing zijn medeverantwoordelijk voor verschillen in kennis en expertise, vermoedt Metselaar. “Sommige ethici werken als academisch opgeleid medisch ethicus in een ziekenhuis of andere zorginstelling, anderen hebben alleen een nascholing of training gevolgd om ethische ondersteuning te kunnen geven. Zij kunnen allemaal door artsen worden geconsulteerd. Consensus ontbreekt over welke competenties een medisch ethicus nodig heeft om een arts goed te kunnen ondersteunen bij morele twijfels rondom euthanasie.”
Metselaar stelt daarom voor dat medisch ethici meer met elkaar in gesprek gaan over de competenties die zij nodig achten om artsen goed te ondersteunen bij complexe euthanasieverzoeken. “Dat gesprek vindt vooralsnog niet plaats binnen onze beroepsgroep. Ik hoop dat dat gesprek op gang gaat komen, en dat we hierover tot meer consensus kunnen komen. Het zou ook mooi zijn als we op basis hiervan een landelijke opleiding of training kunnen ontwikkelen.”
“We hebben medisch ethici nodig die deskundig, goed vindbaar en beschikbaar zijn voor alle artsen die morele twijfels hebben over een euthanasieverzoek”
Competent, vindbaar en beschikbaar
Daarnaast hoopt Metselaar dat medisch-ethische ondersteuning toegankelijker wordt, met name voor huisartsen. “Dat is de groep artsen die veruit de meeste euthanasieverzoeken uitvoert. Tegelijkertijd zijn er vaak geen ethici beschikbaar in de eerstelijnszorg. Die werken vooral in ziekenhuizen en zorginstellingen. We doen huisartsen daarmee tekort. We hebben medisch ethici nodig die deskundig, goed vindbaar en beschikbaar zijn voor alle artsen die morele twijfels hebben over een euthanasieverzoek.”
Michel van Dijk
