DOQ

ICS-gebruik resulteert in diverse veranderingen in longmicrobioom

Er is steeds meer bewijs dat inhalatiecorticosteroïd (ICS) via meerdere mechanismen resulteert in veranderingen van het longmicrobioom. In een studie die in het blue journal verscheen, is voor de eerste keer op een longitudinale, gerandomiseerde en gecontroleerde wijze het effect van ICS-gebruik op het microbioom van de onderste luchtwegen in kaart gebracht.

Vanwege hun talloze effecten op het immuunsysteem zijn glucocorticoïden in staat om zowel infecties te vergemakkelijken als de uitkomsten daarvan te verbeteren. Een langdurige behandeling met orale glucocorticoïden is een bekende risicofactor voor infecties, zoals Pneumocystis-pneumonie. Glucocorticoïden dienen echter ook als aanvullende behandeling voor ernstige Pneumocystis-pneumonie, COVID-19-pneumonie en COPD-exacerbaties.

ICS-gebruik

Er is uitgebreid onderzoek gedaan naar de biologische mechanismen die ten grondslag liggen aan het verband tussen langdurig ICS-gebruik en het risico op pneumonie bij COPD. Mogelijk mechanismen zijn een afgenomen interferon (IFN)-respons op virussen, remming van de door macrofagen gemedieerde klaring van bacteriën en een downregulatie van belangrijke oppervlaktemoleculen. Bovendien kan ICS antimicrobiële peptiden onderdrukken, wat in muizen blijkt te resulteren in een expansie van streptokokken. Bovendien zijn lagere niveaus van sommige antimicrobiële peptiden, zoals cathelicidine, gerelateerd aan ernstiger COPD-exacerbaties.
In sputummonsters gaat ICS-gebruik gepaard met een verhoogde bacteriële belasting en verminderde alfa-diversiteit met een verhoogde abundantie van Proteobacteria. Dat bacterierijk omvat verschillende veelvoorkomende respiratoire pathogenen, zoals Haemophilus- en Moraxella-soorten.

Tegengestelde effecten

De anti-inflammatoire effecten van ICS kunnen tegengestelde effecten hebben op zowel het longmicrobioom, als de vatbaarheid voor respiratoire pathogenen. Zo resulteert ICS-gebruik in een afgenomen productie van slijm in de luchtwegen, wat de klaring verbetert en de beschikbaarheid van bacteriële voedingsstoffen vermindert. Dit kan leiden tot een verminderde bacteriële belasting en een verminderde vatbaarheid voor respiratoire pathogenen.
Daar staat tegenover dat de effecten van ICS op antibacteriële peptiden kunnen leiden tot een toegenomen bacteriegroei, een afgenomen diversiteit van de bacteriën en een toegenomen vatbaarheid voor pathogenen.

Gerandomiseerde gecontroleerde studie

Tot nu toe ontbraken gerandomiseerde gecontroleerde studies naar de longitudinale veranderingen in de microbiota van de onderste luchtwegen bij ICS-gebruik. In een recente gerandomiseerde studie zijn de effecten van ICS in combinatie met een langwerkende bèta-2-agonist (LABA) vergeleken met alleen LABA op het longmicrobioom bij patiënten met stabiele COPD.
De gegevens wijzen erop dat het verlies van de diversiteit van de microbiële gemeenschap een belangrijke factor kan zijn in de respons op luchtwegverwijders. Bovendien waren in de fluticason/salmeterol-groep vanaf baseline meer microbiële verschuivingen opgetreden dan in de formoterol- en budesonide/formoterol-groepen.
De auteurs vonden geen vergelijkbare trends in de budesonide/formoterol-groep. Dit wijst erop dat sommige van deze waarnemingen specifiek kunnen zijn voor de steroïd- of LABA-formulering in plaats van dat ze klasse-effecten betreffen.

Reactie in editorial

In hetzelfde tijdschrift verscheen een commentaar. Glucocorticoïden hebben via meerdere mechanismen invloed op het immuunsysteem. Bovendien blijkt ICS-gebruik door patiënten met stabiele COPD zowel voor- als nadelen te hebben. Daarom is het niet verrassend dat in de onderzochte longmicrobioom-monsters geen duidelijk uniform ICS-geassocieerd signaal is gevonden.
Desalniettemin brengt deze publicatie het veld van interventiestudies naar het longmicrobioom bij mensen vooruit. Dat in deze studie op een longitudinale, gerandomiseerde gecontroleerde wijze monsters van het microbioom in de onderste luchtwegen zijn genomen bij patiënten met matige of ernstige COPD, is een grote prestatie.
Bij het verminderen van de risico’s en het maximaliseren van de voordelen van ICS-gebruik kan een gepersonaliseerde benadering gebaseerd op het microbioom ons helpen te begrijpen wie het meeste baat heeft bij ICS-gebruik.

Referenties:

  1. Leitao Filho FS, Takiguchi H, Akata K, et al. Effects of Inhaled Corticosteroid/Long-Acting β2-Agonist Combination on the Airway Microbiome of Patients with Chronic Obstructive Pulmonary Disease: A Randomized Controlled Clinical Trial (DISARM). Am J Respir Crit Care Med. 2021;204:1143-1152.,
  2. Singh S, Pragman AA, Segal LN. Balancing Benefits and Risks: Do Inhaled Corticosteroids Modify the Lung Microbiome? Am J Respir Crit Care Med. 2021;204:1117-1119.
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘Voor dak- en thuislozen zet ik graag een stapje extra’

Dak- en thuislozen vragen om meer dan een standaardconsult, ervaart huisarts Laura de Jong. Ze beschrijft hoe laagdrempelige straatzorg, volharding en kleine gebaren het verschil kunnen maken bij complexe problematiek. “Soms is één ‘fuck off’ minder al winst.”

Verder zoeken bij onverklaarde klachten

Wat doe je als alle diagnostische sporen doodlopen? Tonnie van Kessel en Charles Verhoeff vertellen hoe de artsen van stichting De Witte Raven blijven zoeken naar verklaringen voor onverklaarde klachten. “We draaien op donaties, subsidies en veel onbetaalde inzet.”

Flexibilisering is geen luxe, maar een voorwaarde

Steeds meer aios werken parttime, maar toch blijft 0,8 fte vaak de norm. Lara Teheux ziet hoe dat schuurt en pleit voor een fundamenteel ander gesprek over wat goed opleiden eigenlijk is. “We verliezen mensen omdat de werkomgeving als te weinig flexibel wordt ervaren.”

Casus: man met een laesie op het scheenbeen

Een 72-jarige man komt voor een beoordeling van meerdere plekjes op het lichaam. Een laesie op het rechter scheenbeen valt op. Volgens de man is deze donkerder geworden, maar verder heeft hij er geen klachten aan. Wat is uw diagnose?

Casus: man met anurie sinds enkele dagen

Een 58-jarige man bezoekt de SEH vanwege flankpijn beiderzijds en anurie sinds enkele dagen. Hij heeft geen koorts of mictieklachten. Echografie van de nieren toont bilaterale hydronefrose. Wat is uw diagnose?

De grenzen van goedbedoelde zorg

In de zorg mikken we hoog. We streven naar perfectie, in hoe we naar gezondheid kijken en hoe we zorg organiseren. Volgens uroloog Stefan Haensel wringt het juist daar. “Door te accepteren dat 90% van perfect genoeg kan zijn, laten we het idee los dat alles oplosbaar is.”

Onderwijs, onderzoek en zorgpraktijk bundelen de krachten

Hoe breng je innovatie écht op de werkvloer? Harmieke van Os-Medendorp en Marcelle Rittershaus-Kuijpers laten zien hoe leer- en innovatienetwerken studenten en zorgprofessionals samen laten werken aan praktische verbeteringen in de zorg.

Vul zneller ZN-formulieren in met app van jonge cardiologen

Administratieve rompslomp rond ZN-formulieren kan een stuk sneller, laat cardioloog Laurens Swart zien met de app zneller. Met enkele klikken zijn formulieren ingevuld en verzonden. “Het ZN-formulier is voor driekwart van de medicijnen een wassen neus.”

Hoe AI no-shows in het ziekenhuis terugdringt

Met AI kunnen patiënten worden herkend die hun afspraak dreigen te missen, laten Annabel Seffelaar en Siem Aarts zien. Zo kunnen zij tijdig herinnerd worden aan hun afspraak. “Elke week halen we er zeker zes of zeven patiënten uit die de afspraak totaal vergeten waren.”

Casus: vrouw die niet kan boeren

Een 23-jarige vrouw klaagt over een lang aanhoudend drukkend gevoel achter het sternum, met name na de maaltijd. Het lukt haar dan niet om te boeren. Braken zorgt meestal snel voor verlichting van de klachten. Wat is uw diagnose?