DOQ

‘Ik vind dit een goed voorbeeld van hoe je netwerkzorg kunt organiseren’

De zorg voor kinderen met kanker is sinds enkele jaren gecentraliseerd in het Prinses Máxima Centrum in Utrecht. Maar niet alle zorg vindt daar plaats: een landelijk netwerk van 14 zogeheten shared care ziekenhuizen geeft ondersteuning bij de behandeling. Zo hoeven ouders met hun kind niet altijd naar Utrecht te reizen. Ook voor de betrokken kinderartsen en verpleegkundigen zijn er pluspunten, vertelt kinderarts Menco Weismuller van het Dijklander Ziekenhuis in Hoorn.

Alle kinderen met kanker in Nederland worden verwezen naar het Prinses Máxima Centrum. Daar vindt de diagnose plaats en wordt een behandelplan opgesteld, met de kinderoncoloog als hoofdbehandelaar. Voor zorg die dichter bij huis gegeven kan worden, kiezen de ouders samen met de hoofdbehandelaar een shared care centrum. De hoofdbehandelaar regelt daar een afspraak.

“Patiënten komen uit het hele land en moeten soms ver reizen”

Kinderarts Menco Weismuller

Minder complexe delen

Het Dijklander Ziekenhuis is een van de 14 centra. “Bij ons kunnen kinderen uit Noord-Holland-Noord terecht”, vertelt Weismuller, die oncologie als aandachtsgebied heeft. “Deze opzet voorkomt dat een kind uit bijvoorbeeld Alkmaar voor alle onderdelen van de behandeling naar Utrecht moet. De deelnemende shared care ziekenhuizen1 zijn verspreid over heel Nederland. In Utrecht vinden intensieve meerdaagse chemokuren, bestraling en operaties plaats. Wij doen minder complexe onderdelen van de behandeling: chemotherapie in dagbehandeling, bloedcontroles voor een nieuwe chemokuur, behandeling van infecties, het opstarten van sondevoeding bij voedingsproblemen, bloedtransfusies en pijnbehandeling. Deze opzet is ook belangrijk om in het Máxima voldoende plaats te houden voor kinderen die intensieve zorg nodig hebben.”

Voorbeeld

Het shared care netwerk bestaat inmiddels vijf jaar. De hoofdbehandelaar in Utrecht is altijd het eerste aanspreekpunt voor ouders die vragen hebben, bijvoorbeeld als hun kind koorts heeft. De hoofdbehandelaar neemt vervolgens de beslissing óf het kind gezien moet worden en waar: in Utrecht of in het shared care centrum. “Ik vind dit bij uitstek een goed voorbeeld van hoe je netwerkzorg kunt organiseren”, zegt Weismuller. “Kanker bij kinderen is gelukkig een zeldzame diagnose. Door deze zorg te concentreren in één ziekenhuis ontstaat daar expertise, wat de zorg en ook het wetenschappelijk onderzoek naar de ziekten ten goede komt. Dat is grote winst. Het Prinses Máxima Centrum is een van de grootste kinderoncologische centra ter wereld, met veel kennis en kunde. Maar patiënten komen uit het hele land en moeten soms ver reizen. En het behandeltraject voor bijvoorbeeld leukemie duurt twee jaar. Daarom is het goed dat we de minder complexe zorg in andere ziekenhuizen kunnen leveren, dichter bij huis. Dat kost minder tijd, waardoor er voor het kind meer tijd is om te blijven deelnemen aan het sociale leven. Als een kind hier ’s ochtends voor controle komt en alles is in orde, dan kan het daarna meteen door naar school. Voor ouders zal het shared care centrum snel vertrouwd voelen doordat het behandelteam daar kleiner is dan in het Máxima.”

“Ons team ziet door deze samenwerking meer kinderen met complexe pathologie”

Ervaring opbouwen

Ook in de ondersteunende centra wordt de kennis gecentraliseerd. In het Dijklander Ziekenhuis zijn Weismuller en een collega-kinderarts verantwoordelijk voor de zorg. Daarnaast zijn er zes kinderoncologieverpleegkundigen, die deels zijn opgeleid in het Máxima. “Ons team ziet door deze samenwerking meer kinderen met complexe pathologie, waardoor we ervaring opbouwen met de zorg voor hen. Dat is belangrijk omdat het gaat over zeldzame ziekten en ook zeldzame complicaties van behandelingen.”

Groot pluspunt voor Weismuller en zijn collega, en ook de verpleegkundigen, is dat zij toegang hebben tot het elektronisch patiëntendossier in Utrecht. “Zo zijn we altijd goed geïnformeerd over de patiënt. En de ouders hoeven niet steeds hun verhaal opnieuw te vertellen. Overigens hebben de andere kinderartsen in ons ziekenhuis niet die toegang tot het EPD in Utrecht. Kinderen kunnen op elk moment zorg nodig hebben en mijn collega en ik zijn natuurlijk niet altijd aanwezig. Dat is nog wel een knelpunt in het centraliseren van deze zorg bij enkele specialisten.”

“Ook voor de verpleegafdeling is het erg leerzaam”

Scholing

Twee keer per jaar is er een scholing in het Máxima, bestemd voor de betreffende kinderartsen, verpleegkundigen, apothekers en medisch pedagogisch zorgverleners. Deze bijeenkomsten zijn voor een deel nascholingen, maar er wordt ook gesproken over bijvoorbeeld de organisatorische kant, de afstemming en de financiering. En tussen de deelnemende centra en het Máxima is uiteraard overleg over de patiënten en de voortgang van de zorg.

Weismuller vindt het prettig om deel te nemen aan het netwerk. Hij leert veel over de ziektebeelden en vindt dat een verrijking van zijn vak. “De samenwerking met het Máxima verloopt heel goed. We leren elkaar steeds beter kennen en ik doe ook stages daar. Ook voor de verpleegafdeling is het erg leerzaam. Kinderen met kanker kunnen ernstige infecties hebben, wat de zorg complex maakt. Hoe meer we daarover weten, hoe sneller we ziektebeelden herkennen en hoe beter we die kunnen behandelen. Ook onze apotheek is erbij betrokken, de afdelingen fysiotherapie en klinische psychologie… Zij leren hier eveneens van. Er is ook veel contact met de verpleegkundig specialisten in het Máxima. Zij hebben een belangrijke coördinerende rol in de zorg.”

Meer weten? Shared Care, Prinses Maxima Centrum.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.

Farmacogenetica kan bijwerkingen en therapiefalen voorkomen

Onverklaarbare bijwerkingen of het uitblijven van een effect zijn voor apotheker Peter Mourad redenen om farmacogenetisch onderzoek te doen. “Door tijdig rekening te houden met iemand genetische profiel, kan veel onnodige schade worden voorkomen.”

Casus: oudere man met algehele malaise

Een 84-jarige man presenteert zich op de spoedeisende hulp met sinds een week algehele malaise. Daarbij heeft patiënt zeurende pijn in de linkerflank, met uitstraling naar de rug, en last van polyurie. Wat is uw diagnose?

Zorgen voor en over AI bij zorgverleners

De beloftes van AI in de gezondheidszorg zijn groot. Maar AI kent ook nadelen en potentiële gevaren. Met haar theaterstuk ‘Zorgen voor AI’ wil Roanne van Voorst de discussie hierover stimuleren op de werkvloer. “In de praktijk valt de bespaarde tijd meestal tegen.”

Gelijke behandeling betekent niet altijd hetzelfde behandelen

Kinderarts Charlie Obihara schreef samen met zijn vrouw, psycholoog Dorian Maarse, het boek ‘Naar een inclusieve opleiding in de zorg’. “Als de opleiding niet meebeweegt met een steeds diverser wordende samenleving, loop je het risico dat je zorg tekortschiet.”

Aanvrager echo doet vaak geen lichamelijk onderzoek

In meer dan de helft van de gevallen hebben aanvragers van echografie vooraf geen lichamelijk onderzoek verricht. Andreea Pavel: “Wanneer het beschreven lichamelijk onderzoek bij meerdere polibezoeken identiek is, vraag je je af of het wel écht heeft plaatsgevonden.”