Inhalatietherapie bij patiënten met ernstig astma suboptimaal

mm
Redactie
Redactioneel,
7 september 2022

Nederlandse patiënten met ernstig astma gebruiken hoge dosering orale corticosteroïden. Bij vier op de vijf patiënten is de therapietrouw met inhalatiecorticosteroïden en/of de inhalatietechniek echter suboptimaal. De Amsterdamse onderzoekers vinden dat eerst inhalatietechniek verbeterd moet worden alvorens over te stappen op voorschrijven van biologicals.

Astmapatiënten die hoge doses orale corticosteroïden (OCS) gebruiken, lopen risico op ernstige bijwerkingen en worden steeds vaker behandeld met immuunmodulerende therapie (biologicals). Het is echter niet bekend of het voorschrijven van deze dure geneesmiddelen altijd gerechtvaardigd is. Longarts Katrien Eger deed samen met haar collega’s een onderzoek om de prevalentie van astmapatiënten te beoordelen die hoge cumulatieve doses OCS’s gebruiken. Daarnaast onderzochten zij de rol van suboptimale inhalatietherapie en maakten zij een schatting van het aantal patiënten aan wie biologicals onnodig worden voorgeschreven.

Vragenlijsten

De studie maakte gebruik van een databestand van 65 openbare apotheken met voorschrijfgegevens van ruim 500.000 Nederlanders. Alle volwassenen met minimaal één voorschrift voor hoge dosering inhalatiecorticosteroïden (≥ 500-1000 mcg/dag fluticason-equivalent) en/of OCS (GINA stap 4-5) gedurende de periode 1-1-2011 tot 1-1-2012 werden geselecteerd (n=5.002). Zij kregen vragenlijsten toegestuurd. Van de 2.312 patiënten die vragenlijsten terugstuurden, hadden er 929 astma (40,2%). 274 (29,5%) van hen werden behandeld met hoge dosering OCS. Dit betrof voornamelijk oudere vrouwen met late-onset astma, allergieën en rece

 

Login om verder te lezen

Nog geen account? Meld u hier gratis aan.

, , , , , ,
Deel dit artikel