DOQ

Kankerpatiënt van vandaag: de hartpatiënt van morgen?

Hartfalen, coronairlijden, klepafwijkingen, ritmestoornissen, pericarditis; de lijst met hartcomplicaties door kankerbehandelingen is lang. Toch staat het risico op hartschade door kankerbehandeling bij veel medisch specialisten nog niet scherp op het netvlies, stelt dr. David Haitsma, cardioloog bij de Hartkliniek in Oisterwijk. Haitsma pleit daarom voor meer bewustwording.

Hartschade door initieel radiotherapie en later ook chemotherapie werd begin vorige eeuw voor het eerst beschreven. Het besef dat chemotherapie en radiotherapie ernstige cardiale bijwerkingen kunnen hebben neemt sindsdien langzaam toe. Toch lag het accent lange tijd vooral op genezing van de kanker, stelt Haitsma. “Je wilt overleven van de kanker, dat stond jarenlang op nummer 1. Door de ouder wordende bevolking, de toegenomen overleving van kankerpatiënten en het groeiend aantal behandelingen krijgt orgaanschade als gevolg van de behandeling echter steeds meer aandacht.”

Cardioloog dr. David Haitsma

Anthracyclinen

Of het nu kanker is op de kinderleeftijd, op oudere leeftijd, een tumor in de borst, de longen of de darmen, cardiale schade kan zich voordoen bij de behandeling van alle kankers. “Het komt voor bij alle chemotherapieën en ook radiotherapie”, aldus Haitema. Van de anthracyclinen, die bijvoorbeeld gebruikt worden bij de behandeling van lymfomen, borstkanker en botkanker, is dit weliswaar het meest bekend. Maar we zien het bij alle behandelingen.”

“Kinderen die kanker hebben gehad kunnen jaren later alsnog hartklachten ontwikkelen. Voor sommige patiënten is levenslange monitoring hierop noodzakelijk”

Belang van monitoring

De schadelijke effecten kunnen optreden tijdens en direct na de kankerbehandeling, maar ook op langere termijn benadrukt Haitsma. “Het is daarom belangrijk om dat goed te volgen. Bijvoorbeeld door vóór de behandeling te onderzoeken of een patiënt een verhoogd cardiaal risico loopt door de behandeling. Maar er zijn ook kankerpatiënten die zonder eerdere hartproblemen klachten kunnen krijgen. Het is daarom goed om alle patiënten hierop tijdens de behandeling te blijven monitoren, met hartfilmpjes, hartecho’s of MRI’s. Daarnaast weten we dat bij sommige patiënten de hartklachten zich pas maanden of zelfs jaren na de kankerbehandeling kunnen voordoen. Kinderen die kanker hebben gehad kunnen jaren later alsnog hartklachten ontwikkelen. Voor sommige patiënten is levenslange monitoring hierop noodzakelijk.”

“Dit is nog zo’n pril onderzoeksdomein, we weten nog zó weinig”

Cardio-oncologen trainen

Systematisch onderzoek naar bijwerkingen en betere behandelingen bij patiënten met kanker, om daarmee mogelijke hartschade te voorkomen of te verminderen, vindt onvoldoende plaats. De wens is er dan ook om toegewijde cardio-oncologen te trainen die deze taak op zich willen nemen. Richtlijnen zijn er evenmin. “In 2016 heeft de Europese cardiologenvereniging een aantal aanbevelingen gedaan, over wat je wel en niet zou kunnen doen om hartproblemen te voorkomen of tijdig op te sporen. Een richtlijn is dat echter niet.”Haitsma begrijpt dat. “Dit is nog zo’n pril onderzoeksdomein, we weten nog zó weinig. Het is daarom te vroeg om te kunnen zeggen wat je wel en wat je beslist niet zou moeten doen. Meer ervaringen opdoen én meer onderzoek is nodig om daar iets zinnigs over te kunnen zeggen.”

Het is goed als we ons ervan bewust worden dat het er niet alleen om gaat de kanker te overwinnen”

Een brede blik

Bewustwording is daarom de eerste stap, vervolgt hij. Die is ook nodig om de patiënt hierover zo goed mogelijk te informeren. “Die moet voorafgaand aan de kankerbehandeling weten dat er cardiale risico’s zijn. Net zoals dat de medisch oncoloog hem uitlegt over hoe de behandeling eruitziet en wat deze betekent voor de mogelijke overlevingskansen. Zodat de patiënt dit kan meewegen in zijn verdere keuzes over de al dan niet gewenste behandeling.” Daarnaast pleit Haitsma voor een brede blik op het gehele lichaam: voor, tijdens en na de kankerbehandeling. “Veel van de kankers worden alleen gezien door een orgaanspecialist. De kanker van de longen wordt door de longarts begeleid, prostaatkanker door de uroloog. Zo hoort dat ook, maar het is goed als we ons ervan bewust worden dat het er niet alleen om gaat de kanker te overwinnen. We moeten ook kijken naar wat de behandeling betekent voor de andere organen in het lichaam, zoals het hart. Als we dat doen, verbeteren we daarmee de kwaliteit van leven van patiënten met kanker. Daar ben ik van overtuigd.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

De zorgverlener als verwonderaar

Steeds meer resultaten wijzen uit dat een goed contact tussen de zorgverlener, het kind en de ouders, veel leed kan voorkomen. Piet Leroy zet zich in voor pijn- en traumavrije zorg bij kinderen. “Ik spreek nooit over lastige ouders, wel over kwetsbare ouders.”

Aandacht voor sterven

Rozemarijn van Bruchem-Visser pleit voor meer aandacht voor het stervensproces van de patiënt vanuit de zorgverlener. “Het ontbreekt vaak aan kennis over de praktische aspecten. Dat maakt het lastig om het gesprek te openen voor veel zorgverleners.”

Taalbarrière en geen tolk? Geen passende zorg

“Sinds het ministerie van VWS in 2012 de subsidie voor landelijke tolkendiensten stopte zien we veel onwenselijke situaties. Zo kunnen we geen passende zorg bieden”, vertelt jeugdarts Petra de Jong. Ze zet zich in voor de campagne ‘Tolken terug in de zorg, alstublieft’.

Casus: man met veranderd defatiepatroon, krampen en borborygmi

Een man wordt gestuurd in verband met een veranderd defecatiepatroon, met krampen en borborygmi. Er is geen bloedverlies. De eetlust is normaal en er is geen gewichtsverlies. Wat is uw diagnose?

Een dokter is geen monteur

Pieter Barnhoorn pleit voor bezielde en bezielende zorg, waarbij contact met de patiënt centraal staat. Zijn visie overstijgt het traditionele biomedische model: “Waarom moet alles efficiënt en onpersoonlijk? Dat is toch niet de reden waarom mensen de zorg in gaan?”

Casus: patiënt met veel jeuk

U ziet een zestienjarige patiënte met veel jeuk en een blanco voorgeschiedenis. Patiënte krijgt een corticosteroïd van de huisarts, maar dat helpt niet. Wat is uw diagnose?

Voer een open gesprek na diagnose dementie

Judith Meijers wil standaard een open gesprek over wensen en grenzen met mensen die net de diagnose dementie hebben gekregen. “Zorgprofessionals die deze gesprekken voeren, vertelden dat ze meer voldoening uit hun werk halen.”

Casus: man met bloedverlies per anum

Een man van 67 jaar komt omdat hij helder rood bloedverlies per anum heeft. Er zijn geen andere klachten, de eetlust is goed, hij is niet afgevallen. De familie anamnese is niet bijdragend. Wat is uw diagnose?

Familie­gesprekken op de IC: zo kan het morgen beter

Artsen kunnen familieleden van IC-patiënten beter betrekken als ze inspelen op hun wensen, concludeerde Aranka Akkermans. Hiervoor geeft ze concrete handvatten. “Artsen vullen intuïtief zelf in hoe de naasten betrokken willen worden.”

‘Practice what you preach’

Huisarts Chris Otten geeft praktische tips om leefstijl en preventie meer aandacht in de spreekkamer te geven. Wat werkt en wat beslist niet? “Ik máák tijd voor een leefstijlgesprek. Desnoods laat ik er mijn spreekuur voor uitlopen.”


0
Laat een reactie achterx