DOQ

Lager risico op keratinocyt­carci­noom bij vitiligo

Patiënten met vitiligo hebben geen verhoogd risico op niet-melanoom huidkanker. Uit een recente meta-analyse blijkt zelfs een lager relatief risico op keratinocytcarcinoom bij patiënten met vitiligo in vergelijking met gezonde controlegroepen. Welk mechanisme ligt hieraan ten grondslag?

Alex Rooker, PhD student in het Amsterdam UMC, en zijn collega’s onderzochten in een systematische review en meta-analyse het risico op niet-melanoom huidkanker bij vitiligo-patiënten. Zij vonden een verminderd relatief risico op het ontwikkelen van keratinocytcarcinoom (KC) bij mensen met vitiligo. Benieuwd naar de mechanismen die hieraan ten grondslag liggen, stelde Rooker hiervoor een aantal hypothesen op, waaronder zowel immuun- als niet-immuunmechanismen.

“De auto-immuunreactie passend bij vitiligo, richt zich tegen de pigmentcellen, maar ook tegen het melanoom”

Immunologische bescherming

Patiënten met vitiligo hebben een immunologische bescherming tegen melanoom. Epidemiologische studies tonen een lagere incidentie aan van melanoom bij patiënten met vitiligo. Andersom krijgt een deel van de patiënten met melanoom vitiligo na immunotherapie. De auto-immuunreactie passend bij vitiligo, richt zich tegen de pigmentcellen, maar ook tegen het melanoom.

Keratinocytcarcinoom, afkomstig uit een ander celtype, zou je wel verwachten bij afwezigheid van pigment. Dat zie je bij mensen met een lichte huidskleur, maar ook bij mensen met albinisme. Het lijkt er dus op dat er een ander mechanisme is dan pigmentatie, wat patiënten met vitiligo beschermt tegen een verhoogd risico op huidkanker.

Hypothesen

Verschillende onderzoeken suggereren dat patiënten met vitiligo een beter vermogen hebben tot DNA-herstel als gevolg van overexpressie van wildtype TP53, zo schrijft Rooker. De overexpressie van TP53 zou ook apoptose kunnen stimuleren, wat de kans op kanker verkleint. Bovendien kunnen diverse immuunprocessen in vitiligo bijdragen aan een verminderd risico op KC, zoals bystander-lysis en kruisreagerende immuuncellen.

“Dit leidt tot de vernietiging van melanocyten, maar ook van nabijgelegen keratinocyten als neveneffect”

Bystander-lysis

De vitiligo-reactie waarbij pigmentcellen worden aangevallen zou als neveneffect ook andere huidkankercellen kunnen doden. De CD8+ T-cellen die zich in de huid rond de vitiligo-plekken bevinden, vernietigen melanocyten, maar spelen ook een belangrijke rol in de afweer tegen huidkanker. Muizen waarbij CD8+ T-cellen worden uitgeschakeld, ontwikkelen onder invloed van UVB-straling meer plaveiselcelcarcinoom, dan controles. Het blokkeren van het eiwit IFN-γ, wat in hogere niveaus wordt aangetroffen in de huid van patiënten met vitiligo, zorgt daarbij voor een verslechtering van de situatie en overlevingskans.

Als deze melanocyt specifieke CD8+ T-cellen worden geactiveerd bij vitiligo-patiënten, produceren ze meer IFN-γ dan gewoonlijk. Dit leidt niet alleen tot de vernietiging van melanocyten, maar ook van nabijgelegen keratinocyten als neveneffect. Dit effect komt minder vaak voor bij plaveiselcelcarcinoom dan bij basaalcelcarcinoom, omdat melanocyten maar zeldzaam voorkomen in plaveiselcelcarcinomen. Dit komt overeen met de zwakkere beschermende associatie tussen vitiligo en plaveiselcelcarcinomen in vergelijking met basaalcelcarcinoom.

Kruisreagerende immuuncellen

Bij de hypothese van de kruisreagerende immuuncellen gaan de onderzoekers ervanuit dat de melanocyt-specifieke CD8+ T-cellen die worden aangetroffen bij patiënten met vitiligo, ook antigenen herkennen die tot expressie worden gebracht door keratinocytcarcinoomcellen. Van oorsprong ontstaan melanocyten en basaalcellen beide uit cellen in de basale epidermis of haarfollikel. Ze zouden dus dezelfde antigenen kunnen delen. Potentiële immuunreacties op deze antigenen bij vitiligo zouden dan ook kunnen reageren met cellen van het basaalcelcarcinoom.

Het verder onderzoeken en beter begrijpen van deze mechanismen kan zowel inzicht geven in de oorzaak van vitiligo, als bijdragen aan het advies aan patiënten met vitiligo met betrekking tot kankerscreening.

Referentie: Rooker A, Ouwerkerk W, Bekkenk MW, et al. The Risk of Keratinocyte Cancer in Vitiligo and the Potential Mechanisms Involved. J Invest Dermatol. 2023 Oct 2:S0022-202X(23)02566-6.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Waarom praten over wat écht telt eerder moet beginnen

In de palliatieve fase ervaren patiënten met gevorderde kanker vaak minder keuzevrijheid dan artsen denken, blijkt uit promotieonderzoek van Daisy Ermers. Gesprekken over wat voor patiënten echt belangrijk is, komen vaak laat op gang.

Weg met de dokter: de positieve werking van natuur op gezondheid

Contact met de natuur kan stress verminderen en het welzijn verbeteren, vertelt huisarts Pim van den Dungen. Een ervaring die hij graag wil delen met andere zorgverleners. Ook in de spreekkamer ziet hij kansen voor natuur in de zorg.

Casus: man met verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling

Een 58-jarige man komt bij de medisch seksuoloog vanwege verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling. Sildenafil heeft een matig effect gehad en de voorgeschreven vacuümpomp gebruikt hij niet. Wat is het meest aangewezen beleid?

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.

Farmacogenetica kan bijwerkingen en therapiefalen voorkomen

Onverklaarbare bijwerkingen of het uitblijven van een effect zijn voor apotheker Peter Mourad redenen om farmacogenetisch onderzoek te doen. “Door tijdig rekening te houden met iemand genetische profiel, kan veel onnodige schade worden voorkomen.”

Casus: oudere man met algehele malaise

Een 84-jarige man presenteert zich op de spoedeisende hulp met sinds een week algehele malaise. Daarbij heeft patiënt zeurende pijn in de linkerflank, met uitstraling naar de rug, en last van polyurie. Wat is uw diagnose?


Lees ook: ‘De vraag is of de Nederlandse aanpak niet te voorzichtig is’

Naar dit artikel »