‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’
Redactioneel
2 april 2026
Elke dag krijgen zo’n 45 mensen buiten het ziekenhuis een hartstilstand. In die eerste minuten telt elke seconde: hoe sneller iemand begint met reanimeren, hoe groter de overlevingskans. Burgerhulpverleners zijn gemiddeld 2,5 minuten sneller ter plaatse dan een ambulance en starten bij 8 van de 10 reanimaties, tot de professionele hulpverlening het overneemt. Burgerhulpverleners vormen daarmee een onmisbare schakel in het Nederlandse reanimatienetwerk. Toch zijn ze niet overal voldoende beschikbaar, stelt Leonie van der Leest, programmamanager Spoed bij de Hartstichting.
Veel Nederlanders hebben een verkeerd beeld van burgerhulpverlening. Zo denkt 62% ten onrechte dat een slachtoffer kan overlijden door een fout van een reanimatievrijwilliger. “Die angst is begrijpelijk, maar niet juist”, vertelt Leonie van der Leest. “Bij een hartstilstand is snelle actie cruciaal. Door wél te starten met reanimatie geef je iemand een kans om te overleven. Als je niets doet, is de overlevingskans zo goed als nul. Daar komt bij, hoe spannend en stressvol het ook is, je kunt tijdens de reanimatie altijd rekenen op telefonische ondersteuning van een centralist in de meldkamer. Die loodst je erdoorheen.”
Daarnaast leeft het idee dat burgerhulpverleners 24 uur per dag beschikbaar moeten zijn. Ook dat klopt niet, vervolgt Van der Leest. “Zeker, als via 112 een melding van een hartstilstand binnenkomt, roept het alarmoproepsysteem HartslagNu automatisch burgerhulpverleners in de buurt op om direct naar het slachtoffer te gaan om te reanimeren of eerst een AED op te halen. Ma
Aanmelden
Meld u gratis aan om toegang te krijgen tot DOQ,
waar zorgprofessionals kennis en visie delen.
Ik heb al een DOQ account
Lees meer over: