DOQ

Mannen nemen vaak zelf regie na diagnose prostaatkanker

Na de diagnose prostaatkanker zoeken mannen veelal zelf naar een behandelcentrum of ziekenhuis die het beste aansluit bij hun behoeften. Het doorverwijsadvies van de huisarts is in hun keuze niet per definitie leidend. Dit is één van de conclusies uit het onderzoek van het Reinier Haga Prostaatkankercentrum in Delft, dat werd uitgevoerd onder 1.067 mannen van 55 jaar en ouder in Nederland.

Voor bijna vier op de tien mannen (37%) is het advies van hun huisarts niet doorslaggevend. Ook de behandelresultaten van het ziekenhuis of centrum en de wachtlijsten voor behandeling spelen een belangrijke rol bij kun keuze.

(Foto: Reiner Haga Prostaatkankercentrum)

Movember

Het onderzoek naar de ‘keuzevrijheid van mannen na de diagnose prostaatkanker’ werd uitgevoerd in het kader van ‘Movember.’ In deze maand staan aandacht voor prostaatkanker, teelbalkanker en de gezondheid van de man in het algemeen centraal. Prostaatkanker is de meest voorkomende vorm van kanker onder mannen. Jaarlijks krijgen meer dan 12.000 mannen in Nederland de diagnose. Door de vergrijzing zal dit aantal de komende jaren toenemen. Om meer inzicht te krijgen over hoe Nederlandse mannen bij wie prostaatkanker is geconstateerd hun keuzes maken, voerde het Reinier Haga Prostaatkankercentrum het onderzoek uit. Met de uitkomsten wil het expertisecentrum patiënten nog beter helpen en begeleiden.

Patiënt wil zelf bepalen

Het onderzoek toont aan dat het advies van de huisarts voor ruim de helft (55%) van de ondervraagden nog altijd doorslaggevend is in hun keuze voor een ziekenhuis of behandelcentrum. Voor bijna vier op de tien (37%) mannen zou het advies van de huisarts niet doorslaggevend zijn of zelfs helemaal niet meewegen in hun beslissing (6%). Verder geven zes op de tien (62%) van de ondervraagden aan dat zij na de diagnose prostaatkanker een second opinion zouden willen wanneer zij twijfels hebben. De mening van een tweede deskundige zou hen meer zekerheid geven.

De resultaten van het behandelcentrum en de wachttijden zijn ook belangrijk in het keuzetraject van de Nederlandse man. De helft van de ondervraagden heeft de resultaten van het behandelcentrum in zijn top 3 staan en bijna vijftig procent (48%) de wachttijd van de behandellocatie. Naarmate de ondervraagde jonger is, staan de resultaten van het behandelcentrum vaker in de top 3 (van 55% onder 55-59 jarigen tot 43% onder 70-plussers).

Eigen wensen

Peter Ausems, uroloog in het Reinier Haga Prostaatkankercentrum, ziet in de dagelijkse praktijk ook dat patiënten zelf kritisch kijken naar de beste prostaatkankerzorg voor hen. “Doordat er tegenwoordig veel meer informatie online beschikbaar is, is het voor patiënten en hun naasten makkelijker om zich te verdiepen in het onderwerp, de resultaten van alle ziekenhuizen en de behandelmogelijkheden. Daardoor kunnen mannen tegenwoordig een keuze maken die helemaal aansluit bij hun wensen en behoeften.”

Bereidheid tot reizen is groot

Voor ruim een derde (35%) van de ondervraagden is reistijd helemaal niet van belang bij de keuze voor de juiste prostaatkankerzorg. Bijna vier op de tien (39%) van de ondervraagden is bereid om 45 minuten of langer te reizen naar het ziekenhuis of centrum waar men onder behandeling is.

Bron: Reinier de Graaf Ziekenhuis

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: man met hematurie, mictieklachten en afwijkingen in de blaas

Een 66-jarige man bezoekt de polikliniek Urologie vanwege macroscopische hematurie en mictieklachten. Hij heeft al jaren een slappe straal en moeite met helemaal leegplassen. Ook moet hij één tot twee keer per nacht plassen. Wat is uw diagnose?

‘Elk specialisme moet op zoek naar zijn eigen fietshelm-project’

Marcel Aries combineert zijn werk als intensivist met een nieuwe rol als preventie-intensivist. Hij pleit ervoor dat iedere medisch specialist zich inzet voor preventie van vermijdbare aandoeningen en letsels. “Ik zie zoveel ellende die te voorkomen is.”

‘De Nutritheker’: medicatie­gebruik terug­dringen door verbete­ring van leefstijl

Rinske Pauw verruilde de ziekenhuisapotheek voor een praktijk waarin medicatie, voeding en leefstijl samenkomen. “Het heeft me altijd geboeid hoe je door preventie mensen gezond kunt houden, met zo min mogelijk medicatie.”

‘Dokter, hoe is het met mijn frame?’

Meer dan veertig jaar stond wielerarts Jos Benders midden in het peloton om acute medische zorg te verlenen. Nu hij het stokje overdraagt, blikt hij terug op een tijd vol mooie herinneringen én uitdagingen. “Ik was als eerste arts bij geletruidrager Fabian Cancellara.”

Patiënten positief over doorgebruik van thuis­medicatie in het ziekenhuis

In Rijnstate mogen patiënten hun thuismedicatie doorgebruiken tijdens een opname. Claudia Heijens vertelt wat dit oplevert. “We moeten niet voor 100% het proces willen controleren, maar ook dingen los durven laten.”

‘Claimende en eisende patiënten maken de werk­druk onhoudbaar’

Dermatoloog Annemie Galimont stopte met haar specialisatie ‘eczeem’. Het grensoverschrijdende gedrag waar ze mee te maken kreeg, werd haar te veel. “Jij hebt een weekendje getiktokt en komt míj vertellen hoe ik mijn werk moet doen?”

Nederlandse gezondheidszorg schiet tekort voor kwetsbare ouderen

Emiel Hoogendijk onderzocht hoe sociale isolatie en kwetsbaarheid elkaar versterken bij ouderen en geeft aanbevelingen voor aanpassingen in de gezondheidszorg die bijdragen aan ‘healthy ageing’. “De medische zorg en sociale zorg zouden beter geïntegreerd moeten worden.”

Casus: vrouw met jeukende getatoeëerde wenkbrauwen

Een 69-jarige vrouw met allergisch contacteczeem en hooikoorts bezoekt uw spreekuur vanwege jeuk en zwelling van haar getatoeëerde wenkbrauwen sinds een jaar. Behalve de zwelling ziet u ook een scherp begrensde, erythemateuze plaque en schilfering. Wat is uw diagnose?

Duurzame leefstijl­verbete­ring: ‘Begin met kleine stappen’

Waarom lukt het ons vaak niet om gezonder te leven, zelfs als we weten wat goed voor ons is? En hoe voorkomen we dat goede voornemens voortijdig stranden? In zijn boek laat psychiater Rogier Hoenders zien hoe zorgverleners hun patiënten én zichzelf op het juiste spoor kunnen zetten.

Een tweede leven voor niet-gebruikte geneesmiddelen

Jaarlijks wordt voor zeker 100 miljoen euro aan ongebruikte medicatie vernietigd. Doodzonde, vindt apotheker Bart van den Bemt. Zijn studies droegen bij aan een wijziging van de Europese wetgeving, waardoor heruitgifte onder voorwaarden mogelijk wordt.