DOQ

Medicatie vaak te lang voortgezet na ontslag uit ziekenhuis

Patiënten krijgen tijdens hun ziekenhuisopname vaak nieuwe medicatie voorgeschreven, die ze thuis nog voor een korte periode moeten gebruiken. Maar in de praktijk loopt dit nogal eens anders: patiënten gebruiken deze medicatie meestal langdurig, zo blijkt uit onderzoek van ziekenhuisapotheker Judith de Ruijter, werkzaam in het Maastricht UMC+.

De Ruijter voerde samen met enkele collega’s een retrospectieve cohortstudie uit in samenwerking met het OLVG in Amsterdam. “Er is weinig aandacht voor het tijdig stoppen van in het ziekenhuizen voorgeschreven medicatie. We hebben voor verschillende groepen geneesmiddelen in kaart gebracht hoe lang patiënten ze thuis blijven gebruiken nadat ze in het ziekenhuis voorgeschreven werden. We keken naar drie geneesmiddelgroepen die in principe bedoeld zijn om kortdurend te gebruiken: opiaten, benzodiazepines en antipsychotica.”

‘Er is weinig aandacht voor het tijdig stoppen van in ziekenhuizen voorgeschreven medicatie’

Ziekenhuisapotheker Judith de Ruijter

Langer dan een half jaar

In de studie werden patiënten die tussen januari 2019 en mei 2023 bij ziekenhuisontslag een nieuw voorschrift van een opiaat, benzodiazepine of antipsychoticum kregen, onder de loep genomen. Deze patiënten mochten in het jaar voor de ziekenhuisopname dit geneesmiddel niet gebruikt hebben. De Ruijter bekeek daarbij per geneesmiddelgroep hoe lang patiënten na hun ontslag doorgingen met het gebruik. De gebruiksduur werd geclassificeerd in vier periodes: < 30 dagen, 30-182 dagen en 183-365 dagen en > 365 dagen. Van de 6.835 patiënten met een nieuw recept voor een geneesmiddel uit een van de onderzochte groepen ontving 82,7% een opiaat bij ontslag, 14,7% een benzodiazepine en 2,6% een antipsychoticum. “Van de benzodiazepinegebruikers gebruikte 9,4% deze medicatie nog in de periode van 183 tot 365 dagen na de start, 11,5% van deze personen gebruikte benzodiazepines langer dan een jaar. Bij opiaten waren deze getallen respectievelijk 8,3 en 5,2%, en bij antipsychotica 9,6 en 26,4%.”

“Overal waar we deze resultaten presenteren, reageren artsen en apothekers geschrokken”

Ontslagbrieven

Deze resultaten geven aan dat het probleem van onterecht voortzetten van gebruik van medicatie na ontslag nog groter is dan ze initieel verwachtte, zegt De Ruijter. “Overal waar we deze resultaten presenteren, reageren artsen en apothekers geschrokken. Ze wisten niet dat dit probleem zo omvangrijk was. Je wilt medicatie niet onnodig lang gebruiken, omdat dit kan leiden tot bijvoorbeeld bijwerkingen, verslaving of een nieuwe ziekenhuisopname.” Toch volgt er wellicht nog een nuancering van deze resultaten, want De Ruijter is bezig met vervolgonderzoek. “We gaan van de onderzochte patiënten in een steekproef het dossier raadplegen om te zien in hoeverre er indicaties waren voor langdurig gebruik van opiaten, benzodiazepines of antipsychotica. Mogelijk was het langdurige gebruik dat we constateerden niet in alle gevallen onterecht.”

“We geven artsen de tip om bij voorschrijven meteen al aan stoppen te denken”

Stopdatum

Volgens De Ruiter onderstrepen de resultaten het belang van meer bewustwording over langdurig gebruik van medicatie onder artsen en apothekers. “In de presentaties geven we artsen de tip om, als ze bij ontslag nieuwe medicatie voorschrijven, al meteen na te denken over stoppen. Ze kunnen dan op het recept alvast een stopdatum noteren. Nu zien we dat recepten die in het ziekenhuis zijn uitgegeven, herhaald worden in de thuissituatie, vaak zonder goede evaluatie van de reden van voorschrijven en zonder check of het geneesmiddel al gestopt had moeten worden.” Ook bijzonder: in het onderzoek bleek dat 65-plussers even vaak na ontslag langdurig een opiaat, benzodiazepine of antipsychoticum gebruikten als mensen jonger dan 65 jaar. Aangezien ouderen gevoeliger zijn voor bijwerkingen, had De Ruiter verwacht dat zorgverleners bij 65-plussers hierop extra alert zijn. “Kortom, er is nog veel te winnen. Nu zijn we bezig met een publicatie om tijdig stoppen van kortdurende medicatie breder onder de aandacht te brengen.”

Ook werkten aan dit onderzoek mee: Marjo Janssen, Annemariek Driessen, Carl Siegert, Alex Marmorale, Daniala Weir, Fatma Karapinar-Çarkit.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Apothekers krijgen vergoeding voor therapietrouw­gesprekken

Therapietrouwgesprekken door apothekers worden in Noord-Limburg bij wijze van proef vergoed. Apotheker Erna Mombarg legt uit wat deze gesprekken opleveren. “Ik krijg uit het hele land van collega’s reacties: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’”

Als oorlog de zorg op de proef stelt

Bij een grootschalig conflict zullen ook Nederlandse ziekenhuizen grote aantallen gewonde militairen moeten opvangen. Traumachirurg en militair Eelco Huizinga vertelt wat dat van de zorg kan vragen. “Als zorgprofessional moet je je afvragen: wat wordt er van mij verwacht?”

Wacht niet tot de patiënt zich uitspreekt

Patiënten lijken tegenwoordig mondiger dan ooit. Maar vijftig jaar onderzoek laat een ander beeld zien. Mondigheid blijkt bovendien niet alleen iets van de patiënt: ook de zorgverlener bepaalt hoeveel ruimte een patiënt krijgt, stelt Sandra van Dulmen.

Casus: vrouw met pijn op de borst na kankerdiagnose

Een 73-jarige vrouw bezoekt de Spoedeisende Hulp vanwege misselijkheid, kortademigheid en acute pijn op de borst. Een paar dagen ervoor kreeg zij te horen dat zij waarschijnlijk uitgezaaide alvleesklierkanker heeft. Wat is uw diagnose?

Gebrek aan samenwerking remt inzet van AI in de zorg

Veel AI-toepassingen voor de zorg bereiken de werkvloer niet. Sara Ben Hmido onderzocht welke barrières implementatie in de weg staan en legt uit waarom samenwerking vanaf het begin cruciaal is. “Als AI-ontwikkelaar moet je vanaf het begin optrekken met zorgverleners.”

Casus: vrouw met symptomatisch galsteenlijden zonder cholecystitis

Een 41-jarige vrouw bezoekt de SEH vanwege buikpijn. Echografie van het abdomen toont een dunwandige galblaas gevuld met concrementen en verwijde galwegen. De radioloog concludeert dat er sprake is van choledocholithiasis zonder cholecystitis. Wat is uw beleid?

Voorkom aangeleerde hulpe­­loosheid: laat zorgprofessionals zelf met oplos­­singen komen

Als zorgprofessionals herhaaldelijk ervaren dat hun inbreng niets verandert, kunnen ze stoppen met meedenken. Kjeld Aij legt uit hoe kleine verbeteringen en meer invloed op de werkvloer aangeleerde hulpeloosheid kunnen voorkomen. “Er is bijna altijd enige invloed, hoe klein ook.”

Op het spoor van een intoxicatie

Volgens SEH-arts en toxicoloog Femke Gresnigt ontbreekt een intoxicatie nog te vaak in de differentiaaldiagnose. “Soms denken we daar pas aan als andere oorzaken zijn uitgesloten. Dan kan er al kostbare tijd verloren zijn gegaan.”

Casus: progressieve kortademigheid na embolisatie van een varicocele

Een 36-jarige man presenteert zich op de SEH met toenemende kortademigheid, hoesten, algehele malaise en koorts. Negen dagen ervoor heeft hij een endovasculaire embolisatie met cyanoacrylaat ondergaan vanwege een symptomatische varicocele. Wat is uw diagnose?

Meer halen uit bestaande medicijnen

Een verminderde nierfunctie betekende lange tijd dat pemetrexed geen behandeloptie was. Rob ter Heine en Nikki Bleijs-de Rouw onderzochten hoe dit toch veilig kan worden ingezet en lieten zien hoeveel winst te behalen valt met onderzoek naar bestaande geneesmiddelen.