DOQ

Meer behandelen in het late tijdsvenster

Artsen kunnen veel meer patiënten met een herseninfarct behandelen dan tot nu toe werd gedacht. Zelfs tot 24 uur na de eerste klachten is het soms zinvol om het stolsel via een katheter uit het hersenvat te verwijderen. Dit blijkt uit de MR CLEAN-LATE studie, een onderzoek in 18 Nederlandse ziekenhuizen. De onderzoeksresultaten zijn dit voorjaar gepubliceerd in The Lancet.

Bij een herseninfarct of beroerte ontstaat schade doordat er in een gedeelte van de hersenen geen bloedvoorziening meer is. Vaak is de oorzaak een bloedstolsel dat het bloedvat afsluit. Hoe langer de afsluiting bestaat, des te groter de hersenschade zal zijn (Time is Brain). Het is dus van belang zo snel mogelijk te handelen vanaf de eerste klachten. In 2015 werd met de MR CLEAN studie al aangetoond dat het bloedstolsel kan worden verwijderd middels een katheter die via de lies wordt opgevoerd tot vlak bij het stolsel in de hersenen (endovasculaire behandeling of intra-arteriële therapie, IAT). Dit bleek veilig en effectief tot zes uur na ontstaan van de klachten.

“De patiënten in de behandelgroep hadden na drie maanden betere functionele uitkomsten.”

Arts-onderzoeker Susan Olthuis

Collateralen

Sindsdien was de vraag wat we moesten doen bij patiënten met een herseninfarct die zich na 6 uur presenteren voor behandeling, vertelt Susan Olthuis, arts-onderzoeker in het Maastricht UMC+ (MUMC+) en coördinator van de MR CLEAN-LATE studie. “We weten dat de effectiviteit van de endovasculaire behandeling afneemt naargelang er meer tijd verstrijkt tussen het ontstaan van de klachten en start van de behandeling. Tegelijkertijd weten we uit eerder onderzoek ook dat de behandeling effectiever lijkt bij patiënten met betere ‘collateralen’ (bloedvaten die via omwegen het aangedane gebied van enig bloed voorzien) dan bij patiënten waarbij minder goede of geen collateralen te zien zijn op de CT-scan van de bloedvaten. Artsen kunnen op deze CT-scan goed beoordelen of patiënten dit soort bloedvaten hebben.”

Late tijdsvenster

Het doel van de MR CLEAN-LATE studie, een randomized controlled studie (RCT), was daarom om te onderzoeken of de endovasculaire behandeling van het herseninfarct ook in het ‘late tijdsvenster’ (6 tot 24 uur na het ontstaan van klachten of het moment waarop de patiënt voor het laatst klachtenvrij was) nog effectief en veilig zou zijn voor patiënten geselecteerd op basis van aanwezige collateraal vulling.

Om dat te toetsen werden 502 patiënten geïncludeerd, 255 in de interventiegroep en 247 in de controlegroep. Olthuis: “De studie toonde aan dat patiënten in de behandelgroep een gunstig effect hadden van de endovasculaire behandeling. Zij hebben na drie maanden betere functionele uitkomsten en dus minder beperkingen dan de controlegroep. We hebben dat gemeten met de zogenoemde Modified Rankin Scale (mRS), een veelgebruikte zespunts schaal die het dagelijks functioneren van patiënten in kaart brengt.”

“De uitkomsten van MR CLEAN-LATE betekenen dat meer patiënten in aanmerking kunnen komen voor de intra-arteriële behandeling van een herseninfarct”

Meer patiënten kunnen behandelen

De MR CLEAN-LATE wordt gecoördineerd vanuit MUMC+, onder leiding van prof. Robert van Oostenbrugge en prof. Wim van Zwam, en gefinancierd door de Hartstichting en de Hersenstichting. De studie wordt ondersteund door het CONTRAST-consortium, een samenwerkingsverband van ziekenhuizen en onderzoekscentra dat tot doel heeft om uitkomsten van patiënten met een herseninfarct te verbeteren door nieuwe behandelingen en verbetering van bestaande behandelingen. De uitkomsten van MR CLEAN-LATE betekenen dat meer patiënten in aanmerking kunnen komen voor de intra-arteriële behandeling van een herseninfarct, en hierdoor een betere uitkomst zullen hebben. “We weten niet hoeveel méér mensen we kunnen helpen door behandeling in het late tijdvenster, we hebben daar nog geen cijfers over, maar het zijn er ongetwijfeld veel. De verwachting is dat het aantal patiënten met een verdenking op een herseninfarct verder toe zal nemen. Een deel van hen kunnen we dus ook in het late tijdsvenster behandelen.”

Referentie:

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Waarom praten over wat écht telt eerder moet beginnen

In de palliatieve fase ervaren patiënten met gevorderde kanker vaak minder keuzevrijheid dan artsen denken, blijkt uit promotieonderzoek van Daisy Ermers. Gesprekken over wat voor patiënten echt belangrijk is, komen vaak laat op gang.

Weg met de dokter: de positieve werking van natuur op gezondheid

Contact met de natuur kan stress verminderen en het welzijn verbeteren, vertelt huisarts Pim van den Dungen. Een ervaring die hij graag wil delen met andere zorgverleners. Ook in de spreekkamer ziet hij kansen voor natuur in de zorg.

Casus: man met verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling

Een 58-jarige man komt bij de medisch seksuoloog vanwege verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling. Sildenafil heeft een matig effect gehad en de voorgeschreven vacuümpomp gebruikt hij niet. Wat is het meest aangewezen beleid?

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.

Farmacogenetica kan bijwerkingen en therapiefalen voorkomen

Onverklaarbare bijwerkingen of het uitblijven van een effect zijn voor apotheker Peter Mourad redenen om farmacogenetisch onderzoek te doen. “Door tijdig rekening te houden met iemand genetische profiel, kan veel onnodige schade worden voorkomen.”

Casus: oudere man met algehele malaise

Een 84-jarige man presenteert zich op de spoedeisende hulp met sinds een week algehele malaise. Daarbij heeft patiënt zeurende pijn in de linkerflank, met uitstraling naar de rug, en last van polyurie. Wat is uw diagnose?