DOQ

Meer oog voor impact van immuun­therapie op kwaliteit van leven

Mensen die kanker hebben overleefd dankzij checkpointremmers kunnen op de lange termijn klachten krijgen als hypothyreoïdie, angst en depressie en verminderd seksueel functioneren. Dat blijkt uit onderzoek van het UMC Groningen. Belangrijk is dat zorgverleners oog hebben voor deze klachten bij deze relatief ‘nieuwe’ populatie van patiënten. Arts-onderzoeker Wellington Candido en internist-oncoloog Janine Nuver lichten de resultaten en de klinische implicaties hiervan toe.

Dankzij checkpointremmers, zoals nivolumab, ipilimumab en pembrolizumab, is de overleving van een deel van de patiënten met uitgezaaide tumoren aanzienlijk verbeterd. Patiënten die voor de komst van deze immuuntherapie – zo’n tien jaar geleden – uitbehandeld waren, leven nu soms nog jaren, terwijl hun ziekte feitelijk in remissie is. “Vooral bij patiënten met een uitgezaaid melanoom is behandeling met checkpointremmers succesvol gebleken. Na tien jaar is zo’n 50% van de patiënten nog in leven”, zegt Nuver, die als aandachtsgebied borstkanker heeft, maar ook geïnteresseerd is in de langetermijneffecten van oncologische behandelingen. “We hebben hier te maken met een ‘nieuwe’ populatie patiënten: mensen met uitgezaaide kanker die toch jarenlang progressievrij zijn, maar die daarvoor soms een prijs betalen in de vorm van langetermijnbijwerkingen.”

“Er is nog weinig bekend over mogelijke aanhoudende bijwerkingen na afronding van de behandeling”

Internist-oncoloog Janine Nuver

Dwarsdoorsnedeonderzoek

Checkpointremmers worden vaak langdurig – soms jaren – gegeven, maar regelmatig ook korter als blijkt dat ze effectief zijn, vertelt Nuver. “We weten van chemotherapie dat ook lang na afronding van de behandeling nog bijwerkingen kunnen aanhouden of optreden, maar bij checkpointremmers is hierover nog weinig bekend. Daarom besloten we een dwarsdoorsnedeonderzoek te doen onder een groep patiënten bij wie de behandeling succesvol was en die langdurig progressievrij waren1”, zegt Nuver. De groep bestond uit 132 patiënten die waren behandeld in het UMC Groningen en die na aanvang van de behandeling minimaal twee jaar overleefden: 70 patiënten met een melanoom in stadium III-IV, 50 patiënten met een niet-kleincellig longcarcinoom en 12 patiënten met een urotheel- of niercelcarcinoom.

“We zien vaak dat ook mantelzorgers lijden onder de ziekte van hun geliefden”

Arts-onderzoeker Wellington Candido

Aandachtspunten

Bijzondere aandachtspunten in het onderzoek waren de kwaliteit van leven, het neurocognitief en seksueel functioneren en eventuele comorbiditeit. Ook keken zij naar de kwaliteit van leven van mantelzorgers, zoals de partner of andere gezinsleden. “We zien vaak dat ook mantelzorgers lijden onder de ziekte van hun geliefden, waardoor hun levenskwaliteit mogelijk daalt”, verklaart Candido. Om de impact van checkpointremmers op de kwaliteit van leven te kunnen vergelijken met de algemene kwaliteit van leven van patiënten die kanker overleven, gebruikten de onderzoekers referentiegegevens van de kwaliteit van leven van de algemene Nederlandse bevolking.2

Kwaliteit van leven

Het onderzoek toonde aan dat de kwaliteit van leven van patiënten die kanker overleven na behandeling met checkpointremmers over het algemeen goed was. Bij een kwart van de patiënten bleek de kwaliteit van leven echter lager te liggen dan in de referentiegroep. “Deze lagere kwaliteit van leven bleek significant geassocieerd te zijn met gevoelens van angst en depressie, wat weer samenhangt met verminderd seksueel en fysiek functioneren. Of angst en depressie samenhangen met de behandeling of de ziekte zelf, konden we met dit onderzoek niet vaststellen. We vermoeden dat deze verschijnselen vooral te maken hebben met alle gebeurtenissen rondom het doormaken van de ziekte. Verder vonden we een zwak verband tussen de kwaliteit van leven van patiënten en mantelzorgers”, zegt Candido. “Ook bleken patiënten in deze groep vaker dan gemiddeld verminderd cognitief te functioneren.”

“Een kwart van de patiënten had hypothyreoïdie”

Metabool syndroom

Opvallend was dat de testosteronspiegel bij de mannelijke deelnemers van het onderzoek vaak relatief laag was, zegt Nuver. “We weten niet of dit door de behandeling komt. Omdat er heel weinig jonge mannen aan de studie meededen en het een eenmalige meting betrof, is het lastig om te zeggen of dit klinische betekenis heeft. Daarnaast zagen we dat de helft van de overlevers – vaker dan de algemene populatie – het metabool syndroom had. Mogelijk hangt dat samen met het hebben van dezelfde risicofactoren die voor kanker gelden, of was er na de diagnose uitgezaaide kanker minder aandacht voor cardiovasculaire preventie.” Candido vult aan: “Een kwart van de patiënten had hypothyreoïdie, een bekende bijwerking van checkpointremmers die levenslange behandeling behoeft.”

Nieuwe groep

De resultaten van deze studie bieden aanknopingspunten voor de begeleiding van mensen die ondanks uitgezaaide kanker langdurig overleven na behandeling met checkpointremmers. Toch zijn volgens Nuver grote prospectieve studies nodig om duidelijk te krijgen hoe we de zorg voor deze groeiende groep patiënten moeten inrichten. “Het gaat om een ‘nieuwe’ groep patiënten die bij veel zorgverleners nog onbekend is. Belangrijk is in ieder geval om oog te hebben voor angst en depressie, een verminderde kwaliteit van leven – ook bij mantelzorgers – en voor bijwerkingen als hypothyreoïdie. Daarnaast is het oppakken van de screening op cardiovasculaire risicofactoren van belang, omdat deze patiënten in principe weer vele jaren voor de boeg hebben. Het onderzoek naar de impact van oncologische behandelingen op de lange termijn is nog geen afgesloten boek”, besluit Nuver.

Referenties:
1. Candido W, Eggen AC, Jalving M, et al. Quality of life, neurocognitive functioning, psychological issues, sexuality and comorbidity more than 2 years after commencing immune checkpoint inhibitor treatment. J Immunother Cancer. 2025;13(3):e011168.
2. De Ligt KM, Aaronson NK, Liegl G, et al. Updated normative data for the EORTC QLQ-C30 in the general Dutch population by age and sex: a cross-sectional panel research study. Qual Life Res. 2023;32(9):2477-87.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij keuze voor geneesmiddel

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes, arts-docent en onderzoeker in het Amsterdam UMC.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.