Minder CV-events bij gebruik van polypil met aspirine

mm
Daniël Dresden
Redactioneel,
19 november 2020

Een gecombineerde behandeling met een polypil plus aspirine vermindert het risico op cardiovasculaire (CV) events in vergelijking met placebo bij patiënten met een gemiddeld CV-risico, die nog geen manifeste hart- en vaatziekten hebben. Deze resultaten van de TIPS-3-studie verschenen tegelijkertijd tijdens het AHA-congres en in het NEJM.

Een hoge bloeddruk en een hoog LDL-cholesterolgehalte behoren zoals bekend tot de belangrijkste beïnvloedbare risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Een gelijktijdige afname hiervan, ongeacht de uitgangswaarden, zou in theorie moeten leiden tot een substantieel afgenomen incidentie van hart- en vaatziekten. Dit concept biedt een rationale voor het gebruik van een polypil, waarin lipiden- en bloeddrukverlagende medicatie gecombineerd worden, bij hoog risicopatiënten.

(Foto: iStock)

Rol aspirine

Aspirine heeft een bewezen waarde bij patiënten met manifeste hart- en vaatziekten. Het is echter onduidelijk wat de rol van aspirine als monotherapie of als onderdeel van een polypil is in het kader van de primaire preventie van hart- en vaatziekten.

TIPS-3

In The International Polycap Study 3 (TIPS-3) is geëvalueerd of behandeling met een polypil, bestaande uit een statine en meerdere bloeddrukverlagers, aspirine alleen of de combinatie hiervan het risico op CV-events vermindert bij personen zonder manifeste hart- en vaatziekten.

De 5713 deelnemende patiënten hadden geen pre-existente hart- en vaatziekten, maar wel een verhoogde INTERHEART-risicoscore. Ze kregen dagelijks willekeurig een ​​polypil, bestaande uit met 40 mg simvastatine, 100 mg atenolol, 25 mg hydrochloorthiazide en 10 mg ramipril, of placebo. Daarnaast kregen ze dagelijks aspirine 75 mg of placebo en maandelijks vitamine D of placebo.

Minder CV-events

Na een follow-up van gemiddeld 4,6 jaar was het LDL-cholesterolgehalte 0,49 mmol/l en de systolische bloeddruk 5,8 mmHg lager bij patiënten die de polypil en combinatietherapie kregen, dan in de placebogroep.
Voor de vergelijkingen van polypil alleen en polypil plus aspirine was het primaire eindpunt een samenstelling van CV-sterfte, myocardinfarct, beroerte, gereanimeerde hartstilstand, hartfalen of revascularisatie. Dit eindpunt trad op bij 4,4% van de patiënten in de polypil-groep en bij 5,5% in de placebogroep (hazard ratio 0,79). In de gecombineerde behandelgroep trad dit eindpunt op bij 4,1% in vergelijking met 5,8% in de dubbele placebogroep (HR 0,69).

Voor de vergelijking van aspirine was het primaire eindpunt een samenstelling van CV-sterfte, myocardinfarct of beroerte. Dit eindpunt trad op bij 4,1% in de aspirinegroep en bij 4,7% in de placebogroep (HR 0,86).
Ook de veiligheid werd beoordeeld. De incidentie van hypotensie of duizeligheid was hoger in groepen die de polypil kregen dan in de bijbehorende placebogroepen.

Conclusie

In deze grote gerandomiseerde studie resulteerde de combinatie van een polypil, bestaande uit een statine en drie bloeddrukverlagers, en aspirine in een afgenomen incidentie van CV-events in vergelijking met placebo bij patiënten met een gemiddeld CV-risico, die nog geen manifeste hart- en vaatziekten hadden.


Referenties: Pais P. A Polypill for Primary Prevention of Cardiovascular Disease in Intermediate Risk People: Results of the International Polycap Study (TIPS)-3. AHA E-Congress 2020, abstract https://eventpilotadmin.com/web/page.php?page=IntHtml&project=AHA20&id=2187
Yusuf S, Joseph P, Dans A, et al. Polypill with or without Aspirin in Persons without Cardiovascular Disease. N Engl J Med. 2020 Nov 13. doi: 10.1056/NEJMoa2028220. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/33186492/

, , , , , , ,
Deel dit artikel