Log in om uw persoonlijke bookmarks op te kunnen slaan.
Minidarmpjes voorspellen of medicijn werkzaam is bij taaislijmziekte
Voor een groot deel van de patiënten met taaislijmziekte zijn effectieve medicijnen beschikbaar, maar die zijn niet bij elke mutatie werkzaam. In het kader van haar promotieonderzoek werkte Marlou Bierlaagh in het UMC Utrecht mee aan de ontwikkeling van een innovatieve test met minidarmpjes om te bepalen of een medicijn werkzaam is bij patiënten met een zeldzame mutatie. “Als de organoïden opzwellen tot kleine ballonnetjes, weten we: dit medicijn werkt voor deze patiënt.”
In Nederland hebben ongeveer 1.700 mensen taaislijmziekte (cystic fibrosis, CF), vertelt Bierlaagh, die nu anios kindergeneeskunde is in het Amsterdam UMC. “Ongeveer een derde van deze groep bestaat uit kinderen en twee derde uit volwassenen. Bij 90% van hen vinden we de F508del-mutatie. Door deze mutatie functioneert het CFTR-kanaaltje, dat verantwoordelijk is voor het transport van zout en water en voor de regulatie van de vochtigheid van het slijm, niet goed. Voor deze groep zijn effectieve medicijnen beschikbaar, de zogenoemde CFTR-modulatoren.”

“Als het kanaaltje niet werkt, blijven de organoïden verschrompeld – het zijn dan net kleine rozijntjes”
Anios kindergeneeskunde Marlou Bierlaagh
Zeldzame mutaties
Voor mensen zonder de F508del-mutatie ligt de situatie lastiger. “In die groep zien we wereldwijd meer dan 2.000 zeldzame mutaties. Dat maakt onderzoek enorm complex”, zegt Bierlaagh. “Er zijn simpelweg te weinig patiënten met dezelfde mutatie om studies met voldoende statistische ‘power’ uit te voeren.” Het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA) heeft vorig jaar zomer erkend dat onderzoek bij zeldzame mutaties zeer moeilijk is. Daarom heeft het EMA goedgekeurd dat ook patiënten met een zeldzame mutatie toegang krijgen tot CFTR-modulatoren, maar Zorginstituut Nederland heeft dit advies niet overgenomen. “En dan komt ons onderzoek in beeld”, zegt Bierlaagh. “Wij hebben namelijk een test ontwikkeld die kan voorspellen of een medicijn bij een individuele CF-patiënt met een zeldzame mutatie werkzaam zal zijn.”
Kleine rozijntjes
Deze zogeheten ‘forskolin-induced swelling’(FIS)-test voor CF maakt gebruik van organoïden: in dit geval minidarmpjes die worden gekweekt uit stamcellen afkomstig uit een klein stukje darmweefsel van de patiënt. “Deze organoïden zijn een prachtig model om de werking van het CFTR-kanaaltje te testen”, legt Bierlaagh uit. “Als het kanaaltje niet werkt, vindt er geen transport van water plaats en blijven de organoïden verschrompeld – het zijn dan net kleine rozijntjes. Bij een goede functie van het kanaaltje zwellen de organoïden op tot ballonnetjes.” Door de organoïden te behandelen met verschillende medicijnen, kan direct worden gezien of het kapotte transportkanaaltje weer functioneert. “Als de organoïden opzwellen, weten we: dit medicijn werkt voor deze patiënt met deze specifieke zeldzame mutatie.”
“Deze test kan veel kosten schelen”
‘Letter of support’
Hoewel de test goed lijkt te werken, heeft het EMA deze nog niet officieel beoordeeld. “Daarvoor moeten we eerst meer data verzamelen”, zegt Bierlaagh. “We hebben wél een ‘letter of support’ van het EMA ontvangen, waaruit blijkt dat het bureau de test veelbelovend vindt. En recentelijk hebben we meegedaan aan een grote Europese studie naar de FIS-test. De resultaten hiervan zijn nog niet gepubliceerd, maar het is wel een grote stap vooruit in de dataverzameling. Daarnaast moet de test voor meerdere therapieën worden onderzocht, om aan te tonen dat hij breed toepasbaar is. Ik verwacht dat we binnen twee jaar een volledig pakket kunnen aanbieden en opnieuw naar het EMA kunnen gaan voor goedkeuring.”
Meer toepassingen
De FIS-test moet in een gespecialiseerd laboratorium worden uitgevoerd en kost ongeveer 2.500 euro per patiënt. “Maar dat staat in geen verhouding tot de kosten van CFTR-modulatoren, die rond de 300.000 euro per patiënt per jaar liggen”, zegt Bierlaagh. “Als we met deze test kunnen aangeven of een medicijn wel of niet geschikt is voor een patiënt, kan dat veel kosten schelen.”
Idealiter ziet Bierlaagh dat de test in de toekomst standaard wordt ingezet bij alle patiënten met CF. “Maar voorlopig is de grootste winst vooral bij patiënten met een zeldzame mutatie. En nu Zorginstituut Nederland het advies van het EMA niet opvolgt, wordt onze test nog relevanter.” Daarnaast verwacht ze toepassingen bij jonge kinderen. “Bij baby’s en peuters is spirometrie niet mogelijk, terwijl we wél willen weten of een medicijn bij hen werkt. Voor jonge patiënten is onze test heel geschikt.” Ook bij toekomstige geneesmiddelen kan de methode waardevol zijn. “Er komt ongetwijfeld meer dan één modulator op de markt. Dan willen we kunnen bepalen welk middel het beste past bij welke patiënt, ook bij de grote groep mét de F508del-mutatie.”
“We kunnen de organoïden invriezen, ontdooien en opnieuw gebruiken”
Herbruikbaar
En het mooie is: de minidarmpjes zijn herbruikbaar. “We kunnen de organoïden invriezen, ontdooien en opnieuw gebruiken”, vertelt Bierlaagh. “Zo bouwen we een steeds grotere biobank op, waarmee we de werkzaamheid van nieuwe medicijnen kunnen onderzoeken bij patiënten met een zeldzame mutatie. We zijn bij CF al behoorlijk ver met precisiegeneeskunde. Hopelijk kan deze aanpak een voorbeeld worden voor andere zeldzame ziekten.”
Bianca Hagenaars
