DOQ

Modafinil houdt piloten ‘s nachts alert. Zorgverleners ook?

Vliegerarts luitenant-kolonel Yara Wingelaar-Jagt werkt bij het Centrum voor Mens en Luchtvaart van de Koninklijke Luchtmacht. Ze beoordeelt of piloten lichamelijk en mentaal inzetbaar zijn, en onderzoekt hoe ze dat ook bij slaaptekort kunnen blijven. Een van de middelen die ze testte, is modafinil. “Het werkt beter dan cafeïne, maar is geen wondermiddel.” Wat betekent haar onderzoek voor zorgverleners met nachtdiensten?

Yara Wingelaar-Jagt deed de afgelopen jaren veel onderzoek naar vermoeidheid en de invloed ervan op prestaties in de lucht. Voor haar promotieonderzoek aan de Universiteit Maastricht, dat ze vorig jaar afrondde, onderzocht ze hoe piloten tijdens nachtvluchten hun alertheid kunnen behouden. Aanleiding waren klachten van straaljagerpiloten over vermoeidheid en het beperkte effect van de gebruikte cafeïnetabletten. “Zo’n tablet is vergelijkbaar met drie tot vier koppen koffie, maar piloten drinken op uitzending vaak al veel koffie. Dan werkt zo’n pilletje nauwelijks nog.”

“Toen het effect van cafeïne was uitgewerkt, werkte modafinil nog door”

Vliegerarts luitenant-kolonel Yara Wingelaar-Jagt

Dexamfetamine geen optie

“Tijdens een nachtvlucht draaien piloten soms urenlang rondjes boven een woestijngebied, waar weinig gebeurt. Dat is eentonig werk, maar je moet wél alert blijven”, vertelt Wingelaar-Jagt. De vraag rees of er een effectiever middel was dan cafeïne. Aanvankelijk overwoog ze de werking van dexamfetamine te testen. Dit middel werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruikt door geallieerde en Duitse soldaten om vermoeidheid te onderdrukken. Wingelaar-Jagt legt uit waarom die optie afviel: “Dexamfetamine kan verslavend zijn en je beoordelingsvermogen aantasten. Dat wil je niet in een militair-operationele setting.” De keuze viel uiteindelijk op modafinil, een stimulerend middel dat wordt voorgeschreven bij narcolepsie en al langer gebruikt wordt door onder andere de Amerikaanse luchtmacht.

Effectiever dan cafeïne

Wingelaar-Jagt liet 32 gezonde jonge luchtmachtmedewerkers drie keer een nacht wakker blijven in het slaaplab. De deelnemers kregen één nacht een dosis cafeïne, een andere nacht modafinil en de derde nacht een placebo, in willekeurige volgorde en zonder dat ze wisten wat ze innamen. Tijdens de nacht voerden de vliegers verschillende alertheidstests uit. “Zowel cafeïne als modafinil gingen de effecten van slaaptekort tegen”, zegt Wingelaar-Jagt. “Bij placebo zag je juist dat de reactietijd verslechterde en het aantal fouten toenam.” Het opvallendste verschil zat aan het eind van de nacht: “Toen was het effect van cafeïne al grotendeels uitgewerkt, terwijl modafinil nog duidelijk doorwerkte.” Mogelijk had modafinil ook een gunstig effect op de herstelslaap. “De deelnemers sliepen korter dan na inname van een placebo, maar gaven aan zich wel uitgeslapen te voelen.”

Laatste redmiddel

De resultaten waren overtuigend genoeg om het middel voortaan toe te staan bij operationele inzet. “Als vliegers verwachten dat ze vermoeid raken, kunnen ze modafinil gebruiken, altijd op vrijwillige basis en na een grondtest”, zegt Wingelaar-Jagt. “Maar we zien modafinil als laatste redmiddel. Als iemand moe is, houden we die persoon liever aan de grond. Alleen is dat niet altijd mogelijk. Tijdens uitzendingen heb je soms te maken met onvoorspelbare situaties of militaire noodzaak. Dan moet iemand gewoon inzetbaar zijn.”

Ook voor zorgverleners?

In hoeverre kunnen zorgverleners die nachtdiensten draaien ook baat hebben bij modafinil? “Net als in de luchtvaart moet het werk in de zorg ’s nachts doorgaan. In dat opzicht is het ethische vraagstuk vergelijkbaar”, zegt Wingelaar-Jagt. “Maar praktisch gezien is de situatie anders. Wij hebben in de luchtvaart vliegerartsen die modafinil zorgvuldig kunnen voorschrijven, het gebruik begeleiden en bijwerkingen nauwgezet monitoren. In de zorg is zo’n structuur vaak niet aanwezig. Dan moet je extra zorgvuldig afwegen of het middel echt nodig is, en hoe je het veilig inzet.”

“De zorg kan leren van het bredere ‘fatigue management uit de luchtvaart”

Dutjes

Volgens Wingelaar-Jagt kan de zorg vooral leren van het bredere ´fatigue management´ uit de luchtvaart. “Dat begint met goede roosters, slaaphygiëne en kennis over hoe vermoeidheid ontstaat en wat het met je doet. Ook zaken als geplande dutjes en voorlichting over cafeïnegebruik horen erbij. Modafinil is pas aan de orde als niets anders werkt. Het is effectief, maar moet wel onder de juiste voorwaarden worden gebruikt. Slapen is en blijft de beste manier om vermoeidheid te verhelpen en voorkomen.”

Referentie: Wingelaar‑Jagt YQ. Medicinal fatigue management in military aviation: standard operating procedure or last line of defence? Maastricht: Maastricht University; 2024. 191 p. doi:10.26481/dis.20240926yw

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”