DOQ

Nederlandse studie toont diafragmapathologie bij COVID-19

Een studie van eigen bodem levert uniek bewijs voor de expressie van het angiotensine-converting enzyme 2 (ACE-2) in het diafragma en voor de infiltratie van SARS-CoV-2 in het diafragma bij COVID-19-patiënten die op de IC opgenomen waren. Deze bevindingen verschenen in JAMA Internal Medicine.

Manifestaties van een SARS-CoV-2-infectie buiten de longen hebben grote klinische implicaties. Desalniettemin waren de effecten van deze infectie op de ademhalingsspieren nog niet onderzocht. Dat is verrassend, aangezien de ademhalingsspieren de alveolaire ventilatie aansturen en zwakte daarvan kan resulteren in acuut respiratoir falen. Ernstig zieke patiënten die beademd worden en zwakke ademhalingsspieren hebben, moeten gemiddeld genomen langere tijd beademd worden en hebben een hoger overlijdensrisico.

(Foto: iStock)

COVID-19 versus controle op IC

In deze studie is het verband tussen COVID-19 en de ademhalingsspieren bij ernstig zieke patiënten onderzocht en vergeleken met bevindingen bij ernstig zieke patiënten zonder COVID-19. Daarbij is specifiek gekeken naar het middenrif, omdat dat de belangrijkste ademhalingsspier is.

Opeenvolgende biopten van de diafragmaspier werden verzameld bij autopsie van 26 patiënten die door COVID-19 ernstig ziek waren geweest. Als controlegroep werden diafragmamonsters verzameld van acht overleden patiënten die ernstig ziek waren geweest zonder COVID-19.

De mediane leeftijd van de overleden COVID-19-patiënten was 71 jaar de meesten (81%) waren mannen. 24 patiënten (92,3%) kregen invasieve mechanische beademing gedurende gemiddeld 12 dagen. Het aantal beademingsdagen en de opnameduur op de IC waren vergelijkbaar tussen COVID-19- en controlepatiënten. COVID-19-patiënten hadden een hogere body mass index (BMI) en werden minder vaak met steroïden behandeld. Geen patiënt had een pre-existente neuromusculaire aandoening.

ACE-2 en virussen in diafragma

Bij analyse van het ACE-2 in het diafragma bleek dit voornamelijk gelokaliseerd te zijn op het spiermembraan. Dit enzym biedt een toegangspunt voor SARS-CoV-2 om de spiervezels van het diafragma te infecteren. Bewijs voor virus-RNA van SARS-CoV-2 in het middenrif werd gevonden bij vier patiënten (15,4%).

Nadere analyses met in situ hybridisatie bevestigden dat het virus-RNA gelokaliseerd was in de spiervezels van het middenrif. Een aanvullende analyse van de genexpressieprofielen toonde een activering van fibrosevorming (signalering via fibroblastgroeifactor). In overeenstemming hiermee was de epimysiale en perimysiale fibrosevorming meer dan twee keer hoger in de diafragma’s van COVID-19- dan van controlepatiënten.

Bij COVID-19-patiënten werd dus een toegenomen expressie van genen die betrokken zijn bij de fibrosevorming, gevonden. In aansluiting hiermee was er histologisch bewijs voor de ontwikkeling van fibrose in het diafragma. Dit myopathische fenotype was duidelijk verschillend van dat van controlepatiënten, die even lang beademd en op de IC opgenomen waren.

Ernstige diafragma-myopathie

Er moet nog vastgesteld worden of diafragma-myopathie een direct effect is van SARS-CoV-2. Slechts drie patiënten in de controlegroep (37,5%) hadden een virale longziekte. Bovendien is het verband van de virale pneumonie met de middenrifspieren onbekend.

De gedachte is dat ernstige diafragma-myopathie tijdens COVID-19, zoals gevonden in deze studie, kan leiden tot diafragmazwakte en zou kunnen bijdragen aan een falende weaning van de beademing en in een aanhoudende kortademigheid en vermoeidheid bij patiënten met COVID-19 die hun IC-verblijf overleven.


Referenties: Shi Z, de Vries HJ, Vlaar APJ, et al. Diaphragm Pathology in Critically Ill Patients With COVID-19 and Postmortem Findings From 3 Medical Centers. JAMA Intern Med. 2020, Nov 16. DOI:10.1001/jamainternmed.2020.6278. https://jamanetwork.com/journals/jamainternalmedicine/fullarticle/10.1001/jamainternmed.2020.6278?guestAccessKey=43ecbf75-b2de-43da-8f8f-b633af5627fb&utm_source=For_The_Media&utm_medium=referral&utm_campaign=ftm_links&utm_content=tfl&utm_term=111620  

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”