DOQ

Neoadjuvante immuuntherapie effectief bij MMR-deficiënt coloncarcinoom

Een behandeling met twee kuren immuuntherapie voorafgaand aan chirurgie blijkt veilig en haalbaar bij patiënten met niet-gemetastaseerd mismatch-repair-deficiënt coloncarcinoom. “We zagen daarnaast dat slechts één patiënt geen pathologische respons had op de neoadjuvante behandeling”, zegt dr. Myriam Chalabi, internist-oncoloog in het Antoni van Leeuwenhoek, over de resultaten van de NICHE-2-studie.

Het begon allemaal in 2016 met de NICHE-1-studie, blikt Myriam Chalabi terug. “We wisten inmiddels dat immuuntherapie werkzaam was bij een deel van de patiënten met gemetastaseerd mismatch-repair (MMR)-deficiënt coloncarcinoom.” En preklinische gegevens wezen erop dat het eerder inzetten van immuuntherapie bij darmkanker mogelijk effectiever was. “In de NICHE-1-studie, een relatief kleine, exploratieve studie, hebben we toen 35 patiënten met niet-gemetastaseerd coloncarcinoom in de wachttijd tot aan de operatie neoadjuvant behandeld met immuuntherapie.”[1] Dit betrof zowel patiënten met MMR-deficiënte als patiënten met MMR-proficiënte tumoren. Chalabi: “In de NICHE-1-studie behaalden alle patiënten met MMR-deficiënte tumoren een pathologische respons. In de wetenschap dat neoadjuvante chemotherapie bij slechts 5% van de patiënten een pathologische respons gaf, was dit echt een heel bijzonder resultaat.”

“Het indrukwekkendst was dat bijna alle patiënten (99%) een pathologische respons hadden. 95% had een complete of bijna complete respons en 67% een pathologische complete respons”

Internist-oncoloog dr. Myriam Chalabi

Uitgebreidere tumoren

De positieve resultaten van de NICHE-1-studie leidden tot het opzetten van de NICHE-2-studie met in totaal 112 patiënten. “We includeerden, net als in NICHE-1, niet eerder behandelde patiënten met niet-gemetastaseerd MMR-deficiënt coloncarcinoom. Dit keer selecteerden we op de uitgebreidere, maar nog wel operatief te verwijderen tumoren.” De co-primaire eindpunten waren veiligheid, haalbaarheid en ziektevrije overleving. “De pathologische respons was een van de secundaire eindpunten.”

“Slechts 4% van de patiënten had bijwerkingen van graad 3 of 4”

Fantastisch resultaat

Chalabi presenteerde de resultaten van de NICHE-2-studie tijdens het afgelopen ESMO-congres.[2] “Het indrukwekkendste was dat bijna alle patiënten (99%) een pathologische respons hadden, 95% een complete of bijna complete respons had en 67% een pathologische complete respons. Dit was echt een fantastisch resultaat.” Daarnaast werd de behandeling goed verdragen. “Slechts 4% van de patiënten had bijwerkingen van graad 3 of 4.” Wat betreft de haalbaarheid van de behandeling was bepaald dat bij niet meer dan 5% van de patiënten uitstel van de operatie mocht plaatsvinden wegens immuungerelateerde bijwerkingen. Ook voor dit eindpunt was de studie positief. “Bij slechts twee patiënten was uitstel van de operatie wegens bijwerkingen noodzakelijk”, zegt Chalabi, “en deze patiënten zijn inmiddels allebei geopereerd.”

“We zagen na een follow-up van 13 maanden nog geen recidieven”

Nieuwe standaardbehandeling

Op basis van deze resultaten kan neoadjuvante immuuntherapie volgens Chalabi de nieuwe standaardbehandeling worden voor patiënten met niet-gemetastaseerd MMR-deficiënt coloncarcinoom. “Maar naast deze resultaten op korte termijn moeten we ook de resultaten op lange termijn, de ziektevrije overleving, afwachten”, zegt zij. “We weten dat de kans op een recidief met chemotherapie bij stadium 3-coloncarcinoom 20 tot 40% is, en hopen dat dit met neoadjuvante immuuntherapie veel lager is. Bij de presentatie op de ESMO zagen we – na een mediane follow-up van 13 maanden – nog geen recidieven.”

Binnenkort nieuw cohort

Totdat neoadjuvante immuuntherapie onderdeel is van de standaardzorg bij niet-gemetastaseerd coloncarcinoom, blijft het volgens Chalabi belangrijk patiënten met MMR-deficiënte tumoren in studieverband te behandelen. “We proberen voor zoveel mogelijk van deze patiënten een studie beschikbaar te hebben.” Chalabi benadrukt hierbij het belang van het bepalen van de MMR-status voorafgaand aan de operatie. Ze hoopt binnenkort een nieuw cohort te openen voor neoadjuvante immuuntherapie bij MMR-deficiënt coloncarcinoom.

Respons bij MMR-proficiënte tumoren

“Maar we mogen in dit kader ook zeker de patiënten met MMR-proficiënte tumoren niet vergeten”, besluit zij. “In de NICHE-1-studie had 30% van deze patiënten een pathologische respons op neoadjuvante immuuntherapie.[3] Dat is echt hoog voor een tumortype waarvan we vooraf niet verwachtten dat immuuntherapie effectief zou zijn en waarvoor het alternatief chemotherapie is.” Binnen de NICHE studie loopt een vervolgstudie voor patiënten met MMR-proficiënte tumoren, geeft zij daarbij aan. “Op dit moment verandert het behandellandschap voor patiënten met MMR-proficiënte tumoren veel minder snel dan het landschap voor MMR-deficiënte tumoren. Maar als we echt vooruit willen komen met de behandeling van coloncarcinoom, dan zullen we toch neoadjuvante studies moeten blijven doen. Daar leren we ontzettend veel van.”

Referenties:

  1. Chalabi M, Fanchi LF, Dijkstra KK, Van den Berg JG, Aalbers AG, Sikorska K, e.a. Neoadjuvant immunotherapy leads to pathological responses in MMR-proficient and MMR-deficient early-stage colon cancers. Nat Med. april 2020;26(4):566–76.
  2. Chalabi M, Verschoor YL, Van den Berg J, Sikorska K, Beets G, Lent A, e.a. Neoadjuvant immune checkpoint inhibition in locally advanced MMR-deficient colon cancer: The NICHE-2 study. Ann Oncol. 2022;33(Suppl_7):S808–69.
  3. Verschoor YL, van den Berg J, Beets G, Sikorska K, Aalbers A, van Lent A, e.a. Neoadjuvant nivolumab, ipilimumab, and celecoxib in MMR-proficient and MMR-deficient colon cancers: Final clinical analysis of the NICHE study. JCO. juni 2022;40(16_suppl):3511–3511.
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

De lessen van de langst­vliegende MMT-arts van Nederland

MMT-arts Nico Hoogerwerf vertelt over zijn ervaringen als medisch specialistische zorgverlener per helikopter. “Wij dóen vooral, we voeren handelingen uit. Wij voelen niet de machteloosheid die politiemensen wel kunnen voelen.”

Casus: patiënt met zwelling in de mond

Een patiënte komt op het spreekuur met sinds 2 maanden een zwelling in de mond aan de linkerzijde. Het was destijds 1-2cm, welke spontaan ontlastte met dik taai slijm. Sindsdien komt het in wisselende grootte regelmatig terug. Wat is uw diagnose?

Verslaving onder zorgprofessionals: anonieme hulp is voorhanden

Verslaving is ook onder zorgprofessionals een reëel probleem. Marlies de Rond vertelt over het KNMG-programma ABS-zorgprofessionals, dat anonieme hulp en ondersteuning biedt aan zorgprofessionals die worstelen met problematisch middelengebruik en verslaving.

‘Zoveel artsen willen hun bezieling terug’

MDL-arts Marieke Gielen vindt het huidige zorgsysteem niet houdbaar voor medisch specialisten. “Ik heb mijn bezieling terug en wil nu een bruggenbouwer zijn tussen de reguliere zorg en het bredere zorgveld.”

Het Calamiteiten­­hospi­taal: in dertig minuten opera­tioneel na een ramp 

Mirjam de Jong vertelt hoe het Calamiteitenhospitaal in Utrecht bij een ramp razendsnel operationeel wordt gemaakt en hoe het een cruciale rol speelt in de nationale zorg. “Bij een grote groep slachtoffers moet je bedenken hoe je zoveel mogelijk levens kunt redden.”

Casus: man met toenemende pijn bovenbuik

Een man heeft sinds 2 weken toenemende pijn in de bovenbuik, ter plaatse van het maagkuiltje. De pijn is vooral aanwezig bij het eten en is brandend van karakter. Wat is uw diagnose?

‘Ik wil mensen helpen die het meest in nood zitten’

Werken in oorlogsgebieden geeft Zafer Altunbezel (Artsen zonder Grenzen) voldoening. Dagelijks ziet hij patiënten met oorlogstrauma, soldaten en burgers. “Als je wordt uitgestuurd naar een oorlogsgebied moet je oplossingen kunnen bedenken in zeer atypische situaties.”

‘Te veel welzijns­kwesties komen in het medisch domein’

Karine van ‘t Land is voorzitter van KAMG: een beroepsvereniging, maar ook een lobbyclub die de volksgezondheid wil verbeteren. “Wat Artsen Maatschappij + Gezondheid bindt is dat ze bezig zijn met drie dingen: met preventie, met volksgezondheid en met grote groepen.”

Aanpak onder­voeding moet multi­discipli­nair

Ongeveer een kwart van alle patiënten is bij opname ondervoed. Dit kan leiden tot minder snel herstel en langere opnameduur. De aanpak ervan is een zaak van het hele ziekenhuis, vertellen Emma Koster en Wesley Visser. “Ondervoeding is veel meer dan te weinig eten.”

Casus: jonge patiënt met heftige oorpijn

De 9-jarige patiënt voor u heeft de hele nacht heftige oorpijn gehad rechts. Zijn gehoor is beiderzijds goed en hij heeft geen koorts. Hij is een weinig snotterig. Wat is uw diagnose?


0
Laat een reactie achterx