‘Netwerkzorg rond gemetastaseerd NSCLC kan beter’
Redactioneel
10 juni 2026
In de periode 2020-2023 was er tussen Nederlandse regio’s een significant verschil in het percentage patiënten dat moleculaire diagnostiek onderging vanwege gemetastaseerd niet-squameus niet-kleincellig longcarcinoom (NSCLC). Dat concluderen onderzoekers naar aanleiding van een analyse van vijf netwerkzorgregio’s. Promovenda Jente Klok: “Verschil in organisatiestructuur zou de verschillen in toegepaste moleculaire diagnostiek tussen de regio’s kunnen verklaren.”
In de richtlijn ‘Niet kleincellig longcarcinoom’ wordt geadviseerd om patiënten die in aanmerking komen voor palliatieve systeemtherapie op aberraties in meerdere genen te testen.1 Het identificeren van moleculaire afwijkingen maakt een gepersonaliseerde behandelstrategie mogelijk, waarbij patiënten in aanmerking kunnen komen voor doelgerichte therapieën die aansluiten bij het tumorprofiel. “De aanbeveling voor moleculaire diagnostiek betrof in de periode 2020-2023 de patiënten met stadium III- en IV-kanker”, vertelt Jente Klok, promovenda bij de afdelingen Longgeneeskunde en Maatschappelijke Gezondheidszorg van het Erasmus MC. Klok en collega’s onderzochten de inzet en toepassing van moleculaire diagnostiek en de eerstelijnsbehandeling bij gemetastaseerd niet-squameus NSCLC binnen vijf Nederlandse regio’s in de periode 2020-2023.
“Netwerkzorg voor deze patiëntengroep was destijds nog vrij nieuw en we wilden weten hoe dit ervoor stond”
Aanmelden
Meld u gratis aan om toegang te krijgen tot DOQ,
waar zorgprofessionals kennis en visie delen.
Ik heb al een DOQ account