DOQ

Onderzoek naar vroege miskramen kan NIPT en IVF verbeteren

Veel meer vroege miskramen dan voorheen gedacht zijn het gevolg van genetische afwijkingen in het embryo, ontdekten onderzoekers van de Universiteit van Maastricht. Daarbij zijn met name genetische afwijkingen die al in de ei- en zaadcellen aanwezig zijn fataal. Deze kennis is te gebruiken om zowel de NIPT als de keuze van embryo’s voor IVF te verbeteren, vertelt hoofdonderzoeker Masoud Zamani Esteki van het Maastricht UMC+.

Van alle miskramen vinden er negen van de tien plaats in het eerste trimester van de zwangerschap. “Vrouwen die dit overkomt voelen zich vaak schuldig”, legt Masoud Zamani Esteki uit. “Ons onderzoek laat zien dat dit gevoel onterecht is; in 70% van de gevallen is een genetische afwijking in het embryo de reden van de miskraam. De ‘natuur’ selecteert in de eerste drie maanden van de ontwikkeling van de foetus heel streng, laat ons onderzoek zien.”

“70% van de embryo’s had een genetische afwijking als oorzaak van de vroege miskraam”

Onderzoeker Masoud Zamani Esteki

Genetische foutjes

Het onderzoek dat Zamani Esteki en collega’s onlangs publiceerden in Nature Medicine, borduurt voort op een eerdere bevinding. “In mijn promotieonderzoek vond ik met pre-implantatie diagnostiek dat maar liefst 80% van alle embryo’s die waren ontstaan via IVF genetische foutjes hadden in de vorm van te veel, te weinig, verlengde of verkorte chromosomen, een zogeheten abnormaal karyotype. Bij verder gevorderde zwangerschappen vonden we amper genetische foutjes in de foetus. En als we ze zagen, kwamen ze vooral voor in cellen van de placenta. De vraag was dus wat er in die vroege periode van de zwangerschap gebeurt met die cellen met een abnormaal karyotype.”

1700 vroege miskramen

Om hier meer inzicht in te krijgen, zocht Zamani Esteki contact met onderzoekers in Tomsk. “Zij beschikken over een collectie van ruim 1700 vroege miskramen, products of conception zeggen we in jargon, samen met bloedmonsters van de ouders.” In Maastricht onderwierpen Zamani Esteki en collega’s dit materiaal aan een genetisch onderzoek. “We keken eerst met de klassieke karyotypering. Daarbij vonden we, net als eerder is gevonden, bij ca. 50% van de vroege embryo’s die uitmondden in een miskraam, een abnormaal karyotype. Toen we vervolgens een deel van de embryo’s met een normaal karyrotype onderwierpen aan een eerder door mij ontwikkelde nieuwe techniek, haplarithmisis geheten, vonden we in een deel van die embryo’s andere genetische foutjes. Alles bij elkaar kwamen we uit op 70% van de embryo’s waarbij de aanwezigheid van een genetische afwijking de oorzaak was van de vroege miskraam. De oorzaak van de resterende 30% kennen we nog niet.”

“Een deel van de positieve NIPT-testen is eigenlijk vals positief”

Foute cellen

Met de haplarithmisis kun je ook nagaan wanneer de genetische fout is ontstaan: al in de ei- of zaadcellen of pas in het embryo als er kort na de bevruchting enorm veel celdelingen plaatsvinden. Zamani Esteki: “Genetische foutjes in de ei- of zaadcellen komen in alle cellen van het embryo terecht. Foutjes die ontstaan na de bevruchting komen maar in een deel van de cellen terecht. Het idee is dat de ‘foute’ cellen die na de bevruchting ontstaan weer uit de foetus verdwijnen. Enerzijds doordat ze terecht komen in het deel van het embryo dat uitgroeit tot de placenta, anderzijds doordat ze simpelweg afsterven.” Geheel in lijn met deze theorie vonden de Maastrichtse onderzoekers in de embryo’s van vroege miskramen vooral genetische foutjes die al waren ontstaan bij de vorming van de ei- en zaadcellen.

Vals positief

Deze bevinding heeft implicaties voor zowel de NIPT (niet-invasieve prenatale test) als de selectie van embryo’s voor IVF, stelt Zamani Esteki. “Het DNA waarop de NIPT wordt uitgevoerd is afkomstig van de placenta. Ons onderzoek bevestigt het idee dat de placenta meer ‘foute cellen’ kan bevatten dan de foetus. Dat betekent dat een deel van de positieve NIPT-testen eigenlijk vals positief is, want aan de foetus mankeert genetisch gezien niets. Dat blijkt dan wanneer via een invasieve test cellen van de foetus zijn onderzocht. We werken nu aan het integreren van de haplarithmisis techniek in de NIPT. Je kunt dan meteen zien of de genetische afwijking vóór of na de bevruchting is ontstaan. In het laatste geval is de kans klein dat de afwijking ook in de foetus aanwezig is.”

“Is het foutje pas na de bevruchting ontstaan, dan kun je dat embryo wel implanteren”

Wel of niet implanteren

Ten slotte de selectie van de IVF-embryo’s. “Vind je bij de pre-implantatie genetische test embryonale cellen met een genetisch foutje, dan is het ook hierbij zinvol te kijken wanneer dit foutje is ontstaan. Is het al in de ei- en zaadcellen ontstaan, dan is de kans groot dat het embryo niet levensvatbaar is en de IVF-poging eindigt in een vroege miskraam. Dat embryo moet je niet implanteren. Is het foutje pas na de bevruchting ontstaan, dan is de kans groot dat de afwijkende cellen niet in de foetus terecht komen en niet van invloed zullen zijn op de zwangerschap. Dat embryo kun je wel implanteren.”

Referenties:

  1. Essers R., et al. Prevalence of chromosomal alterations in first-trimester spontaneous pregnancy loss. Nat Med. 2023; 29: 3233-3242.
  2. Zamani Esteki M., The effect of embryonic genome imbalances on pregnancy. Nature Medicine. 2023; 29: 3014-3015.
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Hoe AI no-shows in het ziekenhuis terugdringt

Met AI kunnen patiënten worden herkend die hun afspraak dreigen te missen, laten Annabel Seffelaar en Siem Aarts zien. Zo kunnen zij tijdig herinnerd worden aan hun afspraak. “Elke week halen we er zeker zes of zeven patiënten uit die de afspraak totaal vergeten waren.”

Casus: vrouw die niet kan boeren

Een 23-jarige vrouw klaag over een lang aanhoudend drukkend gevoel achter het sternum, met name na de maaltijd. Het lukt haar dan niet om te boeren. Braken zorgt meestal snel voor verlichting van de klachten. Wat is uw diagnose?

Meer aandacht nodig voor de basisarts

In de zorg zijn veel openstaande vacatures en de werkdruk stijgt. Een van de oorzaken: het tekort aan basisartsen. De Jonge Specialist probeert het tij te keren. Maar het is een complex vraagstuk, vertellen bestuursleden Phebe Berben en Leene Vermeulen.

Waarom praten over wat écht telt eerder moet beginnen

In de palliatieve fase ervaren patiënten met gevorderde kanker vaak minder keuzevrijheid dan artsen denken, blijkt uit promotieonderzoek van Daisy Ermers. Gesprekken over wat voor patiënten echt belangrijk is, komen vaak laat op gang.

Weg met de dokter: de positieve werking van natuur op gezondheid

Contact met de natuur kan stress verminderen en het welzijn verbeteren, vertelt huisarts Pim van den Dungen. Een ervaring die hij graag wil delen met andere zorgverleners. Ook in de spreekkamer ziet hij kansen voor natuur in de zorg.

Casus: man met verlies van intimiteit na prostaat­kanker­behandeling

Een 58-jarige man komt bij de medisch seksuoloog vanwege verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling. Sildenafil heeft een matig effect gehad en de voorgeschreven vacuümpomp gebruikt hij niet. Wat is het meest aangewezen beleid?

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”


Lees ook: ‘Voorkom verklevingen in de baarmoeder zoveel mogelijk’

Naar dit artikel »