Onderzoeker Wijburg: ‘Betere geneesmiddelenbewaking van natalizumab bij MS’

mm
redactie
Redactioneel,
8 november 2019

Bij mensen met multiple sclerose die natalizumab gebruiken en de zeldzame complicatie progressieve multifocale leukoencefalopathie (PML) hebben, blijkt dat de grootte van de afwijkingen op MRI-beelden verband houdt met het aantonen van het JC-virus in het hersenvocht. PML kan, zo blijkt uit onderzoek van Martijn Wijburg, bij mensen met kleine afwijkingen op MRI niet betrouwbaar worden uitgesloten. Daarnaast heeft zijn onderzoek er voor gezorgd dat een PML beter vroegtijdig te herkennen is op MRI-beelden.

Het vroeg ontdekken van PML is belangrijk voor het op tijd beginnen met de behandeling en geeft de patiënt een gunstigste prognose. Afwijkingen op MRI-beelden die veroorzaakt worden door PML, worden gemakkelijk verward met nieuwe afwijkingen die door MS veroorzaakt zijn. Door het onderzoek van Martijn Wijburg is nu beter bekend welke afwijkingen op MRI-beelden het beste bij een PML passen.

Martijn Wijburg

Wijburg stelt dat voor het stellen van de diagnose PML het belangrijk is om de bij passende afwijkingen op de MRI te herkennen. Het goed trainen van radiologen en neurologen is hierbij belangrijk. Daarnaast is het belangrijk dat bij iemand met MS die natalizumab gebruikt en bij wie het vermoeden op PML bestaat, een negatieve JC-virus test in het hersenvocht voorzichtig moet worden geïnterpreteerd. Vooral bij mensen met kleine afwijkingen op de MRI-beelden.

Dit is zeer belangrijke nieuwe informatie voor de geneesmiddelenbewaking van het medicijn natalizumab en kan tevens van belang zijn voor het doen van nieuwe onderzoeken naar de behandeling van PML.A

Bron: Amsterdam UMC

, , , , ,
Deel dit artikel