DOQ

‘One dose fits one’: welke dosering past het best bij déze kwetsbare patiënt?

Medicatie via het ‘one dose fits all’-principe – een gemiddelde dosering bij een gemiddelde patiënt – is bij kwetsbare patiënten zoals neonaten en ic-patiënten niet altijd wenselijk. Bij kwetsbare patiënten luistert de geneesmiddelblootstelling immers zeer nauw. Prof. dr. Birgit Koch werkt in haar onderzoek aan de ontwikkeling en implementatie van computermodellen die de dosering helpen af te stemmen op de individuele behoefte van kwetsbare patiënten: ‘one dose fits one’.

Prof. dr. Birgit Koch, ziekenhuisapotheker in het Erasmus MC en hoogleraar Klinische Farmacometrie aan de Erasmus Universiteit van Rotterdam, werkt in haar onderzoek aan de ontwikkeling en implementatie van computermodellen die medicatiedosering helpen afstemmen op kwetsbare patiënten. “Gemiddeld komen veel mensen uit met de standaarddoseringen van geneesmiddelen”, vertelt Koch. “Maar bij een aantal groepen, zoals kwetsbare patiënten, komt de dosering heel nauw en is afstemming nodig op de individuele kenmerken: one dose fits one.” Het kan dan gaan om neonaten, kinderen, of mensen op de ic. “Bij ic-patiënten kan bijvoorbeeld het hartminuutvolume en de renale klaring hoger of juist lager zijn dan normaal”, zegt ze. “De vochtbalans kan anders zijn of een patiënt moet dialyse ondergaan. Allemaal factoren die het gedrag van het geneesmiddelen in het lichaam beïnvloeden en waarmee bij het doseren rekening gehouden moet worden. Bij een te lage bloedconcentratie ligt een verminderde effectiviteit op de loer, terwijl bij een te hoge concentratie toxiciteit kan ontstaan.”

Ziekenhuisapotheker en klinisch farmacoloog dr. Birgit Koch

Modellen

Koch werkt aan de ontwikkeling en implementatie van computermodellen waarmee de juiste dosering bij kwetsbare patiënten zo goed mogelijk is te benaderen. “Deze modellen zijn direct toepasbaar in de klinische praktijk”, licht Koch toe. Die modellen moeten gevoed worden met data over het – van het gemiddelde afwijkende – gedrag van geneesmiddelen bij kwetsbare patiënten. Bij deze patiënten worden bloedmonsters afgenomen op een aantal punten in de tijd, waardoor inzicht staat in het verloop van de bloedconcentraties. Aan de hand daarvan is het mogelijk om de dosering op de individuele patiënt af te stemmen. Door dit bij een groot aantal patiënten te doen, ontstaat een grote datapool om de computermodellen mee te ‘voeden’. Het Erasmus MC beschikt over een groot laboratorium dat in staat is om per jaar ongeveer 70.000 bloedmonsters te analyseren.

“Bij slechts 16% van de patiënten was de bloedconcentratie voldoende hoog en werd het zogeheten ‘pharmacodynamic target’ gehaald. Aanpassing van de dosering was dus nodig”

Antibiotica

Koch vertelt over een onderzoek dat zij uitvoerde naar antibiotica op de ic, in samenwerking met het Maasstad Ziekenhuis in Rotterdam, de zogeheten EXPAT-studie. “Dit is een onderzoek naar ciprofloxacine dat plaatsvond bij 175 patiënten, 60% mannen en 40% vrouwen. Ze kregen een standaarddosering ciprofloxacine, waarna in totaal ongeveer duizend bloedsamples werden verzameld. Wat bleek? Bij slechts 16% van de patiënt was de bloedconcentratie gedurende een bepaalde tijd voldoende hoog en werd het zogeheten ‘pharmacodynamic target (PDT)’ gehaald. Aanpassing van de dosering was dus nodig. Ook bleek uit dit onderzoek dat bij cefalosporines het PDT bij ongeveer 60% van de patiënten gehaald. Bij 40% werd dat dus niet gehaald.” 


Antipsychotica

Een ander onderzoek dat Koch uitvoerde en waarnaar inmiddels vervolgonderzoek loopt, is aanpassing van dosering van antipsychotica op geleide van bloedspiegels bij kinderen met autisme. Koch: “Door de bloedconcentraties van antipsychotica tussen bepaalde grenzen te houden, wordt mogelijk het risico op gewichtstoename als bijwerking beperkt, zonder dat de effectiviteit van de medicatie verloren gaat. Vervolgonderzoek moet dit bevestigen.” Zie hierover een artikel dat eerder verscheen op DOQ.nl.

“Het is de bedoeling dat deze geïndividualiseerde dosering ook in het EPD wordt opgenomen”

Lange weg

Het doel is om uiteindelijk voor zoveel mogelijk geneesmiddelen modellen te ontwikkelen en implementeren die kunnen voorspellen welke dosering bij kwetsbare patiënten het best passend is. Koch: “Op dit moment zijn er voor enkele geneesmiddelen modellen ontwikkeld, zoals voor de antibiotica gentamycine en tobramycine bij kinderen, vancomycine bij ic-patiënten en tacrolimus bij transplantatiepatiënten. De apotheker voert dan de individuele patiëntkenmerken in, waarna het computermodel een geïndividualiseerde dosering genereert. Deze dosis wordt nog gecontroleerd aan de hand van een bloedspiegelmeting. De bedoeling is dat deze geïndividualiseerde dosering ook in het EPD opgenomen gaat worden.”


Heel veel data

Voor de meeste geneesmiddelen bij kwetsbare patiënten wordt nu de dosering nog bepaald aan de hand van een serie spiegelbepalingen. Om voor meer geneesmiddelen computermodellen te ontwikkelen, zijn vooral heel veel data nodig die de modellen kunnen ‘voeden’, zegt Koch. “We verzamelen nu data aan de hand van bloedmonsters van patiënten die op de ic hebben gelegen en die weggegooid zouden worden – het zogeheten restmateriaal – en data uit nieuw onderzoek dat we in het Erasmus MC en samen met andere ziekenhuizen uitvoeren. Zelf let ik erop dat als ik onderzoeksresultaten heb, die direct in de modellen stop. Idealiter zou je ook alle data die ooit in de literatuur zijn verschenen erbij willen hebben. Om al die data uit PubMed te halen is een hele klus. Een promovendus kan dat doen, maar ik zie hierbij ook een mogelijkheid voor toepassing van kunstmatige intelligentie, een ontwikkeling die in de toekomst zeker een grotere rol gaat spelen. De modellen die nu al bestaan, verbeteren we verder in samenwerking met de TU Delft. Enkele wiskundestudenten werken hier bij ons aan.” 

“Het zou ideaal zijn als je met biosensoren aan het bed kunt meten en dat de bloedspiegel van het te bepalen geneesmiddel direct bekend is”

Anders meten

Kijkend naar de toekomst ziet Koch, naast de opkomst van kunstmatige intelligentie, vooral dat de samenwerking rond onderzoek naar geïndividualiseerd doseren zal verbeteren. “Zo werken we hierbij nu al samen met het Amphia Ziekenhuis in Breda, het Maasstadziekenhuis in Rotterdam, het Radboudumc in Nijmegen en het Amsterdam UMC. Een voorbeeld is het DOLPHIN-cohort, waarbij ic’s van 8 ziekenhuizen meewerken aan een onderzoek naar het op geleide van de bloedspiegels doseren van bètalactam-antibiotica en fluorochinolonen.” Naast meer samenwerking is ‘anders meten’ een wens, geeft Koch aan. “Nu wordt bloed bij de patiënt afgenomen, bijvoorbeeld op de ic. Dat gaat naar het lab en vervolgens duurt het enkele uren of langer voordat de uitslag van de bloedwaarden bekend is. Ideaal zou zijn als dit met biosensoren aan het bed kan en de bloedspiegel van het te bepalen geneesmiddel direct bekend is, zodat de dosering aangepast kan worden. Maar daarvoor is nog een lange weg te gaan.” 

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.

Farmacogenetica kan bijwerkingen en therapiefalen voorkomen

Onverklaarbare bijwerkingen of het uitblijven van een effect zijn voor apotheker Peter Mourad redenen om farmacogenetisch onderzoek te doen. “Door tijdig rekening te houden met iemand genetische profiel, kan veel onnodige schade worden voorkomen.”

Casus: oudere man met algehele malaise

Een 84-jarige man presenteert zich op de spoedeisende hulp met sinds een week algehele malaise. Daarbij heeft patiënt zeurende pijn in de linkerflank, met uitstraling naar de rug, en last van polyurie. Wat is uw diagnose?

Zorgen voor en over AI bij zorgverleners

De beloftes van AI in de gezondheidszorg zijn groot. Maar AI kent ook nadelen en potentiële gevaren. Met haar theaterstuk ‘Zorgen voor AI’ wil Roanne van Voorst de discussie hierover stimuleren op de werkvloer. “In de praktijk valt de bespaarde tijd meestal tegen.”

Gelijke behandeling betekent niet altijd hetzelfde behandelen

Kinderarts Charlie Obihara schreef samen met zijn vrouw, psycholoog Dorian Maarse, het boek ‘Naar een inclusieve opleiding in de zorg’. “Als de opleiding niet meebeweegt met een steeds diverser wordende samenleving, loop je het risico dat je zorg tekortschiet.”

Aanvrager echo doet vaak geen lichamelijk onderzoek

In meer dan de helft van de gevallen hebben aanvragers van echografie vooraf geen lichamelijk onderzoek verricht. Andreea Pavel: “Wanneer het beschreven lichamelijk onderzoek bij meerdere polibezoeken identiek is, vraag je je af of het wel écht heeft plaatsgevonden.”


Lees ook: Ziekenhuisapotheker dr. Koch: ‘Meting bloedspiegels helpt mogelijk tegen bijwerkingen risperidon bij kinderen’

Naar dit artikel »