DOQ

Overheid biedt duidelijkheid over medicinaal drugsgebruik en verkeersdeelname

Patiënten die behandeling krijgen met morfine, dexamfetamine of medicinale cannabis zijn volgens het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen sinds 2017 strafbaar als bij een verkeerscontrole blijkt dat ze te veel van deze stoffen in hun bloed hebben. Dit gaf veel onduidelijkheid bij patiënten, artsen en apothekers, want deze wetgeving strijdt met de adviezen van apothekersorganisatie KNMP over geneesmiddelen en verkeersveiligheid. Recent heeft de overheid duidelijkheid gegeven over haar werkwijze in de praktijk, vertelt Els Dik, apotheker bij het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM). “Voor apothekers en artsen is het vooral belangrijk om patiënten te informeren over het niet mogen gebruiken van alcohol of drugs naast deze drie genoemde middelen.”

In 2017 heeft de overheid in het Besluit alcohol, drugs en geneesmiddelen limieten ingesteld voor de concentraties van drugs die je als verkeersdeelnemer in je bloed mag hebben bij een verkeerscontrole. Blijken die concentraties bij een speekseltest te hoog te zijn, dan ben je strafbaar. Op de lijst voor drugslimieten prijkt ook een drietal middelen die voor medische doeleinden worden gebruikt: morfine, dexamfetamine en medicinale cannabis. Dat leidde tot de situatie dat óók patiënten die deze stoffen als medicatie gebruiken en hiervan een te hoge waarde in hun bloed hebben – wat zomaar kan gebeuren als iemand een hoge dosering moet gebruiken – strafbaar zijn. Honderdduizenden patiënten die deze middelen gebruiken, zouden niet meer mogen autorijden, motorrijden of fietsen op de openbare weg. Een oneerlijke situatie vond apothekersorganisatie KNMP, die hierover in 2017 een brief schreef aan de vaste Kamercommissie voor Infrastructuur en Waterstaat. De KNMP stelde voor om in de wet een uitzondering te maken voor patiënten die deze middelen op recept gebruiken.

Apotheker Els Dik

Strafbaar

“Die wetswijziging is er niet gekomen, maar na uitgebreid overleg tussen de betrokken ministeries – VWS, Infrastructuur en Waterstaat en Justitie en Veiligheid – en diverse beroepsorganisaties, heeft de overheid besloten om de werkwijze in de praktijk te beschrijven, zodat helderheid ontstaat voor patiënten en zorgverleners”, zegt Els Dik. “Dat staat sinds kort beschreven op Rijksoverheid.nl/medicijnenverkeer.* Toen de drugslimieten in 2017 werden gelanceerd was er veel onduidelijk voor patiënten, artsen en apothekers”, vervolgt Dik. “De kans is niet groot dat je in een normale verkeerssituatie aangehouden wordt voor een drugscontrole. Maar patiënten zijn in principe strafbaar als bij een controle blijkt dat de bloedconcentratie van een van de genoemde middelen de detectielimiet van de speekseltest op drugs overschrijdt. Er was behoefte aan duidelijkheid over de werkwijze in de praktijk.”

“Er is dus verschil in effect tussen kortdurend recreatief gebruik van geneesmiddelen die op de drugslijst staan en langer durend medisch gebruik volgens voorschrift, waarbij gewenning optreedt”

Morfine

Wat het verwarrend maakte, was dat de KNMP in haar wetenschappelijk onderbouwde medicatiebewakingsadviezen over geneesmiddelen en verkeer aangeeft dat patiënten die gewend zijn aan deze medicatie, na een bepaalde periode en bij gebruik volgens voorschrift veilig aan het verkeer kunnen deelnemen. Artsen en apothekers zien dit in hun informatiesystemen staan. Andere zorgverleners vinden het verkorte advies van de KNMP op rijveiligmetmedicijnen.nl. “Bij morfine geldt bijvoorbeeld dat het twee weken duurt voordat je mag rijden. Stop je met morfine en start je daarna opnieuw, dan geldt dat je weer twee weken niet mag rijden. Er is dus verschil in effect tussen kortdurend recreatief gebruik van geneesmiddelen die op de drugslijst staan en langer durend medisch gebruik hiervan volgens voorschrift, waarbij gewenning optreedt”, zegt Dik. Dat is precies wat de KNMP destijds ook in haar brief stelde.

“Patiënten kunnen bij verkeerscontrole aangeven dat ze deze middelen op recept gebruiken. De agent noteert dit dan in het proces-verbaal, maar de controle gaat daarna wel door”

Politiebureau

De wet maakt dit onderscheid niet en daarom was het zoeken om hier een praktische mouw aan te passen die patiënten recht doet en duidelijkheid geeft aan de betrokken zorgverleners. In principe blijven gebruikers van deze middelen strafbaar, zo stelt de overheid nu, tenzij ze kunnen aantonen dat ze deze middelen om medische redenen gebruiken. “Wel geldt bij patiënten bij wie tijdens een verkeerscontrole bloedwaardes boven de detectielimiet worden aangetroffen, dezelfde procedure doorlopen als bij drugs- of middelengebruikers, vertelt Dik. “Patiënten kunnen aangeven dat ze deze middelen op recept gebruiken. De agent noteert dit dan in het proces-verbaal, maar de controle gaat daarna wel door. Je wordt meegenomen naar het politiebureau, waarna bloedafname door een arts plaatsvindt. Daarna bepaalt het Nederlands Forensisch Instituut de exacte bloedconcentratie. Het Openbaar Ministerie kijkt daarna of er vervolging plaats moet vinden.”

“Stel iemand gebruikt morfine, drinkt een biertje, gaat daarna autorijden en loopt tegen een verkeerscontrole aan, dan is er grote kans op vervolging”

Nullimiet

Om als patiënt vervolging te voorkómen, is het belangrijk om het Openbaar Ministerie (OM) een doktersrecept of medische verklaring (zoals een actueel medicatieoverzicht) te kunnen overleggen en dat de patiënt de medicatie stipt volgens voorschrift heeft gebruikt, zegt Dik. “Daarnaast mag je letterlijk geen druppel alcohol drinken – hierbij geldt een nullimiet – of drugs gebruiken. Voor apothekers en artsen is het vooral belangrijk om patiënten te informeren over het niet mogen gebruiken van alcohol naast deze drie genoemde middelen. Stel iemand gebruikt morfine, drinkt een biertje, gaat daarna autorijden en loopt tegen een verkeerscontrole aan, dan is er grote kans op vervolging.”

Verder geldt dat als iemand een ongeluk veroorzaakt, en de genoemde geneesmiddelen gebruikt, de verzekering in het algemeen de schade uitkeert mits de patiënt gewend was aan de medicatie en deze stipt volgens voorschrift heeft gebruikt. Het advies is om de patiënt bij de eigen verzekeringsmaatschappij na te laten vragen wat voor diegene geldt.

* Voor meer informatie zie:
https://www.rijksoverheid.nl/medicijnenverkeer
https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/verkeersveiligheid/vraag-en-antwoord/drugs-in-het-verkeer
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stb-2016-529.html
www.rijveiligmetmedicijnen.nl

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij keuze voor geneesmiddel

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes, arts-docent en onderzoeker in het Amsterdam UMC.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.