DOQ

‘Geen appels met peren vergelijken, maar uniforme pijnmetingen’

Rianne van Boekel (44) is verpleegkundig expert en sinds begin dit jaar themaleider ‘Pijn’ aan het Radboudumc in Nijmegen. Voorafgaand aan haar benoeming heeft zij drie jaar de vorige themaleider geassisteerd. Van Boekel doet na haar master Epidemiologie ook promotieonderzoek naar het onderwerp acute pijn, waarop zij in december zal promoveren. “Je moet goed kijken naar mogelijke verbeterpunten voor de zorg voor patiënten met pijn. Het kan altijd beter!”

Er zijn een paar veiligheidsprogramma’s benoemd in het Radboudumc, die voortkomen uit het VMS-veiligheidsprogramma. Het VMS-veiligheidsprogramma is door de overheid gestart en heeft in bijna alle ziekenhuizen in Nederland gelopen. De begeleiding vanuit VMS-zorg is gestopt, maar het Radboud heeft dezelfde thema’s aangehouden. “Wanneer je weet waarom mensen onnodig komen te overlijden, is het mogelijk om verbeterpunten te bedenken”, zegt Rianne van Boekel, verpleegkundig expert en themaleider ‘Pijn’ bij het ziekenhuis. “Het Radboudumc heeft daarvoor een themaleider op elk thema uit het veiligheidsprogramma gezet.”

Onderliggende oorzaak
“Pijn kan een signaal zijn dat er iets aan de hand is. Een patiënt houdt het echter vaak voor zichzelf, en doet of het niet belangrijk is, omdat hij voor iets anders bij de dokter is”, vertelt Van Boekel. “Ook medische professionals hebben soms te weinig aandacht voor pijn. Wanneer we de onderliggende oorzaak of de hulpvraag van de patiënt behandelen, gaat het vanzelf weg, is vaak de gedachte. Wanneer jij onderzoek doet naar pijn, en de pijn goed uitvraagt en behandelt, dan gaan mensen erop vooruit. Ze blijven minder lang ziek en herstellen sneller. In het Radboud een belangrijke reden waarom onze focus op de pijn ligt.”

Pijnteam
Kankerpatiënten hebben vaak te maken met pijn. “De kwaliteit van leven is bij kankerpatiënten een stuk beter wanneer je het als specialist vroeg onderkent.” In een interview in Medisch Contact staat beschreven dat ziekenhuizen onvoldoende aandacht voor pijn hebben. Van Boekel: “Bij chirurgie zijn flinke verbeteringen doorgezet. Er zijn echter nog ziekenhuizen waar het nog niet voldoende op de rit staat. Patiënten met kanker en chronische patiënten krijgen binnen ziekenhuizen niet altijd genoeg pijnaandacht. Deels komt dat door de organisatie. Wij hebben daarvoor bij het Radboud een actief pijnteam, dat ook landelijk opereert om verbeteringen door te voeren. Zonder actief pijnteam, of zonder een pijnconsulent, gaat dat minder snel. Je moet er als ziekenhuis geld voor vrijmaken. Een pijnconsulent is vaak een gespecialiseerde verpleegkundige. De functie wordt soms wegbezuinigd.”

Uniforme pijnmetingen
Van Boekel deed onderzoek naar een basisset voor de indicatoren, waarbij ze verschillende ziekenhuizen vergeleek. “We hebben richtlijnen”, zegt ze, “maar die worden soms anders geïnterpreteerd. Je moet een patiënt vragen welk cijfer de pijn krijgt. 0 is daarbij geen pijn, 10 is veel pijn. Ziekenhuizen weten dat ze slechter scoren wanneer patiënten hoge cijfers aangeven. Als een patiënt zegt ‘Ik heb wel wat pijn’, dan zegt iemand van het ziekenhuis ‘U mag nu kiezen tussen 0, 1 en 2’ en dat geeft een vertekend beeld. Wanneer je lage pijncijfers wilt hebben, kun je ook een uur na de pijnmedicatie meten. Je kunt pijn in rust meten, of bij beweging. In beweging heeft een patiënt meer pijn, die voor complicaties kan zorgen. Een ziekenhuis dat in rust meet, krijgt lagere scores! Er moeten dus uniforme afspraken worden gemaakt, zodat we bij alle ziekenhuizen op dezelfde manier en op hetzelfde moment meten.”

Binnen het Radboud scoren de patiënten hoger op pijn dan bij andere ziekenhuizen. “Dat komt onder andere door de vragen die wij stellen”, legt Van Boekel uit. “Pijn is bovendien een subjectieve beleving van de patiënt onder de gegeven omstandigheden. Je moet weten welke pijn acceptabel is voor de patiënt. In Nederland is alles boven de 4 al veel pijn, en boven de 7 is ernstige pijn. Dit is onderzocht bij grote groepen patiënten. Dat soort punten zijn niet altijd een-op-een toepasbaar op de individuele patiënt. Voor een subjectieve beleving die met de huidige meetinstrumenten niet volledig objectief te meten is.”

Minder interpretatiefouten
Er is nu een nieuwe indicatorenset ‘Ziekenhuisbreed Pijnmanagement’ naar aanleiding van kritiek op de vorige set. “Ik was voorzitter”, vertelt Van Boekel. “De kritiek bestond eruit dat bij de pijnscores appels met peren werden vergeleken, waardoor verkeerde meetwaarden naar de Inspectie werden gestuurd. Meten is belangrijk. Ook op de poli, ook in de kliniek, maar in een duidelijke ‘bijlage’ staat welk meetinstrument je gebruikt, hoe je meet, wat je meet, en wanneer je meet.”

Er is een kennisset klinisch redeneren over pijn, die in een proeftuinconstructie beschikbaar komt. De bijlagen geven een meer uniforme manier van werken. “De interpretatiefouten komen dan minder voor. In de indicatorenset zitten we tevens op registratie. Wat je meet moet je vastleggen. De verpleegkundige moet daadwerkelijk opschrijven wat de patiënt zegt. Registratie is belangrijk, zodat je ook op groepsniveau kunt kijken welke patiënten pijn hebben, en hoe dat komt. Digitaal registreren is nog niet in alle ziekenhuizen van kracht. Die digitale data is belangrijk. De oude Plan, Do, Check, Act-verbetercyclus is daarbij belangrijk. Na knelpuntanalyses kijk je of het nieuwe systeem werkt. De kracht zit in het simpele.”

Overal pijnservice
Nog niet bij alle ziekenhuizen is het goed georganiseerd. “We willen dat ieder ziekenhuis een eigen pijnservice krijgt”, zegt Van Boekel. “In ieder geval een pijnconsulent die de kar trekt, een gespecialiseerde verpleegkundige, anesthesiemedewerker, of een verpleegkundig specialist. Maar geen artsen, die hebben daar geen tijd voor. Ik hoop dat we over een aantal jaar in alle ziekenhuizen bij alle patiënten pijn meten, dat digitaal registreren, en een pijnservice bieden. Er wordt vaak beleid bedacht voor patiënten, maar je moet ook de patiënt zelf vragen stellen, en leren uit hoe zij de zorg beleven”

Meer informatie:

Meer informatie:
www.vmszorg.nl
www.oncologieverpleging.nl
www.ntvg.nl/

Auteur: Lennard Bonapart, Medisch journalist

 

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘Tip patiënten de mediterrane leef­stijl’

Volgens cardioloog Annemieke Jansen gaan gezond en lekker uitstekend samen in het mediterrane dieet. Samen met haar zus schrijft ze hierover kookboeken. “Schrijf patiënten de mediterrane leefstijl voor, er valt zoveel mee te winnen!”

Casus: patiënt uit een zonnig land met schilferende huidafwijking

Een 66-jarige man heeft sinds drie maanden een schilferende huidafwijking op het linker scheenbeen. De plek jeukt soms licht, is niet pijnlijk en heeft niet gebloed. Patiënt is opgegroeid in een zonnig land en is in het verleden vaak door de zon verbrand. Wat is uw diagnose?

‘Een cruiseschip is een prachtig model om infectie­ziekten te bestuderen’

Arts-microbioloog Jan Sinnige deed onderzoek op een schip met een buiktyfus-uitbraak en ontdekte daar wat de oorzaak was. Hij legt uit wat we kunnen leren over infectieziekten op cruiseschepen. “In de gesloten omgeving van een schip wordt zichtbaar wat op het vasteland vaak verborgen blijft.”

De top is niet het doel

Cardiothoracaal anesthesioloog Remco Berendsen vertelt over zijn passie voor hoogtegeneeskunde. De extreme omstandigheden op grote hoogte bieden volgens hem een uniek inzicht op het menselijk lichaam. Die ervaringen neemt hij ook mee naar de spreekkamer.

Bij evenementen­­zorg valt de traditionele hiërarchie weg

Lianne Scholten vertelt hoe medische zorg wordt georganiseerd op grote evenementen, van festivals tot hardloopwedstrijden. “Als op het Formule 1-circuit een coureur met 300 km/uur crasht, telt elke seconde.”

Casus: man met hematurie, mictieklachten en afwijkingen in de blaas

Een 66-jarige man bezoekt de polikliniek Urologie vanwege macroscopische hematurie en mictieklachten. Hij heeft al jaren een slappe straal en moeite met helemaal leegplassen. Ook moet hij één tot twee keer per nacht plassen. Wat is uw diagnose?

‘Elk specialisme moet op zoek naar zijn eigen fietshelm-project’

Marcel Aries combineert zijn werk als intensivist met een nieuwe rol als preventie-intensivist. Hij pleit ervoor dat iedere medisch specialist zich inzet voor preventie van vermijdbare aandoeningen en letsels. “Ik zie zoveel ellende die te voorkomen is.”

‘De Nutritheker’: medicatie­gebruik terug­dringen door verbete­ring van leefstijl

Rinske Pauw verruilde de ziekenhuisapotheek voor een praktijk waarin medicatie, voeding en leefstijl samenkomen. “Het heeft me altijd geboeid hoe je door preventie mensen gezond kunt houden, met zo min mogelijk medicatie.”

‘Dokter, hoe is het met mijn frame?’

Meer dan veertig jaar stond wielerarts Jos Benders midden in het peloton om acute medische zorg te verlenen. Nu hij het stokje overdraagt, blikt hij terug op een tijd vol mooie herinneringen én uitdagingen. “Ik was als eerste arts bij geletruidrager Fabian Cancellara.”

‘Claimende en eisende patiënten maken de werk­druk onhoudbaar’

Dermatoloog Annemie Galimont stopte met haar specialisatie ‘eczeem’. Het grensoverschrijdende gedrag waar ze mee te maken kreeg, werd haar te veel. “Jij hebt een weekendje getiktokt en komt míj vertellen hoe ik mijn werk moet doen?”