DOQ

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

In samenwerking met alle geneeskundeopleidingen in Nederland heeft een projectteam van het UMC Utrecht een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Public Health Anna Kersten. “Als een arts telkens mensen terugstuurt naar de omstandigheden waarin ze ziek zijn geworden, ben je dan écht bezig met gezondheidszorg?”

“Preventie is zeker niet nieuw in de geneeskundeopleiding. Stoppen met roken, vaccinaties en screenings zijn bekend. Maar de maatschappij wordt steeds complexer en er zijn eindeloos veel vraagstukken waar je preventie op zou kunnen en moeten toepassen. Denk bijvoorbeeld aan overgewicht, gehoorschade en nieuwe voertuigen zoals fatbikes”, zegt Kersten.

“Er is een unieke rol weggelegd voor artsen in preventie”

Senior docent Public Health Anna Kersten

Wat artsen moeten weten over preventie

Daarom hebben Kersten en haar collega’s een routekaart naar effectief preventieonderwijs in de geneeskundeopleiding ontwikkeld.1 Dit project komt voort uit het Raamplan Artsopleiding uit 2020, waaraan alle geneeskundeopleidingen moeten voldoen. In de routekaart staat beschreven wat artsen moeten kunnen op het gebied van preventie en het biedt handvatten voor onderwijsontwikkeling.

Preventie: hoe doe je dat?
Aan het eind van de geneeskundeopleiding moeten afgestudeerden volgens de routekaart op de hoogte zijn van de vier stappen van preventie op individueel niveau en populatieniveau:

  1. Signaleren. Kersten: “Preventie begint met het signaleren dat er een gezondheidsprobleem, -risico of -behoefte is. Bijvoorbeeld dat iemand rookt, maar tegelijkertijd ook veel stress ervaart.
  2. Verifiëren. Kersten: “De arts verifieert met data of bij anderen of er inderdaad een gezondheidsprobleem, -risico of -behoefte is en wat de omvang hiervan is.”
  3. Interveniëren. Kersten: “Hier horen vaardigheden bij zoals motiverende gespreksvoering. Ook is kennis nodig om te weten waar je een patiënt naar kunt doorverwijzen, waar je een gezondheidsrisico moet adresseren en hoe je samenwerkt met relevante partners. Oftewel: echt iets doen met wat je signaleert.”
  4. Evalueren. Kersten: “Je zult ook altijd moeten evalueren of ingezette acties effect hebben. Dat houdt in dat je na een aantal maanden weer terugkomt bij de patiënt om te kijken hoe het nu gaat.”

Genoeg te leren

Kersten ziet graag dat preventie een need to know wordt, in plaats van een nice to know. “Er is een unieke rol weggelegd voor artsen in preventie. Als arts zie je van alles voorbijkomen in de spreekkamer. Bijvoorbeeld iemand die in aanmerking komt voor leefstijlinterventie. Je kunt diegene verwijzen of begeleiden. Voor geneeskundestudenten is hier genoeg in te leren: hoe voer ik zo’n gesprek met iemand en waar kan ik diegene naartoe verwijzen?”

Populatieniveau

Voor veel artsen is individuele preventie wel bekend, zoals een patiënt helpen te stoppen met roken. “Maar ook op populatieniveau hebben artsen een taak”, vindt Kersten. “En dat moeten we al tijdens de geneeskundeopleiding leren aan studenten.” Kersten geeft de SEH-artsen van het Frisius MC als voorbeeld van preventief ingrijpen op populatieniveau.2 “Zij kwamen in actie nadat ze veel ongelukken met fatbikes signaleerden. Vervolgens zijn ze dit gaan onderzoeken met een telling. Ook hier zie je de unieke rol van artsen op het gebied van preventie: alleen zij hebben toegang tot die data.” Na oproepen van deze artsen in de media en aan de politiek is de regering nu bezig met een helmplicht voor kinderen onder de 18 jaar.

“Preventie hoeft niet altijd te gaan over iets groots als een landelijke wetswijziging”

Preventie in het klein

“Het optreden van de SEH-artsen is een mooi voorbeeld van preventie. Helaas is het geen vast onderdeel van hun werk, laat staan dat dit zichtbaar is voor coassistenten. Een arts zou, als rolmodel, de coassistenten best bij zoiets kunnen betrekken”, meent Kersten. “Maar preventie hoeft niet altijd te gaan over iets groots als een landelijke wetswijziging. Je kunt bijvoorbeeld binnen een ziekenhuis of huisartsenpraktijk meer aandacht vestigen op de sociale kaart. Hiermee kunnen patiënten met veel maatschappelijke problemen naar de juiste hulp verwezen worden.”

“De geneeskundeopleidingen kunnen de routekaart nu zelf gaan gebruiken”

Kijkje achter de voordeur

Kersten hoopt dat preventie over een paar jaar in alle disciplines binnen de geneeskundeopleiding is geïntegreerd, en dat het niet meer als aparte discipline wordt gezien. “De geneeskundeopleidingen kunnen de routekaart nu zelf gaan gebruiken, bijvoorbeeld met meer ‘community-based learning’: een onderwijsconcept waarbij studenten ervaring opdoen in de ‘echte’ wereld. Dat kan door eens achter de voordeur van de patiënt te kijken.” Volgens Kersten vraagt goede zorg om meer dan het steeds terugsturen van patiënten naar de omstandigheden waarin ze ziek zijn geworden. “Ben je dan écht bezig met gezondheidszorg?”

Referenties:

  1. Routekaart naar preventieonderwijs. Universiteit Utrecht. 29 april 2025.
  2. Rijden op een e-bike vergroot kans op hersenletsel, blijkt uit onderzoek Frisius MC. NOS. 25 augustus 2025.
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Apothekers krijgen vergoeding voor therapietrouw­gesprekken

Therapietrouwgesprekken door apothekers worden in Noord-Limburg bij wijze van proef vergoed. Apotheker Erna Mombarg legt uit wat deze gesprekken opleveren. “Ik krijg uit het hele land van collega’s reacties: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’”

Als oorlog de zorg op de proef stelt

Bij een grootschalig conflict zullen ook Nederlandse ziekenhuizen grote aantallen gewonde militairen moeten opvangen. Traumachirurg en militair Eelco Huizinga vertelt wat dat van de zorg kan vragen. “Als zorgprofessional moet je je afvragen: wat wordt er van mij verwacht?”

Wacht niet tot de patiënt zich uitspreekt

Patiënten lijken tegenwoordig mondiger dan ooit. Maar vijftig jaar onderzoek laat een ander beeld zien. Mondigheid blijkt bovendien niet alleen iets van de patiënt: ook de zorgverlener bepaalt hoeveel ruimte een patiënt krijgt, stelt Sandra van Dulmen.

Casus: vrouw met pijn op de borst na kankerdiagnose

Een 73-jarige vrouw bezoekt de Spoedeisende Hulp vanwege misselijkheid, kortademigheid en acute pijn op de borst. Een paar dagen ervoor kreeg zij te horen dat zij waarschijnlijk uitgezaaide alvleesklierkanker heeft. Wat is uw diagnose?

Gebrek aan samenwerking remt inzet van AI in de zorg

Veel AI-toepassingen voor de zorg bereiken de werkvloer niet. Sara Ben Hmido onderzocht welke barrières implementatie in de weg staan en legt uit waarom samenwerking vanaf het begin cruciaal is. “Als AI-ontwikkelaar moet je vanaf het begin optrekken met zorgverleners.”

Casus: vrouw met symptomatisch galsteenlijden zonder cholecystitis

Een 41-jarige vrouw bezoekt de SEH vanwege buikpijn. Echografie van het abdomen toont een dunwandige galblaas gevuld met concrementen en verwijde galwegen. De radioloog concludeert dat er sprake is van choledocholithiasis zonder cholecystitis. Wat is uw beleid?

Voorkom aangeleerde hulpe­­loosheid: laat zorgprofessionals zelf met oplos­­singen komen

Als zorgprofessionals herhaaldelijk ervaren dat hun inbreng niets verandert, kunnen ze stoppen met meedenken. Kjeld Aij legt uit hoe kleine verbeteringen en meer invloed op de werkvloer aangeleerde hulpeloosheid kunnen voorkomen. “Er is bijna altijd enige invloed, hoe klein ook.”

Op het spoor van een intoxicatie

Volgens SEH-arts en toxicoloog Femke Gresnigt ontbreekt een intoxicatie nog te vaak in de differentiaaldiagnose. “Soms denken we daar pas aan als andere oorzaken zijn uitgesloten. Dan kan er al kostbare tijd verloren zijn gegaan.”

Casus: progressieve kortademigheid na embolisatie van een varicocele

Een 36-jarige man presenteert zich op de SEH met toenemende kortademigheid, hoesten, algehele malaise en koorts. Negen dagen ervoor heeft hij een endovasculaire embolisatie met cyanoacrylaat ondergaan vanwege een symptomatische varicocele. Wat is uw diagnose?

Meer halen uit bestaande medicijnen

Een verminderde nierfunctie betekende lange tijd dat pemetrexed geen behandeloptie was. Rob ter Heine en Nikki Bleijs-de Rouw onderzochten hoe dit toch veilig kan worden ingezet en lieten zien hoeveel winst te behalen valt met onderzoek naar bestaande geneesmiddelen.