DOQ

Screen man met BRCA2-mutatie op prostaatkanker

Mannen die drager zijn van een BRCA2-mutatie hebben een ruim 2,5 keer verhoogd risico op prostaatkanker vergeleken met mannen zonder deze mutatie. Krijgen zij prostaatkanker, dan is bovendien vaker sprake van een agressievere tumor en een slechtere prognose. Deze nieuwe kennis is reden om mannen met een BRCA2-mutatie voortaan te adviseren zich eens per twee jaar te laten controleren. Klinisch geneticus in het UMC Utrecht Margreet Ausems: “Deze maand informeren wij mannen hierover die eerder bij ons DNA-onderzoek hebben laten doen, en BRCA2-drager bleken te zijn.”

Najaar 2019 werden de resultaten van de internationale IMPACT-studie bekend. Daarin is onderzoek gedaan naar de waarde van screening op prostaatkanker bij BRCA1- en BRCA2-dragers. Ook vanuit Nederland deden mannen hieraan mee. “Uit de studie blijkt dat mannelijke BRCA2-dragers een duidelijk verhoogd risico op prostaatkanker hebben. Ook hebben zij, als ze prostaatkanker krijgen, vaker een agressievere prostaattumor dan andere mannen met prostaatkanker”, vertelt Margreet Ausems.

(bron foto pixabay)

Borst- en eierstokkanker

BRCA1- en BRCA2-mutaties waren tot nu toe vooral bekend als foutjes in de genen die bij vrouwen leiden tot een verhoogd risico op borst- en eierstokkanker. Ieder mens heeft BRCA-genen. Een foutje in het BRCA1- of BRCA-2-gen leidt bij vrouwen tot een verhoogd risico op borstkanker, en op eierstokkanker. 

Elk kind van een ouder met een BRCA-genmutatie heeft vijftig procent kans om dit te erven. Dat geldt ook voor jongens. De IMPACT-studie laat zien dat mannen met een BRCA2-mutatie een duidelijk verhoogd risico op prostaatkanker hebben. Zij kunnen daarom baat hebben bij screening. “Door te screenen, kun je prostaatkanker eerder ontdekken. Dat heeft het voordeel dat je bijtijds kunt ingrijpen”, vertelt Margreet. “Natuurlijk blijft het belangrijk om ook de nadelen van screening goed te bespreken, omdat je daarmee ook onschuldige tumoren kunt ontdekken die niet snel tot klachten leiden.”

PSA-waarde

Vanaf nu krijgen mannen van tussen de 45 en 69 jaar van wie bekend is dat zij drager zijn van een BRCA2-mutatie het advies om eens per twee jaar hun PSA-waarde te laten controleren. Zij kunnen hiervoor contact opnemen met hun huisarts. Een verhoogde PSA-waarde kan op prostaatkanker wijzen. Bij een PSA hoger dan 3.0 ng/ml is een verwijzing nodig naar een uroloog voor vervolgdiagnostiek. 

De afdeling genetica van het UMC Utrecht zal deze maand mannen van wie onlangs of langer geleden is gebleken dat zij drager zijn van een BRCA2-mutatie een brief sturen met dit advies. Mannen bij wie de afdeling genetica vanaf nu vaststelt dat zij drager zijn, krijgen in het uitslaggesprek met de klinisch geneticus deze informatie. Dit geldt niet voor mannen met een BRCA1-mutatie. Voor hen is namelijk niet duidelijk of het risico op prostaatkanker verhoogd is. Ook de andere afdelingen genetica in Nederland zullen dit nieuwe beleid bespreken met mannelijke BRCA2-dragers.

Urologen en oncologen

Samen met collega-deskundigen verzorgde Margreet in maart een themanummer van het Tijdschrift voor Urologie over genetische aspecten bij prostaatkanker. Ook ontving zij eind 2019 van KWF Kankerbestrijding een beurs om zorgverleners die mannen met prostaatkanker behandelen – urologen en oncologen – en verpleegkundig specialisten scholing aan te bieden over erfelijke prostaatkanker. Doel is hen te leren genetisch onderzoek te bespreken met mannen die voor een DNA-test in aanmerking komen.
Informatie over DNA-onderzoek bij prostaatkanker is ook te vinden op de websites van de patiëntenverenigingen Borstkankervereniging Nederland (BVN)/Oncogen (www.brca.nl), op ProstaatKankerStichting.nl  en Hebon. Het nieuwe advies voor BRCA2-positieve mannen is opgesteld door de Werkgroep Oncologische Urologie van de Nederlandse Vereniging voor Urologie en de Werkgroep Klinische Oncogenetica van de Vereniging Klinische Genetica Nederland. Ook is het advies voorgelegd aan het Nederlands Huisartsen Genootschap.

Bron: UMC Utrecht
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij geneesmiddel­keuze

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.