Selectie of loting: ‘Bereid studenten goed voor op wat het artsenvak écht inhoudt’

mm
Frank van Wijck
Redactioneel,
20 november 2017

De beste artsen voor de toekomst eruit zien te lichten: dat is wat selectie aan de poort bij de studie geneeskunde beoogt. Maar selectie werkt onvoldoende om voorkeur boven loting te rechtvaardigen, zo blijkt uit promotieonderzoek. Het lijkt een betere optie om realistische verwachtingen te scheppen bij studenten in spé over wat het artsenvak werkelijk behelst – bijvoorbeeld door goede voorlichting en intensief proefstuderen. ‘Het dwingt studenten om zich goed te oriënteren en een verantwoorde keuze te maken.’

Selectie aan de poort werkt niet zo goed als gehoopt om voor de studie geneeskunde tot de beste artsen voor de toekomst te komen. Tot deze conclusie komt dr. Nienke Schripsema op basis van haar promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Er is niet genoeg bewijs om de voorkeur voor selectie bij de geneeskundeopleiding boven loting te onderbouwen, stelt ze. De verschillen in studieprestaties van studenten die waren toegelaten op basis van de verschillende toelatingsprocedures waren klein. ‘Het probleem is niet dat bij de selectie naar de verkeerde dingen wordt gekeken’, zegt ze. ‘Het punt is gewoon dat zich heel veel mensen aanmelden die wel geschikt zijn voor de studie. De meerwaarde van selectie is dus klein. In de vooropleiding goede cijfers gehaald hebben – een acht gemiddeld – is voor prestaties in de preklinische fase wel een goede indicator, maar het is niet voldoende om tot een keuze te komen.’

Dezelfde competenties
Wat werkt dan wel? ‘In Groningen gebruiken we het CanMEDS-model van competenties waarover een arts moet beschikken om een goede arts te zijn’, zegt Schripsema. ‘De opleiding is ook op dat model ingericht. Maar het is moeilijk om te bepalen wat precies wel of niet effectief is om de keuze voor de ene of de andere student te bepalen. Er zijn wel wat effecten van selectie aan de poort maar die zijn toch niet heel groot. Bovendien nemen ze in de loop van de studie af, wat ook niet zo vreemd is natuurlijk omdat iedereen hetzelfde studieprogramma doorloopt en dus dezelfde competenties aanleert.’

Te romantisch beeld
Wat in ieder geval belangrijk is, stelt Schripsema, is aankomende studenten goed voorbereiden op wat hen te wachten staat. Ze legt uit: ‘Niemand zal je tegenspreken als je in je omgeving zegt dat je arts wilt worden om mensen beter te maken, dat is een nobel streven tenslotte. Maar met alle chronisch zieken en ouderen in de samenleving gaat het in het artsenvak in veel gevallen allang niet meer om patiënten beter maken. Toch bestaat nog steeds wel dat enigszins romantische beeld over het vak, waarin bovendien ook geld en status kunnen meespelen. Misschien verklaart zo’n onrealistische verwachting van het vak wel het hoge percentage artsen dat op enig moment een burn-out krijgt.’

Curriculum gericht op de toekomst
In Groningen is drie jaar geleden een nieuw curriculum van start gegaan, waarin is uitgegaan van hoe de zorg er vanaf 2020 uit zal zien. ‘In de voorlichting aan nieuwe studenten gaan we ook heel nadrukkelijk in op dat toekomstperspectief’, zegt Schripsema. ‘Niet alleen op die ouderen en die chronisch zieken trouwens maar ook op andere ontwikkelingen zoals substitutie van zorg van tweede naar eerste lijn.’

Verantwoord proefstuderen
Of dit de keuze van aankomende geneeskundestudenten beïnvloedt, is nog niet onderzocht. ‘We merken wel dat van alle studenten die zich aanmelden er uiteindelijk toch een paar honderd afvallen voordat de selectie daadwerkelijk plaatsvindt’, zegt Schripsema. ‘Maar dit heeft natuurlijk ook te maken met het gegeven dat de procedure waaraan we deze mensen onderwerpen echt wel wat van hen vergt. Het gaat om een tijdsbesteding van veertig tot zestig uur voor de voorbereiding op de selectiedag. Het is dus echt wel meer dan alleen een vinkje zetten en dan mag je op de selectiedag komen. En dat dit een aantal mensen stimuleert om uiteindelijk toch een andere keus te maken, is natuurlijk ook iets dat je als positief kunt bestempelen. Deze vorm van proefstuderen is dus in ieder geval een goed middel om mensen een verantwoorde keuze te laten maken. Het dwingt ze om zich goed te oriënteren op wat ze gaan doen. En dan is het misschien net zo goed om maar gewoon weer te loten uit degenen die dit proefstuderen succesvol doorstaan.’

Auteur: Frank van Wijck, Medisch Journalist

 

Deel dit artikel