DOQ

Selectie of loting: ‘Bereid studenten goed voor op wat het artsenvak écht inhoudt’

De beste artsen voor de toekomst eruit zien te lichten: dat is wat selectie aan de poort bij de studie geneeskunde beoogt. Maar selectie werkt onvoldoende om voorkeur boven loting te rechtvaardigen, zo blijkt uit promotieonderzoek. Het lijkt een betere optie om realistische verwachtingen te scheppen bij studenten in spé over wat het artsenvak werkelijk behelst – bijvoorbeeld door goede voorlichting en intensief proefstuderen. ‘Het dwingt studenten om zich goed te oriënteren en een verantwoorde keuze te maken.’

Selectie aan de poort werkt niet zo goed als gehoopt om voor de studie geneeskunde tot de beste artsen voor de toekomst te komen. Tot deze conclusie komt dr. Nienke Schripsema op basis van haar promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen. Er is niet genoeg bewijs om de voorkeur voor selectie bij de geneeskundeopleiding boven loting te onderbouwen, stelt ze. De verschillen in studieprestaties van studenten die waren toegelaten op basis van de verschillende toelatingsprocedures waren klein. ‘Het probleem is niet dat bij de selectie naar de verkeerde dingen wordt gekeken’, zegt ze. ‘Het punt is gewoon dat zich heel veel mensen aanmelden die wel geschikt zijn voor de studie. De meerwaarde van selectie is dus klein. In de vooropleiding goede cijfers gehaald hebben – een acht gemiddeld – is voor prestaties in de preklinische fase wel een goede indicator, maar het is niet voldoende om tot een keuze te komen.’

Dezelfde competenties
Wat werkt dan wel? ‘In Groningen gebruiken we het CanMEDS-model van competenties waarover een arts moet beschikken om een goede arts te zijn’, zegt Schripsema. ‘De opleiding is ook op dat model ingericht. Maar het is moeilijk om te bepalen wat precies wel of niet effectief is om de keuze voor de ene of de andere student te bepalen. Er zijn wel wat effecten van selectie aan de poort maar die zijn toch niet heel groot. Bovendien nemen ze in de loop van de studie af, wat ook niet zo vreemd is natuurlijk omdat iedereen hetzelfde studieprogramma doorloopt en dus dezelfde competenties aanleert.’

Te romantisch beeld
Wat in ieder geval belangrijk is, stelt Schripsema, is aankomende studenten goed voorbereiden op wat hen te wachten staat. Ze legt uit: ‘Niemand zal je tegenspreken als je in je omgeving zegt dat je arts wilt worden om mensen beter te maken, dat is een nobel streven tenslotte. Maar met alle chronisch zieken en ouderen in de samenleving gaat het in het artsenvak in veel gevallen allang niet meer om patiënten beter maken. Toch bestaat nog steeds wel dat enigszins romantische beeld over het vak, waarin bovendien ook geld en status kunnen meespelen. Misschien verklaart zo’n onrealistische verwachting van het vak wel het hoge percentage artsen dat op enig moment een burn-out krijgt.’

Curriculum gericht op de toekomst
In Groningen is drie jaar geleden een nieuw curriculum van start gegaan, waarin is uitgegaan van hoe de zorg er vanaf 2020 uit zal zien. ‘In de voorlichting aan nieuwe studenten gaan we ook heel nadrukkelijk in op dat toekomstperspectief’, zegt Schripsema. ‘Niet alleen op die ouderen en die chronisch zieken trouwens maar ook op andere ontwikkelingen zoals substitutie van zorg van tweede naar eerste lijn.’

Verantwoord proefstuderen
Of dit de keuze van aankomende geneeskundestudenten beïnvloedt, is nog niet onderzocht. ‘We merken wel dat van alle studenten die zich aanmelden er uiteindelijk toch een paar honderd afvallen voordat de selectie daadwerkelijk plaatsvindt’, zegt Schripsema. ‘Maar dit heeft natuurlijk ook te maken met het gegeven dat de procedure waaraan we deze mensen onderwerpen echt wel wat van hen vergt. Het gaat om een tijdsbesteding van veertig tot zestig uur voor de voorbereiding op de selectiedag. Het is dus echt wel meer dan alleen een vinkje zetten en dan mag je op de selectiedag komen. En dat dit een aantal mensen stimuleert om uiteindelijk toch een andere keus te maken, is natuurlijk ook iets dat je als positief kunt bestempelen. Deze vorm van proefstuderen is dus in ieder geval een goed middel om mensen een verantwoorde keuze te laten maken. Het dwingt ze om zich goed te oriënteren op wat ze gaan doen. En dan is het misschien net zo goed om maar gewoon weer te loten uit degenen die dit proefstuderen succesvol doorstaan.’

Auteur: Frank van Wijck, Medisch Journalist

 

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Apothekers krijgen vergoeding voor therapietrouw­gesprekken

Therapietrouwgesprekken door apothekers worden in Noord-Limburg bij wijze van proef vergoed. Apotheker Erna Mombarg legt uit wat deze gesprekken opleveren. “Ik krijg uit het hele land van collega’s reacties: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’”

Als oorlog de zorg op de proef stelt

Bij een grootschalig conflict zullen ook Nederlandse ziekenhuizen grote aantallen gewonde militairen moeten opvangen. Traumachirurg en militair Eelco Huizinga vertelt wat dat van de zorg kan vragen. “Als zorgprofessional moet je je afvragen: wat wordt er van mij verwacht?”

Wacht niet tot de patiënt zich uitspreekt

Patiënten lijken tegenwoordig mondiger dan ooit. Maar vijftig jaar onderzoek laat een ander beeld zien. Mondigheid blijkt bovendien niet alleen iets van de patiënt: ook de zorgverlener bepaalt hoeveel ruimte een patiënt krijgt, stelt Sandra van Dulmen.

Casus: vrouw met pijn op de borst na kankerdiagnose

Een 73-jarige vrouw bezoekt de Spoedeisende Hulp vanwege misselijkheid, kortademigheid en acute pijn op de borst. Een paar dagen ervoor kreeg zij te horen dat zij waarschijnlijk uitgezaaide alvleesklierkanker heeft. Wat is uw diagnose?

Gebrek aan samenwerking remt inzet van AI in de zorg

Veel AI-toepassingen voor de zorg bereiken de werkvloer niet. Sara Ben Hmido onderzocht welke barrières implementatie in de weg staan en legt uit waarom samenwerking vanaf het begin cruciaal is. “Als AI-ontwikkelaar moet je vanaf het begin optrekken met zorgverleners.”

Casus: vrouw met symptomatisch galsteenlijden zonder cholecystitis

Een 41-jarige vrouw bezoekt de SEH vanwege buikpijn. Echografie van het abdomen toont een dunwandige galblaas gevuld met concrementen en verwijde galwegen. De radioloog concludeert dat er sprake is van choledocholithiasis zonder cholecystitis. Wat is uw beleid?

Voorkom aangeleerde hulpe­­loosheid: laat zorgprofessionals zelf met oplos­­singen komen

Als zorgprofessionals herhaaldelijk ervaren dat hun inbreng niets verandert, kunnen ze stoppen met meedenken. Kjeld Aij legt uit hoe kleine verbeteringen en meer invloed op de werkvloer aangeleerde hulpeloosheid kunnen voorkomen. “Er is bijna altijd enige invloed, hoe klein ook.”

Op het spoor van een intoxicatie

Volgens SEH-arts en toxicoloog Femke Gresnigt ontbreekt een intoxicatie nog te vaak in de differentiaaldiagnose. “Soms denken we daar pas aan als andere oorzaken zijn uitgesloten. Dan kan er al kostbare tijd verloren zijn gegaan.”

Casus: progressieve kortademigheid na embolisatie van een varicocele

Een 36-jarige man presenteert zich op de SEH met toenemende kortademigheid, hoesten, algehele malaise en koorts. Negen dagen ervoor heeft hij een endovasculaire embolisatie met cyanoacrylaat ondergaan vanwege een symptomatische varicocele. Wat is uw diagnose?

Meer halen uit bestaande medicijnen

Een verminderde nierfunctie betekende lange tijd dat pemetrexed geen behandeloptie was. Rob ter Heine en Nikki Bleijs-de Rouw onderzochten hoe dit toch veilig kan worden ingezet en lieten zien hoeveel winst te behalen valt met onderzoek naar bestaande geneesmiddelen.