DOQ

‘Start binnen een maand na beroerte met transcraniële magnetische stimulatie’

Transcraniële magnetische stimulatie (TMS) heeft een positieve invloed op herwinnen van de armfunctie na een beroerte, schrijft Eline van Lieshout in haar proefschrift. “De kwaliteit van leven is positief gerelateerd aan verbeteringen in de armfunctie, dus is het belangrijk de behandeling van de armfunctie ook na revalideren voort te zetten.” Van Lieshout promoveerde voor de zomer aan de Universiteit Utrecht.

40 duizend Nederlanders per jaar, meer dan honderd per dag, krijgen een beroerte. Daarbij verdwijnt bij een deel van de hersenen de zuurstoftoevoer als gevolg van een stolsel of bloeding. Delen van het lichaam kunnen daardoor uitvallen, zoals functies van de arm. Hoewel een deel van de beroertes van voorbijgaande aard is, houdt ongeveer de helft van alle patiënten met een beroerte last van een functievermindering in de arm. De gevolgen voor het dagelijks functioneren zijn groot: patiënten zijn vaker aangewezen op de hulp van anderen, met als gevolg een lagere kwaliteit van leven.

Psycholoog Eline van Lieshout (Happix fotograaf Jorinde)

Onafhankelijk functioneren

Voor patiënten met deze vorm van functievermindering zijn er na de acute fase nog geen revalidatiebehandelingen beschikbaar die direct invloed uitoefenen op hersenniveau. Kennis van het herstel van de armfunctie is daarom belangrijk voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen, zegt Eline van Lieshout, promovendus bij het Kenniscentrum Revalidatiegeneeskunde Utrecht. “Er zijn veel taken in het dagelijks leven waarbij de armfunctie belangrijk is, waardoor iemand onafhankelijk kan functioneren. Het gebied van de arm in de hersenen is goed te bereiken met niet-invasieve hersenstimulatie.” Van Lieshout deed daarom onderzoek naar de waarde van metingen van de armfunctie en het gebruik van niet-invasieve hersenstimulatie bij de revalidatie.

“Het is belangrijk de behandeling van de armfunctie ook na revalideren voort te zetten”

Reikbeweging

Van Lieshout richtte zich bij haar onderzoek op de waarde van diverse metingen van armfunctie bij patiënten en in diermodellen. Daaruit bleek de reikbeweging, het reiken naar een voorwerp op een plateau, een waardevolle taak te zijn om herstel van de armfunctie te beoordelen bij mensen en dieren na een beroerte. Daarnaast onderzocht zij de waarde van zelfrapportage. Tot slot blijkt de armfunctie een belangrijke voorspellende waarde te zijn voor de kwaliteit van leven na drie maanden.

Kwaliteit

“Zelfrapportage kan worden gebruikt als aanvulling op observationele metingen door een clinicus en kan meer inzicht geven in het perspectief van de patiënt”, schrijft Van Lieshout in haar proefschrift. Bovendien lijkt monitoren en behandelen van de armfunctie in de periode van drie maanden na de beroerte bij te kunnen dragen aan een hogere kwaliteit van leven. “De kwaliteit van leven is positief gerelateerd aan verbeteringen in de armfunctie, dus is het belangrijk de behandeling van de armfunctie ook na revalideren voort te zetten.”

“Als je een ontspanningsmoment op deze manier invult tijdens het herstel, zorgt dat ervoor dat mensen anders naar zo’n moment kijken”

Hersenstimulatie

De afgelopen jaren is steeds meer aandacht ontstaan voor het gebruik van repetitieve transcraniële magnetische stimulatie (rTMS) als niet-invasieve manier om de motorische functie te verbeteren na een beroerte. Van Lieshout deed een meta-analyse van de timing van de inzet van deze therapie, waaruit blijkt dat een vroege start van de therapie de kans op verbetering van de armfunctie verhoogt. “Er is een sterke trend te zien: het werkt”, zegt ze. “Maar dan moet wel met de therapie worden gestart binnen de eerste maand na de beroerte.”

Comfortabel

Van Lieshout deed vervolgens kwalitatief onderzoek naar de werkzaamheid van rTMS op grond van interviews met studiedeelnemers. “Over het algemeen ervaren zij de behandeling niet als onprettig”, zegt ze. “Bij andere stimulatiemethoden zorgen de elektrodes vaak voor hoofdpijn. rTMS zorgt voor weinig bijwerkingen.” Sterker nog, zegt de onderzoeker: proefpersonen ervaren de behandeling als comfortabel. “Voor hen is het een ontspanningsmoment in een druk revalidatieschema”, zegt Van Lieshout. “Tijdens de behandeling kunnen ze achterover zitten of liggen, terwijl ze ook aan herstel werken.”

Rustmoment

Die ontspanningsmomenten worden ook aangemerkt als waardevol in de wetenschappelijke literatuur, zegt de promovenda. “Rustmomenten worden daarom ook ingezet in de revalidatiezorg.” Toch is deze specifieke vorm van actieve ontspanning nog waardevoller voor de revalidatie. “Als je een ontspanningsmoment op deze manier invult tijdens het herstel, zorgt dat ervoor dat mensen anders naar zo’n moment kijken.”

“Als we dezelfde taal spreken, levert dat veel meer inzicht op”

Standaardisatie

Het is belangrijk om ontspanningsmomenten in te bouwen in de revalidatiezorg, zegt Van Lieshout. Daarvoor moeten artsen uit het vakgebied hun stem laten horen. “Juist de neurologen en revalidatieartsen zijn vaak betrokken bij commissies en richtlijngroepen, waardoor zij het verschil kunnen maken.” Ook standaardisatie van die richtlijnen speelt een grote rol bij onderzoek naar revalidatie na een beroerte. “Zorg ervoor dat je de meetinstrumenten en definities gebruikt die in de richtlijnen staan”, zegt Van Lieshout. “Om studies met elkaar te vergelijken is het belangrijk dat op een uniforme manier wordt getest. Als we dezelfde taal spreken, levert dat veel meer inzicht op.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Meer aandacht nodig voor de basisarts

In de zorg zijn veel openstaande vacatures en de werkdruk stijgt. Een van de oorzaken: het tekort aan basisartsen. De Jonge Specialist probeert het tij te keren. Maar het is een complex vraagstuk, vertellen bestuursleden Phebe Berben en Leene Vermeulen.

Casus: vrouw die niet kan boeren

Een 23-jarige vrouw klaag over een lang aanhoudend drukkend gevoel achter het sternum, met name na de maaltijd. Het lukt haar dan niet om te boeren. Braken zorgt meestal snel voor verlichting van de klachten. Wat is uw diagnose?

Waarom praten over wat écht telt eerder moet beginnen

In de palliatieve fase ervaren patiënten met gevorderde kanker vaak minder keuzevrijheid dan artsen denken, blijkt uit promotieonderzoek van Daisy Ermers. Gesprekken over wat voor patiënten echt belangrijk is, komen vaak laat op gang.

Weg met de dokter: de positieve werking van natuur op gezondheid

Contact met de natuur kan stress verminderen en het welzijn verbeteren, vertelt huisarts Pim van den Dungen. Een ervaring die hij graag wil delen met andere zorgverleners. Ook in de spreekkamer ziet hij kansen voor natuur in de zorg.

Casus: man met verlies van intimiteit na prostaat­kanker­behandeling

Een 58-jarige man komt bij de medisch seksuoloog vanwege verlies van intimiteit na prostaatkankerbehandeling. Sildenafil heeft een matig effect gehad en de voorgeschreven vacuümpomp gebruikt hij niet. Wat is het meest aangewezen beleid?

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.