DOQ

Status astmaticus: stoppen met roken en goede nazorg

In Nederland worden jaarlijks ongeveer 100 kinderen op de intensive care opgenomen met een ernstige acute astma-aanval (status astmaticus). Promovenda Shelley Boeschoten (Erasmus MC) onderzocht de risicofactoren voor – en uitkomsten van – IC-opname bij kinderen met een status astmaticus. Haar onderzoek benadrukt hoe belangrijk het is dat de verzorgers van de kinderen stoppen met roken én dat de kinderen en hun verzorgers goede nazorg krijgen na de IC-opname.

Bij een status astmaticus is de astma-exacerbatie zo hevig dat de standaardbehandeling voor ernstige acute exacerbaties, bestaande uit continue verneveling van salbutamol in combinatie met systemische corticosteroïden, onvoldoende verlichting van de klachten geeft. De situatie kan zelfs zo ernstig of levensbedreigend zijn dat een kind moet worden opgenomen op de intensive care.

Risicofactoren voor IC-opname

Shelly Boeschoten onderzocht wat de belangrijkste risicofactoren zijn voor opname op een kinder-IC bij een status astmaticus. Hiervoor verrichtte zij een prospectieve multicenter studie onder 221 kinderen die vanwege een ernstige astma-aanval werden opgenomen op een kinder-IC (n=110) of kinderafdeling van het ziekenhuis (n=111).
De studie laat zien dat vooral kinderen die ouder zijn, kinderen die voorafgaand aan opname langer dan een week klachten hebben, en kinderen die zijn blootgesteld aan sigarettenrook een hoger risico hebben op IC-opname.

Opvolging na opname

Boeschoten keek niet alleen naar de risicofactoren voor IC-opname. Zij volgde de kinderen en hun verzorgers ook ná hun opname in het ziekenhuis. Drie tot negen maanden na ontslag verzamelde zij informatie over hun kwaliteit van leven en psychosociale uitkomsten, zoals posttraumatische stresssymptomen. Voor de kinderen onderzocht zij ook de klinische uitkomsten zoals astmasymptomen, medicatiegebruik en heropnames.
Kinderen die waren opgenomen op de kinder-IC hadden evenveel astmasymptomen als kinderen die waren opgenomen op de reguliere kinderafdeling. Wel gebruikten zij meer astmamedicatie en werden zij vaker heropgenomen. De astma-gerelateerde kwaliteit van leven en het voorkomen van posttraumatische stresssymptomen, emotionele problemen en gedragsproblemen was vergelijkbaar tussen de twee groepen kinderen. De verzorgers van de kinderen die op de IC hadden gelegen hadden vaker last van posttraumatische stress symptomen dan de verzorgers van kinderen die werden opgenomen op de kinderafdeling.

“Het is belangrijk dat huisartsen en kinderartsen zich bewust zijn van vermijdbare risicofactoren”

Stoppen met roken

Op basis van haar onderzoek concludeert Boeschoten dat het, waar het gaat om de risicofactoren voor IC-opname, belangrijk is dat huisartsen en kinderartsen zich bewust zijn van vermijdbare risicofactoren. Bij kinderen die al langere tijd ernstige astmasymptomen hebben is het belangrijk om snel en waakzaam te handelen. Daarnaast onderstrepen de studieresultaten het belang van stoppen met roken onder verzorgers van kinderen.
Wat betreft de uitkomsten na de IC-opname beveelt Boeschoten aan dat monitoring van astmasymptomen en psychosociale screening van de kinderen en hun ouders na een IC-opname onderdeel zou moeten uitmaken van de standaardzorg na een IC-opname.

De promotie van Shelley Boeschoten vond plaats op 11 januari 2023 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. De titel van haar proefschrift is ‘A Matter of Life and Breath – Children with severe acute asthma admitted to the pediatric intensive care unit’.
Naast de risicofactoren voor – en uitkomsten van – IC-opname bij een status astmaticus bij kinderen onderzocht zij ook wat de huidige behandelingen zijn van kinderen met een status astmaticus binnen Europese kinder-IC’s en wat de effectiviteit is van een bolus salbutamol intraveneus naast continue intraveneuze toediening van salbutamol op de IC.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij keuze voor geneesmiddel

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes, arts-docent en onderzoeker in het Amsterdam UMC.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.