DOQ

Toediening van zuurstof aan donornieren zorgt voor minder afstoting

Getransplanteerde nieren hebben baat bij extra zuurstof voorafgaand aan de transplantatie. Dat blijkt uit onderzoek van UZ Leuven, UMC Groningen en Oxford University, dat in november is gepubliceerd in The Lancet. De onderzoekers toonden aan dat nieren die zuurstof hadden gekregen, een jaar na de transplantatie veel minder worden afgestoten en vaker overleven. Voor patiënten die een niertransplantatie nodig hebben, is dit een grote stap voorwaarts.

Donornieren kunnen tijdens het wachten op transplantatie op verschillende manieren koud worden bewaard: op ijs of op een machine die een koelvloeistof door de nier pompt. “Tien jaar geleden is al bewezen dat machinebewaring beter is voor de nieren. Wat echter nog niet is onderzocht, is de impact van het zuurstofgebrek dat tijdens koude bewaring optreedt. Intussen heeft onderzoek echter aangetoond dat zuurstofgebrek een belangrijk probleem is in transplantatie”, zegt Sijbrand Hofker, transplantatiechirurg van het UMCG.

(Foto: Pixabay)

Onderzoekers van UZ Leuven, UMCG en Oxford University hebben daarom onderzocht of het toedienen van zuurstof aan een donornier gunstig is voor het orgaan. Elke donor heeft twee nieren die aan twee verschillende ontvangers worden gegeven. De onderzoekers dienden zuurstof toe aan één nier. De andere nier van dezelfde donor kreeg geen zuurstof. Een jaar na de transplantatie controleerden ze de nierfunctie van de ontvanger door te meten hoeveel bloed de nier per minuut kon zuiveren (de zogenaamde glomerulaire filtratiesnelheid).

Minder afsterving en afstoting

Als beide nieren van dezelfde donor na een jaar nog goed functioneerden, was er geen significant verschil in nierfunctie tussen de nieren met en zonder zuurstoftoediening. “Toen we echter keken naar de nieren die in dat jaar helemaal niet meer functioneerden en daarom ‘verloren’ waren, of acute afstotingsverschijnselen vertoonden, was er een verschil. Het relatieve risico op acute afstoting was met bijna de helft verminderd in nieren die zuurstof hadden gekregen, en het nierverlies was sterk verminderd ”, zegt Ina Jochmans, transplantatiechirurg in het UZ Leuven.

Bekend mechanisme

Deze resultaten komen overeen met wat wetenschappers nu weten over het mechanisme waarmee zuurstoftekort schade kan veroorzaken. “Zuurstoftekort vóór transplantatie zet een complexe reactie in gang die een ontstekingsreactie in de nier na transplantatie veroorzaakt”, zegt Jochmans. “Deze ontstekingsreactie kan het orgaan gevoeliger maken voor afstoting. Dit kan op zijn beurt leiden tot littekens in het weefsel, waardoor de nierfunctie afneemt en de nier zelfs helemaal niet meer functioneert.”

‘Hartdood’ of hersendood

Het onderzoek is uitgevoerd op organen van zogenaamde ‘hartdode’ donoren. Dit betekent dat het overlijden van de donor wordt bepaald op basis van het stilvallen van de circulatie. Het hart pompt dus geen bloed meer op het moment van donatie. Deze organen hebben een ernstig zuurstofgebrek voordat de orgaandonatie plaatsvindt. Daarom kunnen ze mogelijk meer baat hebben bij zuurstoftherapie dan organen van ‘hersendode’ donoren, van wie de dood wordt bepaald op basis van neurologische criteria. In de afgelopen jaren is het aantal ‘hartdode’ donoren sneller gestegen dan het aantal hersendode donoren.

Internationale studie

Deze studie werd uitgevoerd binnen het COPE-consortium (Consortium on Organ Preservation in Europe), dat verschillende klinische en fundamentele studies omvat. Het consortium mag rekenen op financiële steun van de Europese Unie. Deze niertransplantatiestudie, waarvan UZ Leuven het hoofdcentrum was, is een van de drie klinische studies binnen het consortium. Alle niertransplantatiecentra in België en Nederland, enkele Engelse niertransplantatiecentra en alle aangesloten donorziekenhuizen namen deel aan dit grootschalige onderzoek.

“Dit consortium is een mooi voorbeeld van het feit dat samenwerken over de landsgrenzen heen loont. Het succes van het consortium is te danken aan het internationale partnerschap en de inzet van zeer veel mensen uit verschillende disciplines”, zegt Rutger Ploeg van Oxford University en coördinator van het COPE-consortium.

Bron: UMCG
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: oude vrouw met gepig­men­teerde huid­afwij­king op de boven­arm

Een 79-jarige vrouw bezoekt de dermatoloog voor beoordeling van een gepigmenteerde huidafwijking op de linker bovenarm. In de kinderjaren is zij ernstig door de zon verbrand. Haar moeder kreeg op 89-jarige leeftijd een melanoom. Wat is uw diagnose?

Het belang van goede ethiek­onder­steuning bij morele twijfels over eutha­nasie­verzoeken

Medisch ethici kunnen artsen helpen om morele stress te verlichten en hen ondersteunen bij een zorgvuldige afweging van complexe euthanasieverzoeken. Soms missen zij echter de competenties om die rol goed in te vullen, stelt medisch ethicus Suzanne Metselaar van Amsterdam UMC.

DRUP-studie laat zien wat off-label doelgerichte thera­pie kan opleveren

Voor patiënten met uitgezaaide kanker zonder reguliere behandelopties kan een specifieke DNA-afwijking soms toch nieuwe kansen bieden, vertelt Karlijn Verkerk. “We hebben inmiddels gezien dat off-labelgebruik echt tot veranderingen in de klinische praktijk kan leiden.”

‘Artsen denken al snel dat een vrouw zich aanstelt’

Monique Steegers ziet dat pijnklachten van vrouwen nog te vaak worden weggewuifd of verkeerd geïnterpreteerd door artsen. Volgens haar leidt dat niet alleen tot vertraagde diagnoses, maar ook tot meer chronische pijn en onnodig leed. “We móeten dit veranderen.”

Carrièresabotage: ‘Het is niet eerlijk en het kan ook jou overkomen’

Jamiu Busari onderzocht het fenomeen carrièresabotage in de medische en academische wereld. Veel respondenten herkenden het direct. Waarom blijft dit soort onrecht vaak onbesproken? “Dit fenomeen raakt ons allemaal.”

Morfine als post­opera­tief alter­natief voor oxycodon: helpt dat eigenlijk?

Apotheker Eward Melis onderzocht of morfine na een operatie veiliger is dan oxycodon als het gaat om langdurig opioïdgebruik, zoals de laatste jaren steeds vaker wordt gesuggereerd. “Ik had dit niet verwacht.”

Casus: vrouw met steeds meer episodes van draaiduizeligheid

Een 52-jarige vrouw, die als tiener menstruele migraine heeft gehad, komt op uw spreekuur vanwege episodes van draaiduizeligheid. Een episodes duurt meestal 30-60 minuten. Er zijn geen duidelijke triggers, zoals hoofdbewegingen. Wat is uw diagnose?

Bewegingsgerichte zorg stimuleert zelfredzaamheid van patiënten

Bewegingsgerichte zorg kan helpen functieverlies tijdens ziekenhuisopname te beperken, vertellen Selma Kok en Fabienne van der Meulen. Dit leidt tot onder andere kortere opnames. Samen vertellen ze over het belang van bewegingsgerichte zorg.

Zorgverleners slaan handen ineen tegen handel in recept­medicatie

Een nieuw protocol helpt voorschrijvers om handel van receptmedicatie bij kwetsbare groepen tegen te gaan. Marleen Horsting en Lennart Wasmoeth lichten de achtergrond hiervan toe. “Op straat wordt pregabaline ook wel ‘madame courage’ genoemd.”

‘Er is zoveel ervarings­kennis onder genees­kunde­student­en, zonde om die niet te gebruiken’

Geneeskundestudenten met een chronische ziekte hebben ervaring als patiënt en weten hoe het is om met een aandoening te leven. Het programma ‘Medische dubbeltalenten’ zet die ervaringskennis in het onderwijs in. Dubbeltalent Soete Meertens vertelt.