Toetreding tot een groepspraktijk en de fiscus

mm
Van Ree Accountants
Redactioneel,
11 mei 2021

Binnen de gezondheidszorg is veelal sprake van enige vorm van samenwerking tussen huisartsen onderling. Juist bij praktijkovername of praktijkoverdracht komen persoonlijke, financiële en fiscale aspecten van de samenwerking naar voren. En bepalen een groot deel van het succes.

Als sprake is van toetreden tot een groepspraktijk is allereerst een persoonlijke klik met de toekomstige collega’s van essentieel belang. Ook zal een vertrekkend huisarts, die zijn of haar praktijk wil overdragen, een opvolger willen zien die past binnen het patiëntenbestand. Daarom is er vaak een periode van samenwerking, voordat praktijkoverdracht plaatsvindt.

Fiscale aspecten samenwerking

Als een huisarts voorafgaand aan een praktijkovername in loondienst treedt, zijn de fiscaal-juridische aspecten helder. Vanuit arbeidsrechtelijk perspectief is het toepassen van tijdelijke contracten veelal wenselijk.

Overeenkomst

Meer aandacht vraagt de samenwerking waarbij niet wordt gekozen voor een dienstverband, maar waarin de huisarts zich als zelfstandige profileert. Hierbij ontbreekt dan het werkgeversgezag. Het onderscheid tussen een medewerker en een zelfstandige is van belang voor arbeidsrecht, de belastingen en verzekeringen. Duidelijk moet zijn dat op basis van de contractuele bepalingen in de overeenkomst de huisarts als zelfstandige optreedt en partijen dus geen arbeidsovereenkomst wensen aan te gaan. Dit voorkomt zoveel mogelijk dat er achteraf met de belastingdienst discussie ontstaat over een mogelijk dienstverband. Dit kan immers leiden tot forse naheffingsaanslagen voor de loonheffingen. Het is dus belang

 

Login om verder te lezen

Nog geen account? Meld u hier gratis aan.

, ,
Deel dit artikel