DOQ

Behandelen in vroege fase RA verandert ziektebeloop

Een tijdelijke behandeling met methotrexaat bij patiënten met artralgie die klinisch verdacht zijn voor reumatoïde artritis in wording zorgt voor minder klachten, blijkt uit de TREAT-EARLIER-studie. “Dit zijn de eerste data die laten zien dat het mogelijk is het beloop van reumatoïde artritis te veranderen door in een vroege fase in te grijpen”, zegt promovenda Doortje Krijbolder (LUMC).

“Op dit moment wordt een behandeling voor reumatoïde artritis (RA) pas ingezet op het moment dat een patiënt al artritis heeft”, vertelt Doortje Krijbolder over de aanleiding van de TREAT-EARLIER-studie. “We kunnen de ziekteactiviteit daarmee redelijk onderdrukken, maar mensen moeten jaren medicatie nemen. En vaak houden zij last van klachten in hun dagelijks functioneren. Sinds een aantal jaar weten we ook dat mensen al klachten hebben voordat de kenmerkende gewrichtsontstekingen bij RA ontstaan. Er zijn bij hen daarvoor soms ook al afwijkingen in het bloed en op MRI te zien.” In deze voorfase van RA, klinisch verdachte artralgie of CSA genoemd, wordt normaal gesproken afgewacht en eventueel pijnstilling gegeven. Door eerder in het ziektetraject, in deze voorfase van RA, al een tijdelijke behandeling in te zetten, is het wellicht mogelijk op lange termijn iets in het ziektebeloop te veranderen. Dat was het idee achter de TREAT-EARLIER-studie, waarvan de resultaten onlangs gepubliceerd zijn in de The Lancet en Krijbolder eerste auteur is.1

“Door eerder in het ziektetraject al een tijdelijke behandeling in te zetten, is er wellicht iets in het ziektebeloop van RA te veranderen”

Promovenda Doortje Krijbolder

Een jaar methotrexaat

Aan de TREAT-EARLIER-studie deden 13 ziekenhuizen in Nederland mee. Alle CSA-patiënten die zich in een van deze ziekenhuizen meldden, werden doorverwezen naar het LUMC. “Wij voerden vervolgens een MRI-scan uit en als daar ontstekingen op te zien waren, kon men meedoen aan de studie.” In totaal includeerde de onderzoeksgroep 236 patiënten. Zij werden gerandomiseerd naar de groep die de behandeling ontving (een eenmalige intramusculaire corticosteroïdinjectie en methotrexaattabletten gedurende een jaar) of naar de placebogroep. “Daarna vervolgden we de patiënten nog een jaar om te evalueren of eventuele positieve effecten van de behandeling te zien.”

“We zagen dat patiënten die de actieve behandeling ontvingen minder gewrichtsontstekingen op MRI hadden, beter functioneerden, minder pijn hadden en minder last hadden van ochtendstijfheid”

Positieve effecten ook in tweede jaar

De studie had twee belangrijke doelen, vertelt Krijbolder. “We wilden nagaan of het mogelijk was de ontwikkeling van RA te voorkomen en of het mogelijk was de klachten van patiënten langdurig te verminderen en hun functioneren te verbeteren.” Dat eerste doel werd helaas niet gehaald. “Ook al zagen we dat behandeling in sommige patiënten het ontstaan van RA iets uitstelde, lukte het niet om de ziekte te voorkomen. Maar we zagen ook dat de patiënten die de actieve behandeling ontvingen minder gewrichtsontstekingen op MRI hadden, beter functioneerden, minder pijn hadden en minder last hadden van ochtendstijfheid. En belangrijk: deze positieve effecten bleven wel bestaan in het tweede jaar van de studie, dus toen de patiënten al gestopt waren met de medicatie.”

“In een verlenging van de studie gaan we kijken wat het effect van de vroege behandeling na vijf jaar is”

Mildere vorm van RA

Hoewel de TREAT-EARLIER-studie veelbelovende resultaten laat zien, is het volgens Krijbolder te vroeg om CSA-patiënten nu al een behandeling met methotrexaat aan te bieden. “We hebben gekeken naar de effecten van vroege behandeling na twee jaar, maar we willen eerst nagaan of deze effecten nog langer aanhouden. In een verlenging van de studie gaan we daarom kijken wat het effect van de vroege behandeling na vijf jaar is. Ook hoop ik bijvoorbeeld dat we dan kunnen laten zien dat de patiënten die uiteindelijk RA ontwikkelden, door deze vroege behandeling wellicht een mildere vorm van RA hebben gekregen. En we zijn nu de eersten die dit aangetoond hebben, maar het zou ook heel fijn zijn als er vanuit andere studies nog bevestiging van onze bevindingen komt.”

“Of het vroeg behandelen een aantrekkelijke optie zal zijn, zal per patiënt verschillen”

Gezamenlijke besluitvorming

Krijbolder denkt dat de benadering zoals onderzocht in de TREAT-EARLIER-studie in de toekomst vooral voor patiënten met een hoger risico op de ontwikkeling van RA interessant zal zijn. “Maar ook dan is dit wel echt iets wat de reumatoloog met zijn patiënt moet bespreken. Er moet goed  uitgelegd worden dat de klachten kunnen verminderen, maar de ontwikkeling van RA niet voorkomen kan worden. Of het vroeg behandelen een aantrekkelijke optie zal zijn, zal per patiënt verschillen. Gezamenlijke besluitvorming is hierbij echt belangrijk.”

Referentie: 1. Krijbolder D, Verstappen M, Van Dijk BT, et al. Intervention with methotrexate in patients with arthralgia at risk of rheumatoid arthritis to reduce the development of persistent arthritis and its disease burden (TREAT EARLIER): a randomised, double-blind, placebo-controlled, proof-of-concept trial. Lancet 2022;400(10348):283-94.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Zorgverleners slaan handen ineen tegen handel in recept­medicatie

Een nieuw protocol helpt voorschrijvers om handel van receptmedicatie bij kwetsbare groepen tegen te gaan. Marleen Horsting en Lennart Wasmoeth lichten de achtergrond hiervan toe. “Op straat wordt pregabaline ook wel ‘madame courage’ genoemd.”

‘Er is zoveel ervarings­kennis onder genees­kunde­student­en, zonde om die niet te gebruiken’

Geneeskundestudenten met een chronische ziekte hebben ervaring als patiënt en weten hoe het is om met een aandoening te leven. Het programma ‘Medische dubbeltalenten’ zet die ervaringskennis in het onderwijs in. Dubbeltalent Soete Meertens vertelt.

Chronische pijn anders bekeken

Oud-huisarts Henk van der Veen stelt dat chronische pijn niet onverklaarbaar is, maar verkeerd wordt beoordeeld. “Patiënten kunnen hun pijn meestal heel precies aanwijzen. Maar artsen doen daar te weinig mee.”

Casus: vrouw met aanhoudende benauwd­heid ondanks inhalatie­medicatie

Een 32-jarige vrouw met astma vanaf de kinderleeftijd wordt verwezen naar de longarts vanwege persisterende benauwdheid en een drukkend gevoel op de borst, ondanks stapsgewijze ophoging van de inhalatiemedicatie. Wat is uw diagnose?

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”