DOQ

Valkuilen bij de behandeling van periodieke paralysen

Herhaaldelijk terugkerende verlammingen, dat is de letterlijke betekenis van ‘periodieke paralysen’, een groep van erfelijke spierziekten waardoor zo’n 150 Nederlanders zijn getroffen. Al sinds zijn coschap neurologie heeft Bas Stunnenberg, nu neuroloog in het Rijnstate, een bijzondere band met deze patiëntengroep. “Hun verhalen spreken tot de verbeelding, grijpen je aan en blijven je bij.”

Periodieke paralysen zijn erfelijke spierziekten die worden veroorzaakt door een genmutatie in de calcium-, natrium- of kaliumkanalen van de skeletspieren. De ziekte debuteert doorgaans op de leeftijd van 10-20 jaar en wordt gekenmerkt door aanvalsgewijze spierzwakte. “Vaak treden de aanvallen op in de vroege ochtend”, vertelt Stunnenberg. “Patiënten worden wakker en merken dat zij hun armen en benen niet kunnen bewegen. Dat is heel beangstigend. Ademhalingsspieren, bulbaire spieren en de hartspier blijven gelukkig gespaard. De spierzwakte kan minuten tot uren aanhouden. Van sommige patiënten weet ik dat zij dusdanig verlamd waren dat zij door de brandweer uit hun huis moesten worden getild om op de SEH behandeld te kunnen worden.”

“Een typisch verhaal is dat van een 18-jarige die na een avondje stappen ’s ochtends wakker wordt met spierzwakte”

Neuroloog Bas Stunnenberg

Uitlokkende factoren

Van oudsher worden periodieke paralysen onderverdeeld in drie subtypen: hypokaliëmische, hyperkaliëmische en normokaliëmische periodieke paralyse. Deze indeling is gebaseerd op de verandering in de serumkaliumconcentratie tijdens een aanval van spierzwakte. Aanvallen correleren sterk met factoren die een intra- of extracellulaire verschuiving van kalium kunnen uitlokken, zoals koolhydraatrijk voedsel, lichamelijke inspanning, stress en blootstelling aan kou. Stunnenberg: “Een typisch verhaal is dat van een 18-jarige die fitnest, pizza eet, zonder jas naar huis fietst na een avondje stappen en ’s ochtends wakker wordt met spierzwakte van de ledematen.”

Diagnostiek

In ons land komt het merendeel van de gevallen van periodieke paralysen voor binnen enkele grote families. “Maar bij 20% van de patiënten ontstaat de spierziekte de novo”, schat Stunnenberg. “Omdat de klinische symptomen van periodieke paralysen niet erg specifiek zijn, kan het lastig zijn om de diagnose te stellen. Bij een eerste aanval van spierzwakte kun je differentiaaldiagnostisch denken aan bijvoorbeeld myasthene en myotone syndromen, metabole myopathieën, inflammatoire polyneuropathieën of functionele neurologische stoornissen.”

“DNA-onderzoek blijft de gouden standaard, maar dit neemt veel tijd in beslag”

‘Long excercise’-test

Bepaalde bevindingen bij neurologisch onderzoek kunnen wijzen in de richting van een periodieke paralyse, zoals afwezige reflexen en soms actiemyotonie van de oogleden, handspieren of tong. Ook veranderingen in de serumkaliumconcentratie tijdens een aanval kunnen duiden op een periodieke paralyse. “Minder bekend bij neurologen is de ‘long exercise’-test bij elektromyografie”, gaat Stunnenberg verder. “Met behulp van deze test kan een periodieke paralyse met een hoge waarschijnlijkheid worden aangetoond of uitgesloten door de pinkmuis uit te putten. Voor en meerdere keren na die inspanning meet je de amplitude van het ‘compound muscle action potential’ (CMAP). Dit is een elektrofysiologische afgeleide van de spierkracht. Een daling van de CMAP-amplitude in rust van meer dan 40% ten opzichte van de uitgangswaarde wordt als afwijkend beschouwd. DNA-onderzoek blijft de gouden standaard, maar dit neemt veel tijd in beslag.”

“Zodra het kalium uit de spieren vrijkomt in het bloed, kan een ‘rebound’-hyperkaliëmie optreden”

Valkuilen bij de behandeling

“Hoewel de relatie tussen het kalium in het bloed en de aanvallen van spierzwakte niet geheel duidelijk is, schuilt juist in het kalium het grote gevaar voor de patiënt”, waarschuwt Stunnenberg. “Tijdens een aanval trekt kalium de spiercellen in of uit, wat kan leiden tot hartritmestoornissen. Er is echter geen absoluut tekort of teveel aan kalium. Afhankelijk van het subtype, kan het kalium worden gecorrigeerd. Bij hypokaliëmische periodieke paralyse gebeurt dit veelal in de thuissituatie met kaliumchloridedrank. Maar bij een ernstige aanval heeft intraveneuze toediening van kaliumchloride in het ziekenhuis de voorkeur. Voorzichtigheid is geboden, want zodra het kalium uit de spieren vrijkomt in het bloed, kan een ‘rebound’-hyperkaliëmie optreden. Bovendien verloopt het herstel van het kalium en de verlammingsverschijnselen niet een-op-een. Daarom moet het kalium frequent worden gemonitord.” De aanvalsbehandeling van hyperkaliëmische periodieke paralyse bestaat uit medicatie die het kalium de cel in drijft, zoals salbutamol. Voor alle subtypen geldt dat aanvallen voorkomen kunnen worden door leefstijlaanpassingen en eventueel medicamenteuze behandeling met de koolzuuranhydraseremmer acetazolamide of het potentere diclofenamide.

Informeer spoedzorgverleners

Patiënten met periodieke paralyse hebben een verhoogd risico op maligne hyperthermie. Stunnenberg: “Hierbij reageren spieren afwijkend op anesthesiegassen en bepaalde spierverslappers. Om die reden is het van belang dat patiënten met periodieke paralyse voorafgaand aan een operatie de betrokken spoedzorgverleners informeren over hun aandoening. Ook doen zij er goed aan altijd een SOS-kaartje met uitleg over hun spierziekte bij zich te dragen.”

Meer informatie? Kijk op https://periodicparalysis.org en www.spierziekten.nl.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Apothekers krijgen vergoeding voor therapietrouw­gesprekken

Therapietrouwgesprekken door apothekers worden in Noord-Limburg bij wijze van proef vergoed. Apotheker Erna Mombarg legt uit wat deze gesprekken opleveren. “Ik krijg uit het hele land van collega’s reacties: ‘Hoe heb je dit voor elkaar gekregen?’”

Als oorlog de zorg op de proef stelt

Bij een grootschalig conflict zullen ook Nederlandse ziekenhuizen grote aantallen gewonde militairen moeten opvangen. Traumachirurg en militair Eelco Huizinga vertelt wat dat van de zorg kan vragen. “Als zorgprofessional moet je je afvragen: wat wordt er van mij verwacht?”

Wacht niet tot de patiënt zich uitspreekt

Patiënten lijken tegenwoordig mondiger dan ooit. Maar vijftig jaar onderzoek laat een ander beeld zien. Mondigheid blijkt bovendien niet alleen iets van de patiënt: ook de zorgverlener bepaalt hoeveel ruimte een patiënt krijgt, stelt Sandra van Dulmen.

Casus: vrouw met pijn op de borst na kankerdiagnose

Een 73-jarige vrouw bezoekt de Spoedeisende Hulp vanwege misselijkheid, kortademigheid en acute pijn op de borst. Een paar dagen ervoor kreeg zij te horen dat zij waarschijnlijk uitgezaaide alvleesklierkanker heeft. Wat is uw diagnose?

Gebrek aan samenwerking remt inzet van AI in de zorg

Veel AI-toepassingen voor de zorg bereiken de werkvloer niet. Sara Ben Hmido onderzocht welke barrières implementatie in de weg staan en legt uit waarom samenwerking vanaf het begin cruciaal is. “Als AI-ontwikkelaar moet je vanaf het begin optrekken met zorgverleners.”

Casus: vrouw met symptomatisch galsteenlijden zonder cholecystitis

Een 41-jarige vrouw bezoekt de SEH vanwege buikpijn. Echografie van het abdomen toont een dunwandige galblaas gevuld met concrementen en verwijde galwegen. De radioloog concludeert dat er sprake is van choledocholithiasis zonder cholecystitis. Wat is uw beleid?

Voorkom aangeleerde hulpe­­loosheid: laat zorgprofessionals zelf met oplos­­singen komen

Als zorgprofessionals herhaaldelijk ervaren dat hun inbreng niets verandert, kunnen ze stoppen met meedenken. Kjeld Aij legt uit hoe kleine verbeteringen en meer invloed op de werkvloer aangeleerde hulpeloosheid kunnen voorkomen. “Er is bijna altijd enige invloed, hoe klein ook.”

Op het spoor van een intoxicatie

Volgens SEH-arts en toxicoloog Femke Gresnigt ontbreekt een intoxicatie nog te vaak in de differentiaaldiagnose. “Soms denken we daar pas aan als andere oorzaken zijn uitgesloten. Dan kan er al kostbare tijd verloren zijn gegaan.”

Casus: progressieve kortademigheid na embolisatie van een varicocele

Een 36-jarige man presenteert zich op de SEH met toenemende kortademigheid, hoesten, algehele malaise en koorts. Negen dagen ervoor heeft hij een endovasculaire embolisatie met cyanoacrylaat ondergaan vanwege een symptomatische varicocele. Wat is uw diagnose?

Meer halen uit bestaande medicijnen

Een verminderde nierfunctie betekende lange tijd dat pemetrexed geen behandeloptie was. Rob ter Heine en Nikki Bleijs-de Rouw onderzochten hoe dit toch veilig kan worden ingezet en lieten zien hoeveel winst te behalen valt met onderzoek naar bestaande geneesmiddelen.