DOQ

Verhoogde corticale arousal geeft vrouwen meer risico op vroegtijdig overlijden

Hoe vaker en langer mensen tijdens hun slaap bijna wakker worden – corticale arousal genaamd– des te groter is de kans dat zij vroegtijdig overlijden. Dit constateert cardioloog dr. Dominic Linz van het Hart- & Vaatcentrum Maastricht, op basis van gegevens van 8000 personen.

Dat dagelijks voldoende slapen onmisbaar is voor een goede gezondheid is al jaren bekend. Bij (chronisch) slaapgebrek liggen concentratieproblemen, irritatie en zelfs hallucineren op de loer. In 2013 toonde de Amerikaanse hersenonderzoekster Maiken Nedergaard aan dat tijdens de slaap het hersenvocht meer afvalstoffen uit de hersenen afvoert dan tijdens het wakker zijn. En recent onderzoek heeft een verband aangetoond tussen langdurig te kort (of te lang) slapen en een verhoogde kans op vroegtijdig overlijden.

Cardioloog dr. Dominic Linz

Kwaliteit van de slaap

“De duur van de slaap zegt daarbij echter niet alles”, stelt Linz. “Wat wij graag wilden weten was in hoeverre de kwaliteit van de slaap mede een rol speelt bij de gezondheid van een persoon. Meer specifiek hebben wij ons daarbij gericht op het fenomeen ‘cortical arousal’. Dat is een toestand waarin je net niet wakker wordt zonder je hier bewust van te zijn, ook niet de andere ochtend. Dat laatste maakt het lastig deze arousal te kwantificeren op basis van de slaapanamnese, dat wat de patiënt zelf vertelt over de kwaliteit van zijn of haar slaap. Je kunt de mate van arousal alleen in kaart brengen met een polysomnografie, een meting van de ademhaling en hersenactiviteit, iets wat alleen in het slaaplaboratorium mogelijk is.”

“Door deze data konden we nagaan in hoeverre de mate van arousal is geassocieerd met de kans op vervroegde sterfte”

Drietal studies

Maar het zat Linz en zijn collega-onderzoekers in Adelaide en Boston mee wat dat betreft. Zij konden beschikken over polysomnografiedata van maar liefst 8000 mensen die hadden deelgenomen aan een drietal grote studies die allen startten met een polysomnografie van de deelnemers. Linz: “Bovendien was van alle deelnemers natuurlijk bij aanvang van de studies zowel de klinische toestand als de leefstijl netjes in kaart gebracht, en waren zij vervolgens gemiddeld ruim tien jaar gevolgd waarbij ook de oorzaak van een eventueel overlijden werd vastgelegd. Die berg data gaf ons de kans om na te gaan in hoeverre naast de duur van de slaap ook de mate van arousal is geassocieerd met de kans op vervroegde sterfte.”

Normaal

Overigens is arousal een normaal onderdeel van de slaap, legt Linz uit. “Ieder gezond mens ervaart tijdens het slapen pakweg tien keer een periode van arousal. Daarbij spelen zowel interne als externe factoren een rol. Externe factoren zijn onder andere blootstelling aan geluid en licht of een te hoge of te lage omgevingstemperatuur. Interne factoren zijn onder andere schommelingen van hormonen tijdens de slaap, bewegingen van de ledematen, pijn, aandoeningen als slaapapneu of hart- en vaatziekten, maar ook het gebruik van sommige medicatie, koffie en alcohol, een jetlag of een slaaptekort.”

“Vrouwen bij wie de slaapduur voor meer dan 6,5% bestond uit arousal, hadden 12,8% kans om gedurende de follow-up te overlijden aan HVZ”

Vroegtijdig overlijden

Uit de gegevens van de 8000 personen – bij aanvang van de studie gemiddeld zo’n 70 jaar oud – bleek dat vooral bij vrouwen een hoge mate van arousal geassocieerd was met een verhoogde kans op vroegtijdig overlijden; zowel overlijden als gevolg van hart- en vaataandoeningen als overlijden in het algemeen. Linz: “Vrouwen bij wie de slaapduur voor meer dan 6,5% bestond uit arousal hadden een kans van 12,8% om gedurende de follow-up te overlijden aan hart- en vaatziekten. Dat was bijna het dubbele van de kans hierop bij vrouwen met minder dan 6,5% arousal. Voor het risico om door welke oorzaak dan ook te overlijden waren de percentages 31,5% bij vrouwen met meer dan 6,5% arousal tegenover 21% bij vrouwen met minder dan 6,5% arousal.”

Afkappunt

Bij mannen bleek 8,5% arousal het afkappunt waarboven het risico op vervroegd overlijden (door hart- en vaatziekten of in het algemeen) was verhoogd. “Mannen met meer dan 8,5% arousal hadden een kans van 13,4% om tijdens de follow-up te overlijden aan hart- en vaatziekten en een kans van 33,7% om te overlijden aan willekeurig welke oorzaak. Voor mannen met minder dan 8,5% arousal waren deze percentages respectievelijk 9,6% en 28%.” Kortom, op basis van deze gegevens kun je zeggen dat een verhoogde mate van arousal vooral bij vrouwen is geassocieerd in een verhoogde kans op vroegtijdig overlijden.

“Welke factoren liggen ten grondslag liggen aan de verhoogde mate van arousal? Is het geluidoverlast, slaapapneu, hartfalen, of een slechte slaaphygiëne?”

Biomarker

“Deze associatie zegt nog niets over oorzaak en gevolg hierbij”, nuanceert Linz. “Je kunt niet stellen dat de verhoogde mate van arousal de oorzaak is van de kans op vroegtijdig overlijden. Voor een deel kan de verhoogde arousal namelijk mogelijk het gevolg van onderliggende aandoeningen, zoals slaapapneu of obesitas, die zelf vroegtijdig overlijden veroorzaken. Op basis van dit onderzoek kunnen we wel de verhoogde arousal mogelijk gaan gebruiken als ‘biomarker’ voor een verhoogd risico op overlijden. Vervolgens moet je dan op individueel niveau uitzoeken welke factor of factoren bij die persoon ten grondslag liggen aan de verhoogde mate van arousal. Is het geluidoverlast? Is het slaapapneu of hartfalen? Is het een slechte slaaphygiëne? Daarna kun je nagaan of en, zo ja, hoe het mogelijk is deze factor of factoren met een gerichte interventie te verminderen.”

“Wearables stimuleren om door te zetten met arousal-verminderende interventies, zoals strijden tegen obesitas, geen alcohol voor het slapen, of geluidswerende maatregelen”

Wearables

Zoals gezegd, het kwantificeren van arousal vergt een meting in het slaaplaboratorium. Linz: “We onderzoeken nu of het ook mogelijk is de mate van arousal betrouwbaar te meten met behulp van weinig belastende ‘wearables’, kleine instrumenten die mensen thuis kunnen gebruiken en die de meetgegevens automatisch doorsturen via een veilige cloud naar het slaaplaboratorium. Die wearables kun je vervolgens ook inzetten om feedback te geven over het effect van een interventie die is ingezet om de arousal te verminderen. Dat kan de persoon in kwestie stimuleren om door te zetten met het strijden tegen de obesitas, geen alcohol meer te drinken voor het slapen gaan of geluidswerende maatregelen in huis te nemen.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”