Log in om uw persoonlijke bookmarks op te kunnen slaan.
Vertragen, verdragen en verbinden in moeilijke gesprekken
In de palliatieve zorg krijg je als arts niet alleen te maken met emoties van de patiënt, maar ook met die van jezelf. “Om in verbinding te blijven, is het van belang je eigen emoties te herkennen en te onderzoeken”, zegt Machteld Muller, psychotherapeut en psycho-oncologisch therapeut. “Het is normaal dat gesprekken met terminale patiënten ook bij jezelf iets losmaken.”
Samen met twee collega’s runt Machteld Muller een praktijk in Breda. “Ongeveer 85% van mijn cliënten bestaat uit mensen met een ernstige ziekte, zoals kanker, ALS, MS of parkinson, én een psychische stoornis. Bijvoorbeeld een posttraumatische stressstoornis of een depressie.” Daarnaast is Muller actief in een palliatief terminaal zorgteam en geeft ze les aan huisartsen over psychische klachten in de palliatief-terminale fase.

“Als je het mij vraagt is het een valkuil om iemand definiëren als ‘borderliner’”
Psychotherapeut Machteld Muller
De dynamiek
“In het gesprek met een terminale patiënt beland je als zorgverlener in een emotionele wisselwerking”, vertelt Muller. “Je reageert op een bepaalde manier op de patiënt, wat invloed heeft op hoe de ander het gesprek ervaart. Die dynamiek zegt niet alleen iets over de patiënt, maar ook over jezelf. Hoe is je eigen hechtingsstijl en wat is jouw persoonlijke geschiedenis? Het is allemaal van invloed op hoe je reageert in bepaalde situaties. De uitdaging is om in contact te blijven met elkaar”, legt Muller uit.
Iemand zien voor wie hij is
“Een collega van me, een SCEN-arts, heeft in haar intervisiegroep geïnventariseerd waar zorgverleners tegenaan lopen in gesprekken met patiënten die een euthanasieverzoek doen. Vooral jonge patiënten of mensen met borderline werden als ‘moeilijk’ ervaren. Maar als je het mij vraagt is het een valkuil om iemand definiëren als ‘borderliner’”, zegt Muller. “In plaats daarvan zou ik deze persoon omschrijven als iemand met klachten of symptomen die passen bij borderline. Door te labelen leg je het ‘probleem’ namelijk bij een ander en vergeet je soms te kijken naar je eigen rol.”
“In de hectiek is er vaak geen tijd om stil te staan bij wat de situatie emotioneel oproept bij de zorgverlener zelf”
Onderliggende behoeftes herkennen
“Elk mens is gericht op verbinding”, zegt Muller. “Toch blijft de interactie tussen mensen vaak steken op praten over gedrag, zonder dat stilgestaan wordt bij de onderliggende behoeftes. Je herkent het vast wel: je wordt boos op je partner of huisgenoot om de rommel in huis, wanneer je thuiskomt na een lange werkdag. Er ontstaat een woordenwisseling over gedrag, terwijl onder die boosheid eigenlijk een verlangen naar rust en erkenning schuilgaat.”
“Ook in situaties rond euthanasie speelt een dynamiek van gedrag en behoeftes”, legt Muller uit. “Wanneer een patiënt zelf al een datum heeft geprikt en de arts ‘alleen nog maar hoeft te tekenen bij het kruisje’, kan dat verschillende reacties oproepen bij de SCEN-arts: sommigen gaan harder werken, anderen zetten juist de hakken in het zand. In die hectiek is er vaak geen tijd om stil te staan bij wat die situatie emotioneel oproept bij de zorgverlener zelf.”
“Het herkennen van je eigen ‘rode knoppen’ helpt om uit vervelende dynamieken te blijven”
Vertragen, verdragen en verbinden
“Om goed met elkaar in gesprek te blijven en naar elkaar te kunnen luisteren is het belangrijk om te voelen wanneer je zelf geraakt wordt in een gesprek”, meent Muller. “Ik spreek altijd over vertragen, verdragen en in verbinding blijven. In plaats van direct te reageren, vertraag je even en merk je bij jezelf bewust op dat een opmerking of een bepaald gedrag iets bij je teweeg brengt. Wat gebeurt er bij jou? Waar word je geraakt? Vervolgens vraag je jezelf af wat je nu nodig hebt om te kunnen verdragen. Bijvoorbeeld een rondje wandelen of erover praten met een collega. Zo zorg je ervoor dat je in verbinding blijft met de ander. “Zelfkennis speelt hierin een grote rol. Het herkennen van je eigen ‘rode knoppen’ – bijvoorbeeld opstandig worden als iemand zegt wat je moet doen, of de neiging tot pleasen – helpt om uit vervelende dynamieken te blijven.”
Maak ruimte
“Mensen zeggen me regelmatig dat ik zo zo’n zwaar vak heb”, vertelt Muller. “Daar word ik altijd een beetje kriegel van. Ieder beroep is op zijn eigen manier zwaar. Maar het is zeker waar dat de emotionele belasting groot kan zijn. Werken met terminale patiënten lijkt misschien vanzelfsprekend als het hoort bij je beroep. Maar dat is het niet. Het is logisch dat daar – ook voor de zorgverlener – emoties bij komen kijken. Daarom is het zo belangrijk om ruimte te maken voor je eigen gevoelens, zodat je het werk op een gezonde manier kunt blijven doen.”


