DOQ

Kinderarts-neonatoloog dr. De Jong: ‘Voorlichting over hart- en vaatziekten kan vroeggeborene op latere leeftijd helpen’

Kinderarts-neonatoloog Miranda de Jong van het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht promoveerde op 29 maart aan de Vrije Universiteit Amsterdam op haar proefschrift Endocrine and metabolic consequences of preterm birth during early childhood. De Jong onderzocht of risicofactoren voor hart- en vaatziekten al op jonge leeftijd aantoonbaar zijn bij kinderen die te vroeg geboren werden. Het antwoord luidt: Ja.

Bekend is dat vroeggeboorte op lange termijn gevolgen heeft voor de gezondheid, vooral geboorte vóór een zwangerschapsduur van 32 weken. Volwassenen die te vroeg werden geboren, hebben een verhoogd risico op hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2. Dr. De Jong: “Een van de oorzaken hiervan is dat er na de geboorte allerlei aanpassingen plaatsvinden in het lichaam van het te vroeg geboren kind, die helpen om te overleven buiten de baarmoeder. Deze aanpassingen veroorzaken echter permanente veranderingen in de hormoonhuishouding en de stofwisseling, die in het latere leven verband houden met hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten en diabetes mellitus type 2.”

Vroeggeborene

De Jong onderzocht of de risicofactoren al op peuterleeftijd aantoonbaar zijn. De kinderen in het onderzoek werden allemaal geboren vóór een zwangerschapsduur van 32 weken en hadden een geboortegewicht onder de 1500 gram. Tijdens de eerste twee levensjaren werden een aantal hormonale regelmechanismen gemonitord, evenals de aanwezigheid van onder meer verhoogde bloeddruk, verhoogde triglyceridenwaarde, verlaagde HDL-cholesterolwaarde en verhoogde glucosewaarde. Deze werden vergeleken met eerder verzamelde gegevens van niet te vroeg geboren leeftijdgenootjes.

Hoogte bloeddruk

Op de leeftijd van twee jaar hadden de te vroeg geboren kinderen gemiddeld een hogere glucosewaarde dan kinderen geboren na een normale zwangerschapsduur”, zegt De Jong. “Ook hadden de te vroeg geboren kinderen vaker een verhoogde bloeddruk. Er bleek een verband te bestaan tussen het stresshormoon cortisol en de hoogte van de bloeddruk. Dit kan erop wijzen dat veranderingen in hormonale regelmechanismen al op jonge leeftijd een rol kunnen spelen bij een verhoogde bloeddruk bij te vroeg geboren kinderen.”

Adviezen over leefstijl

Het risico op aandoeningen is dus inderdaad al heel vroeg zichtbaar. De Jong legt uit waarom dit nuttige en belangrijke kennis is. “Nu we dit weten, kunnen we ouders, en later ook de te vroeg geboren kinderen zelf, voorlichten over het risico op hart- en vaatziekten en adviezen geven over leefstijl en voeding. Die adviezen zouden zich vooral kunnen richten op het vermijden van bijkomende risicofactoren voor hart- en vaatziekten, zoals overgewicht en roken.” Zij stelt in haar promotieonderzoek dat artsen een belangrijke rol in deze voorlichting en in de screening op risicofactoren hebben. “Niet alleen op de kinderleeftijd, maar ook tijdens de volwassenheid.”

Bron: Albert Schweitzer ziekenhuis
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: oudere dame met opvallende moedervlek

Een 75-jarige dame komt op uw spreekuur om een nieuw ontstane, opvallende moedervlek op het bovenbeen te laten onderzoeken. Ze heeft er geen last van, maar vraagt zich af of het kwaad kan. Wat is uw diagnose?

Morele stress te lijf gaan door in actie te komen

In haar boek De dappere dokter behandelt huisarts, coach en auteur Marga Gooren morele en emotionele stress in het dokterschap. Ze biedt ook handvatten en oefeningen om daar iets aan te doen. “Mijn boodschap is dat je wél in actie kunt komen.”

Veilige zorg begint met begrijpelijke communicatie

Voor passende zorg is het overbruggen van taalbarrières essentieel. Hoe je dat doet, is te vinden in de nieuwe richtlijn ‘Omgaan met taalbarrières in de zorg en het sociaal domein’. Jako Burgers: “Als communicatie hapert, kan de zorg onveilig worden.”

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij geneesmiddel­keuze

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.