DOQ

Witte bloedcellen als biomarkers voor chronische reumatische aandoeningen

Witte bloedcellen kunnen een rol spelen als biomarkers bij de behandeling van reuscel-arteritis en polymyalgia reumatica. Dat is de conclusie van Yannick van Sleen, die recent succesvol zijn proefschrift verdedigde bij de Rijksuniversiteit Groningen. Volgens Van Sleen en zijn collega’s kan de soort en hoeveelheid witte bloedcellen al vroeg in het ziekteproces worden gezien als klinische biomarker. 

Reuscel-arteritis (RCA) en polymyalgia rheumatica (PMR) zijn chronische, vaak overlappende aandoeningen waarbij ontstekingen ontstaan in slagaders en gewrichten. Ze kunnen leiden tot symptomen zoals hoofdpijn en gewrichtspijn, maar kunnen ook ernstige complicaties tot gevolg hebben, zoals blindheid en aneurysmata. De standaardtherapie voor RCA en PMR is een langdurige behandeling met prednisolon. Dit middel onderdrukt het afweersysteem, maar veroorzaakt daardoor ernstige bijwerkingen. Omdat het nog onduidelijk is hoe RCA en PMR ontstaan, onderzocht Van Sleen de rol van macrofagen en monocyten. Deze komen bij RCA en PMR in grote aantallen voor. Die kennis kan leiden tot nieuwe behandelmethoden.  

(bron: iStock)

Verschuiving 

Van Sleen en zijn collega’s maten bij RCA- en PMR-patiënten de samenstelling van witte bloedcellen in het bloed. Dat deden ze voor, tijdens en na behandeling met prednisolon. De onderzoekers zagen bij de patiënten een ‘myeloïde verschuiving’: zij hadden meer monocyten en neutrofielen, maar minder B- en NK-cellen in het bloed. Die bevinding wordt geassocieerd met een verouderd immuunsysteem, dat mogelijk wijst op een sluimerend ontstekingsproces dat voorafgaat aan het ontstaan van RCA en PMR. Dit ontstekingsproces onder de oppervlakte bevestigen de onderzoekers; zij vonden biomarkers van systemische ontsteking, macrofagen en angiogenese in het bloed van RCA-patiënten. Een prednisolonbehandeling had een sterk onderdrukkend effect op veel van die biomarkers. 

Heterogene macrofagen 

De onderzoekers ontdekten daarnaast verschillen tussen de macrofagen in het weefsel op basis van hun locaties. Van Sleen verklaart die heterogeniteit door de lokale aan- of afwezigheid van groeifactoren. Dat is een mogelijk aanknopingspunt voor nieuwe therapieën zoals het gericht uitschakelen van macrofagen, waardoor minder weefseldestructie plaatsvindt. Bovendien zouden onderzoekers de macrofagen dankzij hun heterogeniteit kunnen volgen met PET-CT-scans. Dat geeft meer inzicht in de ontwikkeling van het ziekteproces. 

Klinische implicaties 

Van Sleen en zijn collega’s denken dat andere onderzoekers die inzichten kunnen gebruiken voor het ontwikkelen van nieuwe therapieën. Hun onderzoek laat zien dat de hoeveelheid witte bloedcellen al vroeg in het ziekteproces kan worden gezien als klinische biomarker, specifiek voor RCA en PMR. Dat kan actieve ziekte en opflakkering van weefselontsteking eerder aantonen. Zo leidt het onderzoek van Van Sleen en zijn collega’s uiteindelijk tot gerichtere therapieën en daarmee het voorkomen van complicaties. Maar daarvoor is nog wel vervolgonderzoek nodig. 

Klik hier voor het proefschrift van Yannick van Sleen https://www.rug.nl/about-ug/latest-news/events/promoties/?hfId=119461 

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: oude vrouw met gepig­men­teerde huid­afwij­king op de boven­arm

Een 79-jarige vrouw bezoekt de dermatoloog voor beoordeling van een gepigmenteerde huidafwijking op de linker bovenarm. In de kinderjaren is zij ernstig door de zon verbrand. Haar moeder kreeg op 89-jarige leeftijd een melanoom. Wat is uw diagnose?

Het belang van goede ethiek­onder­steuning bij morele twijfels over eutha­nasie­verzoeken

Medisch ethici kunnen artsen helpen om morele stress te verlichten en hen ondersteunen bij een zorgvuldige afweging van complexe euthanasieverzoeken. Soms missen zij echter de competenties om die rol goed in te vullen, stelt medisch ethicus Suzanne Metselaar van Amsterdam UMC.

DRUP-studie laat zien wat off-label doelgerichte thera­pie kan opleveren

Voor patiënten met uitgezaaide kanker zonder reguliere behandelopties kan een specifieke DNA-afwijking soms toch nieuwe kansen bieden, vertelt Karlijn Verkerk. “We hebben inmiddels gezien dat off-labelgebruik echt tot veranderingen in de klinische praktijk kan leiden.”

‘Artsen denken al snel dat een vrouw zich aanstelt’

Monique Steegers ziet dat pijnklachten van vrouwen nog te vaak worden weggewuifd of verkeerd geïnterpreteerd door artsen. Volgens haar leidt dat niet alleen tot vertraagde diagnoses, maar ook tot meer chronische pijn en onnodig leed. “We móeten dit veranderen.”

Carrièresabotage: ‘Het is niet eerlijk en het kan ook jou overkomen’

Jamiu Busari onderzocht het fenomeen carrièresabotage in de medische en academische wereld. Veel respondenten herkenden het direct. Waarom blijft dit soort onrecht vaak onbesproken? “Dit fenomeen raakt ons allemaal.”

Morfine als post­opera­tief alter­natief voor oxycodon: helpt dat eigenlijk?

Apotheker Eward Melis onderzocht of morfine na een operatie veiliger is dan oxycodon als het gaat om langdurig opioïdgebruik, zoals de laatste jaren steeds vaker wordt gesuggereerd. “Ik had dit niet verwacht.”

Casus: vrouw met steeds meer episodes van draaiduizeligheid

Een 52-jarige vrouw, die als tiener menstruele migraine heeft gehad, komt op uw spreekuur vanwege episodes van draaiduizeligheid. Een episodes duurt meestal 30-60 minuten. Er zijn geen duidelijke triggers, zoals hoofdbewegingen. Wat is uw diagnose?

Bewegingsgerichte zorg stimuleert zelfredzaamheid van patiënten

Bewegingsgerichte zorg kan helpen functieverlies tijdens ziekenhuisopname te beperken, vertellen Selma Kok en Fabienne van der Meulen. Dit leidt tot onder andere kortere opnames. Samen vertellen ze over het belang van bewegingsgerichte zorg.

Zorgverleners slaan handen ineen tegen handel in recept­medicatie

Een nieuw protocol helpt voorschrijvers om handel van receptmedicatie bij kwetsbare groepen tegen te gaan. Marleen Horsting en Lennart Wasmoeth lichten de achtergrond hiervan toe. “Op straat wordt pregabaline ook wel ‘madame courage’ genoemd.”

‘Er is zoveel ervarings­kennis onder genees­kunde­student­en, zonde om die niet te gebruiken’

Geneeskundestudenten met een chronische ziekte hebben ervaring als patiënt en weten hoe het is om met een aandoening te leven. Het programma ‘Medische dubbeltalenten’ zet die ervaringskennis in het onderwijs in. Dubbeltalent Soete Meertens vertelt.