Bloeddruk-streefwaarde afhankelijk van meest urgente cardiovasculaire voorval

mm
Daniël Dresden
Redactioneel,
20 oktober 2021

De systolische en diastolische bloeddruk hebben uiteenlopende effecten op het risico op verschillende cardiovasculaire voorvallen. Deze resultaten van de ALLHAT-studie wijzen erop dat de streefwaarde voor de bloeddruk bij een individuele patiënt deels kan afhangen van het voorval (bijv. hartinfarct of beroerte) waarop de patiënt het meeste risico loopt.

De systolische en diastolische bloeddruk zijn gerelateerd aan het risico op diverse cardiovasculaire voorvallen, maar zijn zelden tegelijkertijd onderzocht. Dat is gedaan in de ALLHAT-studie.

ALLHAT-studie

Bij de ruim 33.000 deelnemers traden tijdens de mediane follow-up van 4,4 jaar 2636 hartinfarcten, 866 voorvallen van congestief hartfalen en 936 beroerten op; 3700 patiënten overleden. Bijna een kwart (24,4%) van de patiënten had minste één voorval.

Voor het samengestelde eindpunt van sterfte door alle oorzaken, hartinfarcten en congestief hartfalen, werd een U-vormige verband met de systolische en diastolische bloeddruk gevonden. De systolische en diastolische bloeddruk die gepaard gingen met de laagste risico’s verschilden echter voor iedere uitkomstmaat. Zo ging een systolische bloeddruk van 140-155 mmHg in combinatie met een diastolische bloeddruk 70-80 mm Hg gepaard met de laagste hazardratio voor sterfte door alle oorzaken, terwijl dit 110-120/85-90 mm Hg was voor hartinfarcten en 125-135/70-75 mmHg voor congestief hartfalen. Daarentegen werd een lineair verband gevonden tussen de systolische bloeddruk en het risico op beroerten.

Commentaar

De meest opvallende bevinding van de ALLHAT-studie is volgens de auteurs v

 

Login om verder te lezen

Nog geen account? Meld u hier gratis aan.

,
Deel dit artikel