DOQ

Huisarts Ter Haar: ‘Ik zie een toekomst voor de huisartsenzorg met een kleinere rol voor de assistente’

Praktijkhouder worden zonder de hoge kosten voor praktijkruimte en assistente. Met minder werkdruk en meer patiëntencontact. Vanuit die motivatie is huisarts Joep ter Haar in Den Haag gestart met Biking Doctors, volgens het concept van Flexdokters. “Of andere jonge huisartsen dit model ook voor zichzelf zien zitten, moeten ze vooral zelf bepalen. Mijn idee is in ieder geval dat het je vrijheid geeft.”

Net als andere jonge huisartsen zag Joep ter Haar na zijn huisartsopleiding een andere toekomst voor zich dan altijd blijven werken als waarnemer. “Ik wilde praktijkhouder worden”, vertelt hij, “maar ik heb kinderen en een hypotheek. Ga ik dan in een eigen praktijkruimte investeren? Ik begin dan met nul patiënten en dus nul inkomen, maar heb wel meteen vaste lasten. Dat vond ik nogal een obstakel.”

Huisarts Joep ter Haar

Praktisch werkbaar

“Wat ik veel interessanter vond”, vervolgt hij, “is de Flexdokters-manier: werken zonder assistente en direct contact met je patiënten. Gewoon zoveel mogelijk naar ze toe gaan, dan is zo’n praktijkruimte veel minder belangrijk en een assistente ook. Op basis daarvan ben ik gaan rekenen hoeveel consulten ik telefonisch of digitaal kan doen om dit praktisch werkbaar te maken. Vervolgens zag ik die bakfiets en toen viel alles op zijn plaats.”

“Het voordeel van die bakfiets is niet alleen dat ik de noodzakelijke spullen kan meenemen, maar dat het ook meteen een reclamezuil is”

Op fiets langskomen op het werk

Het concept van de fietsende dokter (Biking+Doctors) was geboren. Met in de bakfiets alle benodigde hulpmiddelen voor een behandeling aan huis. “Mijn werkomgeving is de Haagse binnenstad, dus een auto is een crime. De binnenstad is dichtbevolkt dus de afstanden zijn klein, en wielrennen is mijn hobby dus fietsen doe ik graag. En het voordeel van die bakfiets is niet alleen dat ik de noodzakelijke spullen kan meenemen, maar dat het ook meteen een reclamezuil is.” Ter Haar komt zo bij patiënten thuis, maar ook op het werk als dit hen beter uitkomt. “De patiënt heeft direct contact met mij”, vertelt hij, “er zit geen laag tussen. Ik werk heel gestructureerd, met vaste terugbelmomenten ’s ochtends, aan het einde van de ochtend, vroeg in de middag en aan het einde van de dag. En uiteraard een 1 voor spoed waarbij ik altijd direct aan de lijn kom.”

Babylon Hotel

Omdat een uitvalsbasis toch nodig is, ging Ter Haar op zoek naar een werklocatie. Die vond hij op een bijzondere manier. “In de Haags binnenstad wordt veel gebouwd, maar de flexplekken die daarmee beschikbaar komen zijn heel duur. Toen zag ik vlakbij station CS het Babylon Hotel. Ik heb gebeld en gezegd: jullie kamers staan leeg en ik heb ruimte nodig, wat kunnen we voor elkaar betekenen? De reactie was positief, want hotels realiseren zich maar al te goed dat het hotelgebruik niet snel zal terugkeren naar het oude niveau. Dus heb ik nu een werkplek in kamer 509. En patiënten die naar mijn praktijk toekomen, worden ontvangen door mensen die servicegericht opgeleid zijn en hen dus vriendelijk tegemoet treden.”

“Tegenover alle uitdagingen staat dat patiënten heel positief reageren op mijn werkwijze. Ze waarderen het directe contact”

Niet volledig digitaal

Zijn er uitdagingen verbonden aan de aanpak die Ter Haar heeft gekozen? “Ja natuurlijk”, erkent hij. “Je moet kunnen multitasken en goed kunnen time-managen. En op regen kun je je kleden, maar als de weersomstandigheden echt heel slecht zijn of je hebt een lekke band, dan is het toch nodig dat je een auto tot je beschikking hebt. Maar tegenover die uitdagingen staat dat patiënten heel positief reageren op mijn werkwijze. Ze waarderen het directe contact. En ik krijg bij mijn bezoek een beeld van hun thuissituatie, dat heeft ook meerwaarde. Daarom heb ik er ook bewust voor gekozen de zorg niet volledig digitaal te bieden, dat vind ik te onpersoonlijk.”

“Ik heb afspraken met andere huisartsen voor spoedsituaties, dus de continuïteit is gewaarborgd”

Eigen beslissingen

Zorgverzekeraar Zilveren Kruis, een van de investeerders in Flexdokters, is enthousiast over de mobiele aanpak van Ter Haar, de Nederlandse Zorgautoriteit eveneens. “Ik zie het als een duurzaam concept”, zegt hij. “De werkdruk is lager, mijn band met de patiënten intensiever. Ik zie echt een toekomst voor de huisartsenzorg waarin de assistente een minder grote rol zal krijgen. Of andere jonge huisartsen dit model ook voor zichzelf zien zitten, moeten ze vooral zelf bepalen. Mijn idee is in ieder geval dat het je vrijheid geeft. Als je in een HOED werkt en je hebt een idee om het beleid te wijzigen, dan moet je alle huisartsen in die HOED daarin meekrijgen. Bovendien heb je de druk van personeel en organisatie. Die heb ik niet en ik neem al mijn beslissingen zelf. En ik heb vrienden die klaarstaan om waar te nemen als ik ziek word, en afspraken met andere huisartsen voor spoedsituaties, dus de continuïteit is gewaarborgd.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘We kunnen in de reguliere zorg veel leren van de asielzoekerszorg’

Huisarts Floris Braat draait spreekuur in diverse asielzoekerscentra in de regio Utrecht en in Ter Apel. Hij heeft een grote affiniteit met de doelgroep. "Ik wilde iets doen met vluchtelingen, me bezighouden met verschillende culturen die ieder hun eigen gezondheidsvraagstukken kennen."

‘Preventie is geen nice to know, maar need to know’

Een projectteam van het UMC Utrecht heeft een routekaart gemaakt naar toekomstbestendig onderwijs waarin preventie structureel is ingebed. Aan het hoofd van dit project stond senior docent Anna Kersten. Zij licht de routekaart toe.

De IC overleefd, maar met welke kwaliteit van leven?

Na een IC-opname kan iemand nog langdurig klachten hebben. Deze klachten hebben een grote impact op diens kwaliteit van leven. Arts in opleiding tot anesthesioloog Lucy Porter (Radboudumc) onderzocht of kan worden voorspeld wat de kwaliteit van leven na de IC is.

Casus: man met erectieproblemen na radicale prostatectomie

Een 58-jarige man heeft negen maanden geleden een radicale prostatectomie ondergaan vanwege een gelokaliseerd prostaatcarcinoom. Sindsdien heet hij ernstige erectieproblemen, waardoor hij gefrustreerd is en vermijdingsgedrag vertoont in de relatie met zijn vrouw. Wat is uw beleid?

Hoe dramaseries artsen kunnen helpen bij morele keuzes

Drie afleveringen van House M.D. of Dexter op een avond kijken, puur voor de ontspanning? Voor zorgprofessionals kan het ook leerzaam zijn. Mediawetenschapper Merel van Ommen onderzocht hoe dramaseries artsen kunnen helpen om beter om te gaan met moreel ingewikkelde situaties.

Onderliggend denkpatroon stuurt voorschrijver bij keuze voor geneesmiddel

Het voorschrijven van geneesmiddelen is een afweging tussen richtlijnen, ervaring en patiëntkenmerken. Indeling in vier voorschrijversprofielen geeft inzicht in de eigen afwegingen. “En het helpt te begrijpen waarom een collega een andere beslissing neemt.” aldus Mariëlle Hartjes, arts-docent en onderzoeker in het Amsterdam UMC.

‘Medicatiebeleid in de laatste levensfase kan beter’

6 op de 10 patiënten in de palliatieve fase krijgt door de huisarts medicatie voorgeschreven die niet langer passend is. Dat blijkt uit een onlangs verschenen factsheet van Nivel en PZNL. “We moeten voorschrijfgewoonten kritisch onder de loep nemen”, zegt Yvonne de Man, senior onderzoeker bij Nivel.

Casus: vrouw met pijnlijke oorschelp

Een 55-jarige vrouw heeft een hoed in haar hand als ze uw spreekkamer binnenkomt. Sinds een maand heeft zij ’s nachts last van pijn aan het linkeroor. Op de oorrand ziet u een nodulus die bij druk zeer pijnlijk is. Wat is uw diagnose?

‘Live well, die well’: rol van vrijwilligers in de laatste levensfase

Vrijwilligers aan het sterfbed in het ziekenhuis maken een groot verschil, stelt Anne Goossensen. Ze luisteren, troosten en verlichten de werkdruk van zorgverleners. “Ze bieden een luisterend oor en zijn aanwezig, zonder haast of medische agenda.”

Waarom melden vrouwen vaker bijwerkingen van medicijnen?

Vrouwen blijken vaker bijwerkingen van medicijnen te melden dan mannen. Onderzoeker Sieta de Vries van het UMC Groningen probeert te achterhalen hoe dit komt. En dat blijkt complexer dan het lijkt.