DOQ

Implicaties van geneesmiddelinteracties met kinaseremmers

Geneesmiddeleninteracties kunnen de systemische biologische beschikbaarheid en farmacokinetiek van veel goedgekeurde small molecule kinaseremmers veranderen. Dat kan leiden tot therapiefalen of (acute) ernstige toxiciteit. Daarom is kennis hiervan essentieel. Dat wordt geboden in een review in The Lancet Oncology 

Sinds het begin van dit millennium hebben kinaseremmers, een nieuwe oncologische geneesmiddelenklasse, een belangrijke rol gekregen bij de behandeling van solide en hematologische maligniteiten. Kinaseremmers resulteren in een stilstand van de celcyclus, induceren apoptose, remmen de angiogenese en moduleren de afweerrespons tegen de tumor. 

Betere werkzaamheid

Sommige kinaseremmers zijn geregistreerd voor specifieke oncogene driver-mutaties, waarvoor moleculaire diagnostiek nodig is. Deze doelgerichte aanpak resulteert vaak in een betere werkzaamheid met een gunstige risico-batenprofiel in vergelijking met chemotherapie. 

(Foto: Pixabay)

Voor- en nadelen kinaseremmers 

De introductie van kinaseremmers heeft geresulteerd in nieuwe uitdagingen. Terwijl de meeste chemotherapeutische medicijnen intraveneus worden toegediend, hebben kinaseremmers een orale toedieningswijze. De orale inname is prettiger voor de patiënt en vergroot de flexibiliteit van de behandeling (bijv. plaats en timing van de inname).  

Daar staat tegenover dat de blootstelling aan kinaseremmers binnen individuele patiënten en tussen patiënten onderling een grote variatie (intra- en inter-patiënt variatie) toont. De blootstelling wordt beïnvloed door vele factoren, zoals interacties met andere geneesmiddelen, gelijktijdig gebruik van voedsel en geneeskrachtige kruiden, genetisch bepaald variatie en leefstijl. Vooral de gastro-intestinale absorptie en het levermetabolisme door cytochroom-P450-isoenzymen liggen ten grondslag aan deze interacties. 

Interacties met voedsel en kruiden 

Voedsel kan een klinisch relevant effect hebben op de blootstelling aan bepaalde geneesmiddelen. Zo wordt de plasmaconcentraties van lapatinib meer dan drie keer zo hoog bij een gelijktijdige consumptie van een vetrijke maaltijd. Daarnaast kunnen specifieke voedingsmiddelen en dranken interacteren met geneesmiddelen.  

Ook enkele kruidenproducten die vaak gebruikt worden door patiënten met kanker, hebben een aanzienlijk potentie om te interacteren met geneesmiddelen. Dergelijke interacties kunnen invloed hebben op de plasmaconcentratie van een geneesmiddel. 

Onvoldoende bewust 

Interacties tussen voedsel en kruiden en geneesmiddelen kunnen leiden tot onvoldoende effectiviteit en zelfs therapiefalen enerzijds of tot ernstige toxiciteit anderzijds. Daarom is kennis van deze interacties essentieel.  

De meeste patiënten en artsen zijn onvoldoende bewust van mogelijke interacties en het potentiële risico hiervan voor de behandeling. Voor een veilige en optimale behandeling van patiënten met kanker is het essentieel dat patiënten en artsen een gedegen kennis van deze interacties hebben. 

Adviezen van geneesmiddelenautoriteiten 

De Amerikaanse (FDA) en Europese geneesmiddelenautoriteiten (EMA) geven adviezen voor het beoordelen van mogelijke voedsel-geneesmiddeleninteracties. Om te bepalen of het al dan niet consumeren van voedsel een klinisch relevante invloed heeft op de plasmaspiegel van een geneesmiddel, past de FDA het bio-equivalentiebereik van 80-125% toe voor het 90%-betrouwbaarheidsinterval van de totale blootstelling, ook wel bekend als de area under the curve (AUC), of de maximale plasmaconcentratie (Cmax). De inname van kinaseremmers in nuchtere toestand dient als referentie. 

Wat betreft het gebruik van kruiden stelt alleen de EMA dat op het moment dat publicaties wijzen op een klinisch relevante interactie, geprobeerd moet worden om een ​​mogelijke geneesmiddeleninteractie te onderzoeken. 

Overzichtsartikel 

Deze review geeft een uitgebreid overzicht van gepubliceerde studies over geneesmiddeleninteracties voor alle tot 1 oktober 2019 geregistreerde kinaseremmers. Het bespreekt de belangrijkste mechanismen die ten grondslag liggen aan deze interacties en biedt duidelijke aanbevelingen voor de aanpak van klinisch relevante interacties in de dagelijkse praktijk. 


Veerman GDM, Hussaarts KGAM, Jansman FGA, et al. Clinical implications of food-drug interactions with small-molecule kinase inhibitors. Lancet Oncol. 2020;21:e265-e279. https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/?term=32359502  

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”

‘Sta eens vaker stil en reflecteer’

Veel artsen lopen vast op vragen over werkdruk, keuzes en werk-privébalans. Shirin Bemelmans-Lalezari pleit daarom voor meer reflectie en open gesprekken over twijfels in de medische loopbaan. “Juist de eigenschappen die veel artsen delen, kunnen later in de weg gaan zitten.”