DOQ

Mechanisme voor toegenomen stressgevoeligheid blootgelegd

Ongeveer zeventig procent van de bevolking is drager van een genetische variant van het serotoninetransporter-gen. Deze genetische variant maakt mensen gevoeliger voor stress en verhoogt het risico op stress-gerelateerde stoornissen zoals depressies. Onderzoek laat zien dat de variatie in dit gen zorgt voor een overdreven angstreactie bij bedreigende situaties.

Onderzoek van het Donders Instituut van het Radboudumc laat zien dat bij mens en rat de variatie in het serotoninetransporten-gen zorgt voor een overdreven angstreactie bij bedreigende situaties. Het onderzoek is gepubliceerd in Proceedings of the National Academy of Sciences (PNAS).

Meer communicatie in brein

In het onderzoek werd gekeken hoe proefpersonen (een deel met en een deel zonder de genetische variant) reageerden op informatie die voorafging aan een milde elektrische schok. Zagen ze een geel vierkantje dan volgde mogelijk een milde schok aan hun vinger. Bij een blauw vierkantje kregen ze nooit een schok. Neurowetenschapper Marloes Henckens: “De proefpersonen leerden deze associatie in de MRI-scanner, zodat de reactie van hun brein op de vierkantjes gemeten kon worden. Daarnaast werd hun hartslag gemeten tijdens het zien van de vierkantjes. Dragers van de genetische variant – die leidt tot lagere niveaus van de serotoninetransporter – vertoonden een sterkere reactie op de gele vierkantjes. Hun hartslag ging sterker omlaag in afwachting van de schok. Ook het cognitieve controlecentrum, de frontale hersenkwab, was minder actief bij hen. Daarnaast nam de communicatie tussen het angstcentrum in het brein, de amandelkern, en de hersenstam toe. Hoe sterker die communicatie, hoe meer de hartslag daalde.”

(Foto: Pixabay)

Angst en bevriezing

De onderzoekers zagen een vergelijkbare angstreactie bij ratten met een uitgeschakelde serotoninetransporter. De ratten leerden dat een specifieke toon een milde schok aan hun voeten voorspelde. Net als de mensen met de genetische variant, lieten deze ratten een sterkere angstreactie zien. Henckens: “Hun hartslag ging sterker omlaag en hun ‘bevriezingsreactie’ hield langer aan. Bevriezing is een reactie die dieren vaak vertonen in een bedreigende situatie. Net als de proefpersonen, lieten de ratten een afname zien in de activiteit van specifieke hersencellen in de frontale hersenkwab. Daarnaast vertoonden ze toegenomen activiteit in een specifiek type hersencel in de amandelkern, waarvan bekend is dat deze communiceert met de hersenstam. En ook in de ratten voorspelde deze sterkere communicatie de gedragsmatige angstreactie. Daarmee leverde de rattenstudie dus een meer gedetailleerd beeld van de onderliggende mechanismen van de angstrespons.”

Minder transporter, meer angst

De versterkte communicatie tussen de amandelkern en hersenstam lijkt daarmee de basis te vormen van de verhoogde angstreactie bij dreiging bij mensen met die genetische variant van de serotoninetransporter. Henckens: “Die link kan verklaren waarom deze individuen vatbaarder zijn voor stressgerelateerde stoornissen.”

Bron: Radboudumc
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Tegenwicht bieden zonder te schreeuwen

Veel adviezen over keel, neus en oren worden al generaties lang doorgegeven, vaak zonder dat ze kloppen. KNO-arts Veronique van den Heuvel maakt korte uitlegvideo’s op social media. Niet om met het vingertje te wijzen, maar om houvast te bieden bij alledaagse klachten.

Casus: vrouw met pijn bij vrijen na de overgang

Een 52-jarige, postmenopauzale vrouw ervaart sinds anderhalf jaar pijn bij het vrijen. Ook heeft ze afnemende seksuele verlangens, wat leidt tot spanningen in de relatie met haar man. Ze heeft nog steeds behoefte aan intimiteit. Wat is uw beleid?

Het vak is prachtig, de randvoorwaarden knellen

De bevlogenheid onder artsen is groot, blijkt uit de Loopbaanmonitor Medisch Specialisten 2024. Tegelijkertijd neemt de ontevredenheid over werkdruk toe. Volgens Kirsten Dabekaussen, voorzitter van De Jonge Specialist, is dat geen tegenstelling, maar een spanningsveld.

Tactvol medicatieadvies geven bij laag­geletterdheid

Moeite met lezen en schrijven leidt geregeld tot verkeerd medicijngebruik, zegt Laura Vlijmincx. Met extra uitleg en eenvoudiger etiketteksten probeert zij dit probleem in de apotheek te verkleinen. “Er heerst een taboe op, dus mensen melden het niet spontaan.”

Jeugdige en brede denktank werkt aan oplossingen voor de zorg

In de Denktank Gezond Verstand werken studenten uit verschillende studierichtingen samen aan oplossingen voor vraagstukken van ziekenhuizen. “Zij leren zo wat nodig is om samen verandering in gang te zetten”, vertelt initiatiefnemer Daantje Gratama.

Farmacogenetica kan bijwerkingen en therapiefalen voorkomen

Onverklaarbare bijwerkingen of het uitblijven van een effect zijn voor apotheker Peter Mourad redenen om farmacogenetisch onderzoek te doen. “Door tijdig rekening te houden met iemand genetische profiel, kan veel onnodige schade worden voorkomen.”

Casus: oudere man met algehele malaise

Een 84-jarige man presenteert zich op de spoedeisende hulp met sinds een week algehele malaise. Daarbij heeft patiënt zeurende pijn in de linkerflank, met uitstraling naar de rug, en last van polyurie. Wat is uw diagnose?

Zorgen voor en over AI bij zorgverleners

De beloftes van AI in de gezondheidszorg zijn groot. Maar AI kent ook nadelen en potentiële gevaren. Met haar theaterstuk ‘Zorgen voor AI’ wil Roanne van Voorst de discussie hierover stimuleren op de werkvloer. “In de praktijk valt de bespaarde tijd meestal tegen.”

Gelijke behandeling betekent niet altijd hetzelfde behandelen

Kinderarts Charlie Obihara schreef samen met zijn vrouw, psycholoog Dorian Maarse, het boek ‘Naar een inclusieve opleiding in de zorg’. “Als de opleiding niet meebeweegt met een steeds diverser wordende samenleving, loop je het risico dat je zorg tekortschiet.”

Aanvrager echo doet vaak geen lichamelijk onderzoek

In meer dan de helft van de gevallen hebben aanvragers van echografie vooraf geen lichamelijk onderzoek verricht. Andreea Pavel: “Wanneer het beschreven lichamelijk onderzoek bij meerdere polibezoeken identiek is, vraag je je af of het wel écht heeft plaatsgevonden.”